Operation Manual

CS250/CS240/CS231 5-81
Netwerkscannerbewerkingen
5
14 Druk op [Gebr.-ID] en typ vervolgens de gebruikers-ID met behulp van het toetsenbord dat op het
scherm verschijnt.
Om de registratie van de gebruikers-ID te annuleren, drukt u op [AAN] naast "Anoniem".
15 Druk op [OK].
16 Druk op [Wachtwoord] en typ vervolgens het wachtwoord met behulp van het toetsenbord dat op het
scherm verschijnt.
17 Druk op [OK].
18 Geef, indien nodig, de instellingen op voor "Anoniem", "PASV modus", "Proxy" en "Poortnummer".
Druk op de toets [C] (wissen) om de huidige waarde te wissen en gebruik vervolgens de cijfertoetsen
om het poortnummer op te geven.
Als een waarde buiten het toegelaten bereik is opgegeven, verschijnt het bericht "Invoerfout". Voer
een waarde binnen het toegelaten bereik in.
19 Druk op [OK].
De FTP-bestemming wordt geregistreerd.
!
Detail
Om een geregistreerde bestemming te controleren, selecteert u de bestemming en drukt u vervolgens
op [Opdrachtinstellingen controleren].
Om de instellingen voor een geregistreerde bestemming te wijzigen, selecteert u de bestemming en
drukt u vervolgens op [Bewerken].
Het registratienummer kan niet worden gewijzigd in het scherm Bewerken.
Om een geregistreerde bestemming te verwijderen, selecteert u de bestemming en drukt u vervolgens
op [Verwdr.].
2
Opmerking
De registratie kan niet worden voltooid als er geen instellingen zijn opgegeven voor "Naam",
"Hostadres", "Bestandspad", "Gebruikers ID" en "Wachtwoord".
Om de registratie te annuleren, drukt u op [Annuleren].
Om het opgeven van instellingen in de functie Hulpprogramma te stoppen, drukt u op de toets
[Hulpprogramma]. U kunt de Hulpprogrammamodus ook afsluiten door in elke scherm te drukken op
[Sluit] tot het scherm voor de modus Kopie, Fax, Scan of Box opnieuw verschijnt.