Operation Manual

4
Beheerdersprogramma
4-20 CS250/CS240/CS231
Registratiescherm
Item Omschrijving
No. Toont het registratienummer.
External Server Name Geef de naam op van de externe authenticatieserver (tot 32 tekens).
External Server Type Selecteer het type externe authenticatieserver.
Active Directory Als "Active Directory" is geselecteerd als het servertype, voert u de standaard do-
meinnaam in.
NTLM Als "NTLM" is geselecteerd als het servertype, voert u de standaard domeinnaam
in.
NDS Als "NDS" is geselecteerd als het servertype, voert u de standaard NDS-treenaam
en de standaard NDS-contextnaam in.
LDAP Als "LDAP" is geselecteerd als het servertype, geeft u de instellingen op voor het
volgende.
Server Address
•Port No.
•Search Base
•Timeout
Authentication Method
Om een hostadres in te voeren voor het serveradres, schakelt u het selectievakje
"Please check to enter host name." in. Als de machine is ingesteld om IPv6 te ge-
bruiken, kan ook een IPv6-adres worden opgegeven.
Als "Digest-MD5" is geselecteerd als de authenticatiemethode, geeft u het zoek-
kenmerk op.