Operation Manual
Table Of Contents
- Gebruikershandleiding X3–02
- Inhoudsopgave
- Veiligheid
- Aan de slag
- De telefoon inschakelen
- Netwerkdiensten en kosten
- Toegangscodes
- Het apparaat in- en uitschakelen
- De toetsen en het scherm vergrendelen
- Handelingen aanraakscherm
- Instellingen voor aanraakscherm
- Interactieve elementen van het startscherm
- Het volume van een oproep, nummer of video wijzigen
- Symbolen
- Mediatoets
- Berichtentoets
- Contacten en foto's kopiëren vanaf uw oude apparaat
- Functies zonder SIM-kaart
- Uw apparaat offline gebruiken
- Apparaatbeheer
- Telefoon
- Een oproep tot stand brengen
- Uw gemiste oproepen weergeven
- Het laatst gekozen nummer bellen
- Oproepen doorschakelen naar uw voicemailbox of een ander telefoonnummer
- Een nummer opslaan vanuit een ontvangen oproep of bericht
- Informatie over internetoproepen
- Een internetoproep tot stand brengen
- Een conferentiegesprek tot stand brengen
- Alleen oproepen naar bepaalde nummers toestaan
- Het tot stand brengen of ontvangen van oproepen voorkomen
- Contacten
- Tekst invoeren
- Berichten
- Nokia Messaging-e-mail en -chat
- Persoonlijk
- Informatie over het startscherm
- Een snelkoppeling aan het startscherm toevoegen
- Uw belangrijke contacten aan het startscherm toevoegen
- Het menu Ga naar aan uw voorkeuren aanpassen
- Het startscherm aan uw voorkeuren aanpassen
- Het uiterlijk van het apparaat wijzigen
- Uw eigen profiel maken
- Uw tonen aan uw voorkeuren aanpassen
- Connectiviteit
- Ovi-diensten van Nokia
- Tijdbeheer
- Foto's en video's
- Muziek en audio
- Web
- Spelletjes en toepassingen
- Het apparaat beveiligen
- Bescherm het milieu
- Product- en veiligheidsinformatie
- Copyright- en andere vermeldingen
- Index

Voertuigen
Radiosignalen kunnen elektronische systemen in gemotoriseerde voertuigen die verkeerd geïnstalleerd of onvoldoende
afgeschermd zijn, zoals elektronische systemen voor brandstofinjectie, antiblokkeerremmen en systemen voor elektronische
snelheidsregeling of airbags negatief beïnvloeden. Raadpleeg voor meer informatie de fabrikant van uw voertuig of van de
hierin geïnstalleerde apparatuur.
Het apparaat mag alleen door bevoegd personeel in een auto worden gemonteerd. Ondeskundige installatie of reparatie kan
risico's opleveren en de garantie ongeldig maken. Controleer regelmatig of de draadloze apparatuur in de auto nog steeds
goed bevestigd is en naar behoren functioneert. Vervoer of bewaar geen brandbare vloeistoffen, gassen of explosieve
materialen in dezelfde ruimte als het apparaat of de bijbehorende onderdelen of toebehoren. Vergeet niet dat in een
noodsituatie de airbag in een auto met zeer veel kracht wordt opgeblazen. Plaats uw apparaat of toebehoren daarom nooit in
de ruimte vóór de airbag.
Schakel uw apparaat uit voordat u aan boord van een vliegtuig gaat. Het gebruik van mobiele apparaten kan gevaarlijk zijn
voor de werking van het vliegtuig en is mogelijk illegaal.
Explosiegevaarlijke omgevingen
Schakel het apparaat uit in een omgeving met een mogelijk explosieve atmosfeer. Volg alle aanwezige instructies op. Vonken
kunnen in een dergelijke omgeving een explosie of brand veroorzaken die kan resulteren in letsel of de dood. Schakel het
apparaat uit op plekken waar brandstoffen worden getankt, zoals op benzinestations. Houd u aan de beperkingen in gebieden
waar brandstof wordt opgeslagen en gedistribueerd, bij chemische bedrijven of waar explosiewerkzaamheden worden
uitgevoerd. Gebieden met een mogelijk explosieve atmosfeer worden meestal, maar niet altijd, als zodanig aangeduid. Hiertoe
behoren ook omgevingen waar u wordt aangeraden uw automotor uit te zetten, het benedendeks-gedeelte op boten, plaatsen
voor overdracht en opslag van chemische stoffen en omgevingen waar de lucht chemische stoffen of deeltjes bevat zoals
metaalkorreltjes, -stof of -poeders. Informeer bij de fabrikanten van voertuigen die op vloeibare gassen rijden (zoals propaan
of butaan) om te bepalen of dit apparaat in de omgeving daarvan veilig kan worden gebruikt.
Alarmnummer kiezen
Een alarmnummer kiezen
1 Zorg ervoor dat het apparaat is ingeschakeld.
2 Controleer of de signaalontvangst voldoende is. Mogelijk moet u ook de volgende stappen uitvoeren:
• Een SIM-kaart plaatsen.
• Oproepbeperkingen opheffen die op uw apparaat zijn ingesteld, zoals het blokkeren van oproepen, vaste nummers
of gesloten gebruikersgroepen.
• Ervoor zorgen dat het profiel Offline of Vlucht van het apparaat niet actief is.
• Als het scherm en de toetsen van het apparaat vergrendeld zijn, ontgrendelt u deze.
3 Druk zo vaak als nodig is op de eindetoets om het scherm leeg te maken.
4 Selecteer Bellen.
5 Toets het alarmnummer in voor het gebied waar u zich bevindt. Alarmnummers verschillen per locatie.
6 Druk op de beltoets.
7 Geef de benodigde informatie zo nauwkeurig mogelijk op. Beëindig het gesprek pas wanneer u daarvoor toestemming
hebt gekregen.
Belangrijk: Als uw apparaat netgesprekken ondersteunt, moet u zowel internet als mobiele gesprekken activeren.
Het apparaat kan alarmnummers zowel via het mobiele netwerk als via uw internetprovider proberen te kiezen. Verbindingen
kunnen niet onder alle omstandigheden worden gegarandeerd. Vertrouw nooit alleen op een draadloze telefoon voor het tot
stand brengen van essentiële communicatie, bijvoorbeeld bij medische noodgevallen.
Het apparaat beschermen tegen schadelijke inhoud
Uw apparaat kan worden blootgesteld aan virussen en andere schadelijke inhoud. Neem de volgende voorzorgsmaatregelen:
62 Product- en veiligheidsinformatie










