Operation Manual

CS250/CS240/CS231 3-71
Afdrukbewerkingen
3
De instellingen in Per page setting toevoegen en bewerken
1 Schakel het selectievakje "Per Page Settings" in.
2 Klik op de knop [Add] om een nieuwe instelling toe te voegen aan de lijst.
Om de lijst te bewerken, selecteert u de gewenste naam in de lijst en klikt u vervolgens op de knop
[Edit].
Het dialoogvenster Per Page Settings voor het opgeven van de afdrukinstellingen, wordt weergegeven.
3 Klik op de knop [Add] om de instelling toe te voegen aan de lijst.
Een nieuwe rij voor het opgeven van de instellingen wordt toegevoegd aan de instellingenlijst.
4 Selecteer de rij die werd toegevoegd aan de lijst en geef vervolgens de afdrukinstellingen op in
"Add/Edit".
Page Number: hiermee voert u het paginanummer in. Wanneer u meerdere paginanummers invoert,
moet u ze scheiden door komma's, zoals "2, 4, 6". U kunt ook een paginabereik invoeren met een
koppelteken, zoals "6-10".
Print Type: hiermee geeft u Print Insert, Insert Blank Sheet, Print (1-Sided), and Print (2-Sided).
Paper Tray: hiermee geeft u de papierlade op.
Staple: hiermee geeft u het aantal nieten en de nietpositie op.
5 Klik op [OK].
2
Opmerking
Om de bestaande afdrukinstellingen te wijzigen, selecteert u de gewenste rij en wijzigt u de instellingen.
Om bestaande afdrukinstellingen te verwijderen, selecteert u de gewenste rij en klikt u vervolgens op
de knop [Delete].
Klik op de knop [+] of [,] om het paginanummer te wijzigen, te beginnen vanaf het kleinste
paginanummer.
De naam van de lijst kan worden gewijzigd in het tekstvak "List Name:".