Bedieningshandleiding NF3000-reeks 997-275 Versie 2 April 2002
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Snelle inhoudsreferentie per sectie DISPLAY: SAMENVATTING - ZIE SECTIE 5 GEDETAILEERDE BESCHRIJVING VAN DE MENU’S, ZIE SECTIE: 6 7 8 9 Inhoud 10 ALARMMELDINGEN ZIE SECTIE 3 BEDIENINGSTOETSEN: SAMENVATTING - ZIE SECTIE 2 DETAILS - ZIE SECTIE 4 OOK: NIET VASTHOUDENDE STURINGEN - ZIE SECTIE 11 VOORBEELD LOGBOEK - ZIE BIJLAGE 1 iii 997-275, Versie 2 April 2002
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Inhoud 1 Inleiding 1.1 Bijbehorende documenten 1 1.2 Schoonmaken 1 2 Bediening centrale en weergave Hoofdcentrale 2 2.2 Zone LEDS van centrale 5 Automatische Alarmen - wat te doen 6 3.1 Brand 7 3.2 Voor-alarm 8 3.3 Storing 9 4 Inhoud 2 2.1 3 Bedieningsacties op de centrale 10 4.1 Evacuatie (en beëindigen vertragingen) 10 4.2 Stop zoemer 11 4.3 Start / Stop Sirenes 12 4.4 Reset 13 4.
.4 6 5.3.3 Weergave Storings meldingen 22 5.3.4 Weergave Buiten dienst meldingen 23 5.3.5 Weergave Test meldingen 24 5.3.6 Weergave Evacuatie meldingen 25 5.3.7 Weergave Auxiliary meldingen 25 Weergave Menu’s 26 5.4.1 Weergeven gebruikersmenu 26 5.4.2 Doorlopen van de menu’s 27 5.4.3 Menu Structuur 28 Test Menu 29 Inleiding 29 6.1.1 Indicaties 29 6.2 Zone looptest 30 6.3 Uitgangstest stuurmodules 31 6.4 Lamp Test 32 6.4.1 Lampjes opvolgend testen 32 6.4.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8 Log, Toon en Print Menu 46 8.1 Inleiding 46 8.2 Log/Toon Data van elementen 47 8.3 Print Huidige Data van elementen 49 8.4 Toon / Print Log van gebeurtenissen 50 8.5 Printer Configuratie 51 8.5.1 Storing hoofdvoeding 51 9 Instellen van de klok 52 10 Andere opties in het gebruikersmenu 53 10.1 Aantal alarmmeldingen 53 10.2 Invoeren Paswoord niveau 3 / Configuratie 53 10.
Bedieningshandleiding NF3000 1 Inleiding In deze handleiding vindt u de bedieningsinstructies voor de NF3000 reeks intelligente brandmeldcentrales. Aangenomen mag worden dat gebruikers van deze handleiding werken met een brandmeldcentrale die al op de juiste manier werd geïnstalleerd en geprogrammeerd voor het toepasselijke gedeelte onder zijn verantwoordelijkheid.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 2 Bediening centrale en weergave 2.1 Hoofdcentrale Bediening centrale en weergave In deze sectie krijgt u een overzicht van de bediening en statusindicatie leds op de brandmeldcentrale, en verwijzingen naar de overige secties in deze handleiding waar u meer gedetailleerde informatie kunt vinden. PRIMAIRE INDICATORS Grafisch LCD display - zie Sectie 5. DRUKTOETSEN Stopt de interne zoemer van de centrale, en accepteert een alarm. Zie sectie 4.2.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Schakelt tussen dag- en nacht stand, indien deze geconfigureerd is. Zie Sectie 4.7. Het brandrelais (en de sirene uitgang 1, als deze zo geconfigureerd is) is buiten dienst. Zie Sectie 4.8. Stapt met de tab door de weergegeven displays heen. Ook gebruikt om het gebruikersmenu weer te geven als de status van de centrale normaal is. Zie Secties 5.2 en 5.3. Laat informatie over het brandalarm op het display verschijnen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks LEDs Er is een brandalarm. Er is een storing. Er is een voor-alarm Systeem storing Sirenes in storing of buiten dienst Bediening centrale en weergave Het brandrelais staat buiten dienst, of een branduitgang (indien zo geconfigureerd) staat buiten dienst of in storing. Het brandrelais (en branduitgang indien zo geconfigureerd) is actief. Een of meer elementen staan buiten dienst. Een testconditie is geactiveerd. Systeem spanning (hoofdvoeding of accu’s) is aanwezig.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 2.2 Zone LEDS van centrale Er kunnen twee configuraties van optionele zone LED-chassis worden gemonteerd, telkens met twee chassis, en wel op de volgende manier: a. 64 zone LED’s per chassis, d.w.z. 128 zone LED’s in totaal. Deze configuratie kan ook met een interne printer worden uitgevoerd. Configuratie met 64 zones: ZONE LED’s 1-64 (chassis 1) ZONE LED’s 65-128 (chassis 2) Configuratie met 128 zones: ZONE LED’s 1-128 (chassis 1) ZONE LED’s 129-256 (chassis 2).
