Operation Manual
CS250/CS240/CS231 4-81
Beheerdersprogramma
4
TCP Socket Setting
Geef de TCP socket-instellingen op. TCP-socket wordt gebruikt tijdens gegevensoverdrachten tussen de
computertoepassing en de machine.
2
Let op
Als de TCP-socketinstelling wordt gewijzigd, moet u de machine uitschakelen en opnieuw inschakelen.
Wanneer de machine wordt uitgeschakeld en opnieuw wordt ingeschakeld, moet u de machine
uitschakelen met de [voedingsknop] (hulpvoeding) voordat u de hoofdvoedingsschakelaar uitschakelt.
Wacht daarnaast minstens 10 seconden om de machine opnieuw in te schakelen na het uitschakelen,
anders zal de machine mogelijk niet correct werken.
Als "Uitgebreide beveil.modus" is ingeschakeld, is het selectievakje "Use SSL/TLS" ingeschakeld.
2
Opmerking
Als een certificaat is ingesteld op "Enable" vanaf de machine, verschijnt een pagina zodat er instellingen
kunnen worden opgegeven voor "Use SSL/TLS" en "Port No. (SSL/TLS)". Geef de geschikte
instellingen op voor de SSL-communicatie.
Als "TCP Socket" is ingesteld op "OFF", is het mogelijk dat u sommige toepassingen op de computer
niet langer zult kunnen gebruiken.
Item Omschrijving
TCP Socket Selecteer of TCP-socket moet worden gebruikt.
Port Number Voer het poortnummer in. (Bereik: 1 tot 65535)
Use SSL/TLS en
Port No. (SSL/TLS)
Selecteer of SSL/TLS moet worden gebruikt. Om SSL/TLS te gebruiken, schakelt
u het selectievakje in en typt u het poortnummer. (Bereik: 1 tot 65535)
TCP Socket (ASCII Modus) Selecteer of TCP-socket wordt gebruikt in de ASCII-modus.
Port No. (ASCII Mode) Voer het poortnummer in. (Bereik: 1 tot 65535)










