Operation Manual

CS250/CS240/CS231 5-11
Bijlage
5
SSL/TLS Afkorting voor Secure Socket Layer/Transport Layer Security. De coderingsmethode
om gegevens op een veilige manier over te dragen tussen de webserver en de web-
browser.
Standaard De basisinstellingen. De instellingen die het eerst werden geselecteerd wanneer de
machine wordt ingeschakeld of de instellingen die het eerst zijn opgegeven wanneer
de functie is geselecteerd.
Standaard gateway Een apparaat, zoals een computer of router, dat wordt gebruikt als een "gateway"
(poort) om toegang te krijgen tot computers die niet op hetzelfde LAN zijn aangeslo-
ten.
Standaardwaarde De instelwaarde die vooraf werd opgegeven op het ogenblik dat de machine de fa-
briek heeft verlaten. Sommige standaardinstellingen kunnen via het instellingenme-
nu worden gewijzigd. Dit is een handige functie wanneer een vaak gebruikte waarde
is ingesteld omdat de standaardinstellingen afhankelijk zijn van de gebruiksomstan-
digheden.
Stuurprogramma Software die werkt als een brug tussen een computer en een randapparaat.
Subnetmasker De eenheid die wordt gebruikt om een TCP/IP-netwerk op te splitsen in kleine net-
werken (subnetwerken). Dit masker wordt gebruikt om het aantal bits in een netwer-
kadres dat hoger is dan het IP-adres, te identificeren.
Subscanrichting De verticale richting voor het scannen van documenten.
Super G3(SG3) Dit is een G3-communicatiemodus die is gestandaardiseerd door ITU-T V.34. De
communicatie kan worden uitgevoerd aan een hogere snelheid (hoge snelheid
33.400bps) dan de snelheid van de gebruikelijke G3-communicatie.
TCP Socket Geeft aan de API voor het netwerk met TCP/IP wordt gebruikt. Een verzendroute
wordt geopend via deze socket om normale bestanden in en uit te voeren.
TCP/IP Afkorting voor Transmission Control Protocol/Internet Protocol. Het de facto stan-
daardprotocol dat IP-adressen gebruikt om elk netwerkapparaat te identificeren.
TIFF Afkorting voor Tagged Image File Format. Een van de bestandsindelingen voor het
opslaan van afbeeldingsgegevens. (De bestandsextensie is ".tif".) Afhankelijk van
het label dat het gegevenstype aangeeft, kan informatie voor verschillende afbeel-
dingsindelingen worden opgeslagen in een afzonderlijk afbeeldingsbestand.
Tijdelijk opslaan van
documenten
Dit is een functie voor het automatisch opslaan van het ontvangen document in het
geheugen wanneer de machine het ontvangen document niet kan afdrukken, bij-
voorbeeld wanneer het papier in de machine opraakt. Wanneer er meer papier wordt
geladen, wordt het tijdelijk opgeslagen document afgedrukt.
Timercommunicatie Een functie voor het verzenden van een fax op een opgegeven tijdstip. Het verzen-
den van faxen tijdens goedkopere beltijden, zoals 's avonds laat of 's morgens
vroeg, kan de verzendkosten helpen beperken.
Toegelaten referentieniveau Een functie voor het opgeven van instellingen zodat alleen specifieke mensen in
staat zijn bepaalde bestemmingsgegevens te bekijken voor de beveiliging van de
gegevens. Wanneer wordt gesynchroniseerd met gebruikersauthenticatie, kan al-
leen informatie worden weergegeven die een toegangsmachtigingsniveau bevat dat
overeenkomt met het niveau dat is opgegeven voor de gebruiker.
TrueType Een omtreklijnlettertype dat werd ontwikkeld door Apple Computer en Microsoft.
Het wordt als standaard gebruikt door Macintosh en Microsoft Windows en kan zo-
wel op het scherm als voor het afdrukken worden gebruikt.
TSI Afkorting voor Transmitting Subscriber Identification. ID van de fax-verzendingster-
minal.
TWAIN De interfacestandaard voor beeldbewerkingsapparaten, zoals scanners en digitale
camera's en voor toepassingen, zoals grafische software. Het TWAIN-stuurpro-
gramma is vereist om een TWAIN-compatibel apparaat te kunnen gebruiken.
USB Afkorting voor Universal Serial Bus. Een algemene interfacestandaard voor het aan-
sluiten van een muis, printer en andere apparaten op een computer.
V34 Dit is een communicatiemodus die wordt gebruikt tijdens de faxcommunicatie van
super G3. Er zijn gevallen waarin de communicatie niet mogelijk is in de super G3-
modus, afhankelijk van de telefoonlijntoestand wanneer de machine van de ontvan-
ger/de eigen machine is aangesloten op een telefoonlijn via een privé telefooncen-
trale. In dergelijke gevallen is het aanbevolen te communiceren terwijl de super G3-
modus is uitgeschakeld door V34 UIT te selecteren.
Vertrouwelijke communicatie Met deze functie kunnen verzonden en ontvangen documenten alleen door specifie-
ke personen worden bekeken. Het verzonden vertrouwelijke document wordt opge-
slagen in een vertrouwelijke box op de faxmachine van de ontvanger en wordt niet
afgedrukt wanneer de fax wordt ontvangen. Het ontvangen document kan worden
afgedrukt nadat een specifieke bewerking werd uitgevoerd, bijvoorbeeld wanneer
de toegangscode voor de vertrouwelijke box wordt ingevoerd.
Term Definitie