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 3 Automatische Alarmen - wat te doen Het volgende impliceert dat: a. Paswoord niveau 2 actief is (zie Sectie 5.4.1), of Automatische Alarmen -Wat te doen b. De sleutelschakelaar van de centrale actief is (naar rechts gedraaid), zodat de druktoetsen kunnen worden bediend zonder dat paswoord niveau 2 moet worden ingegeven.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 3.1 Brand HET VOLGENDE GELUID OF LICHT: Automatische acties op de centrale – Indien het systeem een brandalarm detecteert, voert de centrale de volgende acties automatisch uit: a. Activeren van de (hoge toon) interne zoemer. b. Knipperen van de rode BRAND-LED en de genummerde rode BRAND ZONE LED (indien aanwezig). display en de printer (indien er een printer is geïnstalleerd en deze in dienst staat). Laat een tab “BRAND” op het display verschijnen. d.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5 Om de sirenes opnieuw op te starten nadat op de toets START/STOP SIRENES werd gedrukt, zal wederom op de toets START/ STOP SIRENES gedrukt moeten worden. TWEEDE BEDIENING Automatische Alarmen -Wat te doen 5 6 Wanneer de oorzaak van het alarm werd verwijderd en de hand- en rookmelders werden teruggesteld naar normaal niveau, dan kan het systeem naar de NORMALE toestand terugkeren door middel van de toets RESET in te drukken. 6 3.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 3.3 Storing Automatische acties op de centrale – Indien het systeem een storing detecteert, voert de centrale altijd de volgende acties automatisch uit: HET VOLGENDE GELUID OF LICHT: b. knipperen van één of meerdere gele STORINGs-LED’s, inclusief de genummerde gele ZONE storings LED(‘s), indien deze aanwezig is (zijn). c .
