Operation Manual
2
Kopieerbewerkingen
2-118 CS250/CS240/CS231
7 Selecteer de gewenste kopieerinstellingen en druk vervolgens op de toets [Start].
– Om één kopie af te drukken om deze te controleren, drukt u op [Testkopie].
– Herhaal stappen 6 en 7 tot alle documenten zijn gescand. De hoeveelheid beschikbaar geheugen
kunt u controleren naast "Geheugen" in de linkerbenedenhoek van het scherm. Daarnaast kan het
aantal documentbatches worden gecontroleerd naast "Gescande batches".
– Wanneer het geheugen vol is, verschijnt een bericht. Selecteer of het laatste gedeelte moet worden
verwijderd en scan opnieuw, verwijder het laatste gedeelte van de gegevens en druk af of verwijder
alle documentgegevens.
– Druk op [Annuleren] om de wijzigingen aan de instellingen te annuleren.
Het scannen wordt gestart. Nadat het scannen is voltooid, selecteert u [Herstel] en drukt u op [OK].
?
Is er meer informatie over de instellingen beschikbaar?
% Raadpleeg de overeenkomende sectie raadplegen.
8 Druk op [Einde] nadat alle documentpagina's zijn gescand.
Een bericht verschijnt met de vraag te bevestigen dat het scannen is voltooid.
9 Druk op [Ja] en druk vervolgens op [OK].
– Als "Nee" is geselecteerd, drukt u op [Wijzig instellingen] om de kopieerinstellingen te wijzigen.










