Operation Manual
3
Afdrukbewerkingen
3-12 CS250/CS240/CS231
De instellingen voor de gebruikersauthenticatie opgeven
Als de instellingen werden opgegeven voor de gebruikersauthenticatie, moet u een gebruikersnaam en een
wachtwoord opgeven.
2
Opmerking
Als een opdracht wordt afgedrukt met een gebruikersnaam of wachtwoord die geen geregistreerde
account op deze machine is of als een opdracht wordt afgedrukt zonder een gebruiker te selecteren
onder "Gebruikersauthenticatie", wordt de bewerking niet geverifieerd door deze machine en wordt de
opdracht geannuleerd.
Wanneer de instellingen voor de gebruikersauthenticatie zijn opgegeven op deze machine, is de functie
voor de beperking van de authenticatiebewerking in modus 2 en worden de authenticatiegegevens niet
correct ingevoerd, wordt de toepasselijke gebruiker vergrendeld en is de machine niet toegankelijk.
Als de instellingen voor de gebruikersauthenticatie niet zijn opgegeven op het tabblad Configureren,
kan de gebruikersauthenticatie niet worden uitgevoerd. Als u de gebruikersauthenticatie-functie
gebruikt, moet u de instellingen op het tabblad Configureren opgeven.
1 Klik op het tabblad Std.
2 Klik op de knop [Authenticatie/Gebruikersregistratie].
3 Selecteer "Geadresseerde gebruiker" en voer vervolgens de gebruikersnaam en het wachtwoord in.
4 Klik op [OK].
2
Opmerking
Als deze machine werd ingesteld om openbare gebruikers toe te laten, kan de machine worden gebruikt
zonder een gebruikersnaam en wachtwoord in te voeren.
Als u de gebruikersauthenticatie op een server uitvoert, moeten de serverinstellingen zijn opgegeven.
Klik op de knop [Serverinstelling] om de server te selecteren.
Klik op de knop [Control] om met deze machine te communiceren en te controleren of de authenticatie
kan worden uitgevoerd met de gebruiker die werd ingevoerd. U kunt deze functie niet gebruiken als u
niet verbonden bent of niet in staat bent met deze machine te communiceren.
Als het afdrukken niet is toegestaan, kan er niet worden afgedrukt, zelfs niet wanneer de machine door
een geregistreerde gebruiker wordt gebruikt. Raadpleeg de machinebeheerder voor details over de
gebruikersauthenticatiefunctie.machinebeheerder