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4 Alle toetsen, behalve de EVACUATIE toets die in deze sectie beschreven worden, kunnen pas worden bediend indien er een toegangspaswoord niveau 2 is ingevoerd, of indien de sleutelschakelaar bediend is. Indien het paswoord op dat moment niet actief is, verschijnt op het LCD-display een verzoek daarvoor (zie Sectie 5.4.1). Voer het paswoord in en druk daarna op de toets.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.2 Stop Zoemer Druk op de toets STOP ZOEMER wanneer een alarm of een storing heeft plaatsgevonden om: KNIPPERT, OF a. Het alarm of de storing te accepteren. De knipperende BRAND- of STORINGS-LED’s beginnen continu te branden. KNIPPERT b. De interne zoemer voor BRAND of STORING te laten omschakelen van continu toon naar intermitterende toon: CONTINU STORING: zoemer met een interval van 2 minuten.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.3 Start / Stop Sirenes De term “stilte” die in deze handleiding wordt gebruikt, beschrijft een tijdelijke toestand van de centrale, telkens wanneer de toets START/ STOP SIRENES is ingedrukt om de sirenes uit te schakelen. Wanneer de centrale in deze toestand staat, zal een nieuw brandalarm, of het activeren van de druktoets EVACUATIE alle hiervoor uitgeschakelde sirenes opnieuw activeren. OR Bedieningsacties op de centrale ( ZIE SECTIE 4.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.4 Reset a. Alle BRAND-, VOOR-ALARM en STORINGsLEDs worden uitgeschakeld. ALLEMAAL UIT b. Alle sirenes worden gedeactiveerd (hetzij continu hetzij onderbroken). c . Op het display verschijnt kortstondig een SYSTEEM RESET bericht. d. De status keert naar NORMAAL terug. e. Er worden een aantal interne tests uitgevoerd. Deze worden in enkele seconden afgewerkt.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.5 Buiten- / In dienst stellen van Elementen en Zones (Snelle methode) Hiermee kan een element of zone: a. Snel buiten dienst gesteld worden indien de tab brand verschijnt, en daarna weer in dienst gesteld worden. b. Snel buiten dienst gesteld worden indien de tab voor-alarm verschijnt, en daarna weer in dienst gesteld worden (geld alleen voor elementen). Bedieningsacties op de centrale c .
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.5 Buiten- / In dienst stellen van Elementen en Zones (Snelle methode) Hiermee kan een element of zone: a. Snel buiten dienst gesteld worden indien de tab brand verschijnt, en daarna weer in dienst gesteld worden. c . Snel in dienst gesteld worden indien de tab buiten dienst verschijnt, of een gedeeltelijk buiten dienst gestelde zone volledig buiten dienst gesteld worden. 4.5.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.6 Beëindig looptest (Snelle methode) In het voorbeeld wordt weergegeven hoe een looptest geannuleerd kan worden als de tab voor het testen op het display verschijnt. Paswoord niveau 2 is vereist. Deze procedure is ook beschikbaar voor looptesten op centrales in een netwerk. Bedieningsacties op de centrale Voor meer gedetailleerde informatie over de tab Test verwijzen we u naar Sectie 5.3.5, Weergave Test meldingen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 4.7 Selecteer Dag of Nacht Stand Met deze druktoets kunt u schakelen tussen dag- en nachtstand voor de transmissie-uitgang, mits deze functie is geconfigureerd. Indien dat niet het geval is, verschijnt op het display het bericht “Dag-/ Nacht stand niet geconfigureerd in dit systeem”. Opmerking: De centrale kan ook zo geconfigureerd zijn dat het automatisch in de dagstand gaat op gespecificeerde tijdstippen van de dag. a.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5 Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s 5.1 Inleiding 5.1.1 Status: NORMAAL Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s De status: NORMAAL verschijnt op het display wanneer: a. Er geen alarm- of testcondities bestaan en b.