Operation Manual

3
Afdrukbewerkingen
3-6 CS250/CS240/CS231
Tabblad Overige
Tabblad Configureren
2
Opmerking
Om het tabblad Configureren weer te geven Windows 2000/NT 4.0/Server 2003 wilt instellen, klikt u
met de rechtermuisknop op het pictogram van de geïnstalleerde printer en klikt u vervolgens op
"Eigenschappen".
U kunt niet op de knop "Apparaatinformatie ophalen" klikken als u niet verbonden bent of niet in staat
bent met deze machine te communiceren.
Tabblad Instellingen
2
Opmerking
Om het tabblad Instellingen weer te geven Windows 2000/NT 4.0/Server 2003 wilt instellen, klikt u met
de rechtermuisknop op het pictogram van de geïnstalleerde printer en klikt u vervolgens op
"Eigenschappen".
Item Functie
Besturing Excel-opdracht Bestuurt opdrachten zo, dat ze niet worden gescheiden wanneer u afdrukt in Mi-
crosoft Excel.
Witte achtergrond verwijderen Verwijdert de witte achtergrond wanneer u een overlaybestand maakt met Micro-
soft
PowerPoint. Als dit selectievakje wordt uitgeschakeld, wordt de achtergrond niet
verwijderd en wordt het overlaybestand gemaakt op basis van de originele docu-
mentgegevens.
Versie stuurprogramma control. Toont de versiegegevens van het printerstuurprogramma.
Item Functie
Apparaatoptie Definieert de status van de opties die op deze machine zijn geïnstalleerd en de sta-
tus van de gebruikersauthenticatie- en de afdelingsregistratiefuncties. Geef de
status op van elk item via de vervolgkeuzelijst "Instelling".
Papierlade-informatie Toont de papiersoort die is opgegeven voor elke papierlade. Klik op de knop
[Papierlade instelling] om de instellingen voor elke papierlade op te geven.
Apparaatinformatie ophalen Communiceert met deze machine om de status van de geïnstalleerde opties te
lezen.
Instellingen ophalen Definieert de status van de verbinding die de optie-informatie ophaalt.
Codeer-wachtwoord Voer het codeerwachtwoord in wanneer dit door de gebruiker is gedefinieerd door
met deze machine te communiceren.
Softwarehulpprog Hiermee worden hulpprogramma's, zoals Web Connection, gestart.
Item Functie
EMF Spool Wanneer u een originele systeemomgeving gebruikt, schakelt u dit selectievakje
in als een spool-metabestand (EMF) is vereist.
Display beperkingsmelding Toont een bericht wanneer functies die niet tegelijk kunnen worden opgegeven,
zijn ingeschakeld via het printerstuurprogramma.
Papierset weergeven afdrukser-
vereigenschappen.
Gebruik het papier dat werd toegevoegd in [Servereigenschappen] van de
printermap.
Inst. authenticatie controleren
voor afdruk
Controleert de authenticatie-instellingen voor deze machine voordat het afdruk-
ken wordt gestart en toont een bericht als de instellingen niet compatibel zijn.
Pop-up Authenticatiedialoog-
venster bij afdruk
Toont het dialoogvenster Gebruikers authenticatie/Gebruikersregistratie wanneer
een afdrukopdracht wordt opgegeven om de gebruikersnaam dialog en de afde-
lingsnaam in te voeren.
Aangepast formaat opslaan Slaat de aangepaste papierformaten op.