Operation Manual
4
Beheerdersprogramma
4-26 CS250/CS240/CS231
SSL/TLS-instelling
Geef de instellingen op voor SSL/TLS. Als SSL/TLS is ingeschakeld, wordt de communicatie tussen de
machine en de clientcomputer gecodeerd om te verhinderen dat wachtwoorden en de inhoud van
communicatie bekend raakt.
Als een certificaat werd geïnstalleerd, verschijnt de volgende pagina.
2
Opmerking
De pagina-inhoud varieert afhankelijk van de geregistreerde informatie.
Als er geen certificaat werd geïnstalleerd, verschijnt de volgende pagina.
Wanneer u een certificaat maakt of het formaat verkrijgt van een certificeringsinstantie en dit installeert, wordt
SSL/TLS ingeschakeld.
Om nieuwe certificaten te registreren of geregistreerde certificaten te wijzigen of te verwijderen, klikt u op de
knop [Setting].