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.2 Tabs Wanneer er tabs op het display verschijnen, kunt u met behulp van de druktoets VOLGEND MENU door de verschillende tabs heen stappen en de overeenkomstige gegevens op het display laten verschijnen. BRAND VOOR-ALARM STORING BUITEN DIENST TEST EVACUATIE AUX GEBRUIKER ( paswoord niveau 2) De tabs worden in deze volgorde van links naar rechts weergegeven. Alle tabs verwijzen naar meldingen, behalve de GEBRUIKER-tab, die menu’s weergeeft.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.3 Weergave van meldingen Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s SPECIAAL GEVAL INDIEN ER ELIBS WORDEN GEBRUIKT – Indien de centrale het contact verliest met een ELIB, dat vervolgens een brand detecteert, en de software van de centrale nog steeds draait, dan geeft het display de tekst ALGEMEEN BRANDSIGNAAL GEACTIVEERD aan. 5.3.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Wanneer meer dan één zone zich in de alarmtoestand bevindt, kunt u de toets ZONES IN ALARM gebruiken om door de zones heen te stappen. a. De eerste brand bevindt zich in zone 6; in die zone staan twee elementen in de alarmtoestand b. De tweede brand bevindt zich in zone 5; in die zone staat één element in de alarmtoestand. c . De derde (en laatste) brand bevindt zich in zone 15; in die zone staat één element in de alarmtoestand.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.3.3 Weergave Storings meldingen Wanneer er een storing wordt gedetecteerd, verschijnt de tab voor storingen op het display. Zone storingen Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s Indien er meer dan één zone is, moet u de en pijltoetsen gebruiken om door de zones te heen te stappen. De zones worden weergegeven in volgorde van hun zonenummer.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.3.4 Weergave Buiten dienst meldingen Wanneer er een buiten dienst melding actief is, verschijnt de tab buiten dienst op het display. Zie Sectie 7 voor meer gedetailleerde informatie over de verschillende buiten dienst meldingen. Het aantal elementen dat buiten dienst staat en het aantal zones waarvoor ALLE INGANGEN buiten dienst staan, worden bovenaan het display getoond (het aantal zones waarvoor de uitgangen buiten dienst staan, wordt eveneens getoond.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Sirene/relais uitgang buiten dienst Sirene en relais uitgangen, en het brand- en storingsrelais zijn niet aan een bepaalde zone toegewezen. Ze worden opgesomd op het einde van de lijst met buiten dienst meldingen (indien van toepassing). Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s Andere buiten dienst indicaties: VOEDING OK LED (groen) AAN BUITEN DIENST LED (geel) AAN SIR. BUIT. DIENST/STORING of TX. BUIT.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.3.6 Weergave Evacuatie meldingen Andere EVACUATIE indicaties: VOEDING OK LED (groen) AAN Andere LEDs UIT Interne zoemers UIT Interne sirene uitgangen (tenzij anders geconfigureerd) CONTINU BRAND, STORING relais UIT Stuur modules Zoals geconfigureerd De ingebouwde LED indicators van de geactiveerde stuurmodules (deze waarvoor de stuurmodule AAN is) zullen UIT zijn.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.4 Weergave Menu’s 5.4.1 Weergeven gebruikersmenu Indien u het menu van de gebruiker op het display wilt laten verschijnen terwijl de status van het systeem normaal is, moet u ofwel op de toets VOLGEND MENU drukken gevolgd door paswoord niveau 2, of moet u de sleutelschakelaar bedienen zoadat deze in de gewenste positie staat.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 5.4.2 Doorlopen van de menu’s In dit voorbeeld moet het testmenu worden weergegeven, wat optie 1 is in het gebruikersmenu. Druk vanuit het gebruikersmenu op toets om Anders kunt u ook optie 1 in het gebruikersmenu door middel van de zwarte balk markeren en vervolgens de optie selecteren door op toets te drukken. Druk op de OF of toets om het menu te verlaten.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Het Display - Tabs, Meldingen en Menu’s 5.4.3 Menu Structuur Opmerking: ** wanneer u deze menu-optie selecteert, krijgt u een display voor een niveau 3 paswoord. De optie is dus niet beschikbaar voor de gebruiker (het gebruik ervan door de installateur of service organisatie wordt beschreven in de handleiding voor de configuratie van de centrales van de NF3000-reeks 997-276XXX). Er zijn een aantal extra menu-opties uitsluitend onder paswoord niveau 3 beschikbaar.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 6 Test Menu 6.1 Inleiding Het testmenu bevat opties waarmee u: a. Een zone looptest kan uitvoeren (zie Sectie 6.2) b. Een afzonderlijke stuurmodule uitgangstest kan uitvoeren (zie Sectie 6.3) c . Een lamptest kan uitvoeren (zie Sectie 6.4) d. Een dagelijkse of wekelijkse automatische test van de sensoren kan uitvoeren (zie Sectie 6.5) e. Een VIEW-sensor opnieuw kan ijken (zie Sectie 6.6) 6.1.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 6.2 Zone looptest Om de test te starten: 1 Selecteer de zone looptest vanaf het testmenu. 2 Selecteer een zone voor de test. Test Menu ALLEEN VOOR CENTRALES IN NETWERKEN i Selecteer de centrale van de afgebeelde lijst. ii Indien de centrale niet de lokale is, wordt er geen lijst van zones weergegeven. U wordt daarentegen gevraagd om het nummer van de zone die u wenst te testen, in te voeren. Gebruik de numerieke toetsen om het nummer in te voeren.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Met behulp van de volgende controles kunt u de juiste werking van een aantal elementen gemakkelijk verifiëren: 5 SECONDEN a. Analoge sensoren – controleer of de LEDs van de sensor naar een continu AAN-status veranderen en ongeveer 5 seconden na het beëindigen van de test naar de gewone knipperstatus terugkeren. b.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 6.4 Lamp Test 6.4.1 Lampjes opvolgend testen Selecteer Lamptest uit het testmenu. Daarna gebeurt het volgende: a. De interne zoemer werkt (BRAND, daarna STORING). De naam van het product, het softwareversie nummer, softwareversie nummer van de luskaarten en een beschrijving van de voeding verschijnen op het display. De lampen lichten (kort) in volgorde op, rij per rij. BUITEN DIENST TEST VOEDING OK BRAND Test Menu STORING VOOR-ALARM SYSTEEM STORING SIR.BUIT.DNST/STOR.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks TIJDENS DE EERSTE SECONDEN VAN DE LAMP TEST (SECTIE 6.4.1) ZIET HET DISPLAY ER ALS VOLGT UIT: 6.4.2 Alle Lampjes branden Opmerking: deze test is normaliter alleen vereist bij de fabrieksinstelling van de centrale. Om alle lampen in te schakelen tot ze handmatig worden geannuleerd, of na een standaard ingestelde tijdsperiode: 1 Druk op de toets terwijl het hiernaast weergegeven display verschijnt.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 6.5 Automatische Sensor Test Opmerking: Dit is alleen een onderhoudsfaciliteit. Indien u een zone looptest initieert (zoals beschreven in Sectie 6.2), of indien er elders in het systeem een BRAND wordt gedetecteerd terwijl de automatische test bezig is, wordt de test automatisch geannuleerd indien hij zo is geconfigureerd.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7 Buiten dienst / In dienst Menu 7.1 Inleiding Het is mogelijk om buiten- en in dienst te stellen: a. Ingangen van een complete zone (zie Sectie 7.2) c . Een individueel element (zie Sectie 7.4) 7.1.1 Indicaties De volgende indicaties worden weergegeven wanneer een element buiten dienst gesteld is: BUITEN DIENST a. De led BUITEN DIENST, de desbetreffende ZONE led (indien van toepassing) en de aanwezigheid van een tab BUITEN DIENST.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.2 Ingangen buiten dienst / In dienst Het is mogelijk om: a. Alle ingangselementen in een zone in één keer In- of Buiten Dienst te stellen. b. Alle Detectoren in een zone in één keer Buiten Dienst te stellen. Buiten dienst / In dienst Menu U krijgt toegang tot deze opties wanneer u eerst het menu “In / Buiten Dienst” op het display laat verschijnen. Selecteer de vereiste zones uit de displays voor het selecteren van de EERSTE- en de LAATSTE ZONE.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.2.2 Alle detectoren buiten dienst stellen ALLE DETECTOREN STAAN BUITEN DIENST, DE TAB BUITEN DIENST VERSCHIJNT OP HET DISPLAY EN DE BUITEN DIENST LED BRANDT 7.2.3 Alle ingangen In dienst stellen Selecteer de optie om alle Ingangen In Dienst te stellen. Indien er al buiten dienst meldingen actief zijn (vb. Tab Buiten Dienst staat op het display en de BUITEN DIENST LED brandt), dan wordt deze optie automatisch middels een zwarte balk gemarkeerd.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.3 Uitgangen Buiten- en In dienst stellen Het is mogelijk om: a. Alle Stuurmodules in een zone in één keer In- of Buiten Dienst te stellen. b. Alle Sirenes in een zone in één keer In- of Buiten Dienst te stellen. Buiten dienst / In dienst Menu U krijgt toegang tot deze opties wanneer u eerst het menu “In / Buiten Dienst” op het display laat verschijnen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.3.2 Buiten- / In dienst alle stuurmodules Opmerking: De illustratie toont het display met ALLE ZONES geselecteerd. Indien er alleen specifieke zones zijn geselecteerd, toont het display de zone(s) van dat moment (vb. ZONES 1 tot 2 van de bovenste regels). Indien ALLE ZONES wordt geselecteerd, zijn de interne relais uitgangen daarin opgenomen, in tegenstelling tot de interne sirene uitgangen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.4 Individueel element Het is mogelijk om een sensor, module of sirene uitgang buiten dienst te stellen om in uitzonderlijke omstandigheden een ongewenste bediening te vermijden. 7.4.1 Sensor Buiten dienst / In dienst Menu De condities van de sensoren worden nog steeds bewaakt, maar een gedetecteerde BRANDconditie leidt niet tot het nemen van brandalarmacties.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.4.2 Module 7.4.3 Sirene / Relais uitgang Ga als volgt te werk indien u een afzonderlijke sirene / relais uitgang buiten- of in dienst wenst te stellen: 1 Selecteer SIRENE / RELAIS UITGANG vanaf het menu voor de individuele elementen. 2 Selecteer de vereiste sirene uitgang (of relais uitgang 3 en / of 4, indien de centrale intern zo is geconfigureerd).
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.5 Vertraging Sirenes Buiten dienst / In dienst Menu Indien de centrale met vertragingen voor de sirenes werd geconfigureerd (Sectie 7.6.2.2 handleiding voor de configuratie van centrales van de NF3000-reeks), omvat het menu voor het buiten- en in dienst stellen een extra optie. Selecteer of de sirenes bij een alarm meteen moeten worden geactiveerd, of dat ze pas na de geconfigureerde vertraging geactiveerd moeten worden.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.6 Buiten- en In dienst stellen in een Netwerk Deze extra informatie is alleen van toepassing indien de centrale deel uitmaakt van een netwerk. Het beschrijft hoe: b een specifiek element op een andere centrale in het netwerk buiten- en in dienst kan worden gesteld 7.6.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.6.2 Element BUITEN DIENST STELLEN VAN EEN ELEMENT OP EEN ANDERE CENTRALE: SELECTEER DE CENTRALE Ga als volgt te werk indien u een individueel element op het netwerk buiten- of in dienst wenst te stellen: Buiten dienst / In dienst Menu 1 Selecteer de centrale. SELECTEER HET TYPE ELEMENT, DE LUS, EN HET ADRES OP DE LUS 2 Selecteer het element. Wanneer u een element in het netwerk selecteert, is het niet mogelijk om door een lijst met elementen heen te lopen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 7.7 Buiten- / In dienst via Schakelaar Met deze functie kan men met een op afstand geplaatste schakelaar alle sensoren, alle ingangen of alle ingangen en uitgangen (afhankelijk van de configuratie van de centrale) buiten- of in dienst stellen, zonder dat men zich daarvoor toegang moet verschaffen tot de centrale. Stuurmodules en individuele elementen zijn niet via deze weg buiten dienst te stellen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8 Log, Toon en Print Menu 8.1 Inleiding Het log-, toon en print menu biedt de volgende opties: a. Tonen en / of loggen van data van de elementen (zie Sectie 8.2) b. Afdrukken van de data van de elementen (zie Sectie 8.3) c . Tonen en opnieuw afdrukken van de voorvallen (zie Sectie 8.4) Log, Toon en Print Menu d. Besturing van de printer, indien er een PRN2000 of een P40 40-kolommenprinter is geconfigureerd (zie Sectie 8.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8.2 Log/Toon Data van elementen Opmerking: Deze waarden zijn gebaseerd op een interne digitale waarde. Het is dus best mogelijk dat er enkele “gaten” in de indeling vallen, waarbij de waarden per 2% lijken te verspringen. Gebruik deze functie ook om de LEDs van de sensoren in de “puls” stand te zetten en een datalog van de meetwaarden op te stellen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Opmerking: VERVOLG VAN DE VORIGE PAGINA (ALLEEN SENSOREN EN TOEZICHT MODULES) Indien een alarmmelding aanwezig is, dan zullen de volgende weergaven onder paswoord niveau 3 niet beschikbaar zijn, daar er onvoldoende ruimte is op het display.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8.3 Print Huidige Data van elementen Gebruik deze optie om een complete of gedeeltelijke afdruk te krijgen van alle elementen in het systeem, inclusief de huidige meetwaarden en status. (‘ ALLE’ EN ELEMENTEN BUITEN DIENST) (ALLEEN ‘ALLE ZONES’) 1 Selecteer vanaf het Log, toon en print menu de optie “print Waarde van element”. 2 Selecteer de vereiste zone of ALLE ZONES.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8.4 Toon / Print Log van gebeurtenissen Dit is een manier om de meest recente log van voorvallen in het systeem te onderzoeken, tot een maximum van 600 voorvallen (zodra deze capaciteit is bereikt, overschrijven nieuwe voorvallen de oudste). Om het log van de voorvallen weer te geven en af te drukken: 1 Selecteer vanaf het Log, toon en print menu de optie “Toon / Print logboek”.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 8.5 Printer Configuratie Dit display is alleen beschikbaar indien er een PRN2000 of een P40 40-kolommenprinter is geconfigureerd. Ga als volgt te werk om de printerconfiguratie in te stellen: 1 Selecteer vanaf het Log, toon en print menu 2 Selecteer de vereiste configuratie voor de printer: a. Normaal. Deze status wordt altijd automatisch geselecteerd wanneer de centrale wordt opgestart. b. In “Onderbroken”-stand.
ID3000 Series Operating Manual 9 Instellen van de klok Gebruik deze optie na iedere wijziging van tijdzone, vb. begin / einde van de zomertijd (indien niet geconfigureerd zodat de klok zich automatisch aanpast), en nadat het systeem volledig werd uitgeschakeld (in dit laatste geval zal het systeem om middernacht van de laatste datum waarop het werd bediend, of op het tijdstip wanneer de klok voor de laatste keer werd ingesteld, opstarten).
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 10 Andere opties in het gebruikersmenu 10.1 Aantal alarmmeldingen Na enkele seconden verschijnt het menu van de gebruiker opnieuw. INDIEN TOEGANG NIVEAU 2 VIA SLEUTELSCHAKELAAR: 10.2 Invoeren Paswoord niveau 3 / Configuratie Optie 6 in het menu van de gebruiker vraagt naar een niveau 3 paswoord, waarmee men toegang krijgt tot menu-opties die de installateur nodig heeft om de centrale te configureren. Deze menu-opties zijn niet beschikbaar voor de gebruiker.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks 11 Niet vasthoudende sturingen Niet vasthoudende sturingen Deze functie maakt het mogelijk om via een schakelaar tijdelijk uitgangen te sturen zonder dat bediening op de centrale hoeft plaats te vinden. Deze functie is alleen beschikbaar als een schakelaar is geïnstalleerd via een toezichtmodule die geconfigureerd is als een AUXILIARY type, en via de stuurmatrix gekoppeld is aan specifieke sturingen.
Bedieningshandleiding NF3000-reeks Bijlage 1- Logboek In overeenstemming met EN54 deel 14 is de gebruiker verantwoordelijk voor het bijhouden van een logboek en daarin alle voorvallen te noteren die een gevolg zijn van of een effect hebben op het systeem. Het logboek moet worden bewaard op een plaats die toegankelijk is voor bevoegde personen (bij voorkeur in de buurt van de centrale).
Bedieningshandleiding NF3000-reeks GEGEVENS VAN DE VOORVALLEN Tijd Melding Vereiste actie Bijlage 1- Logboek Datum 997-275, Versie 2 April 2002 A1 - 2 Datum einde Initialen