Gebruikershandleiding Nokia N86 8MP Uitgave 3
© 2010 Nokia. Alle rechten voorbehouden. CONFORMITEITSVERKLARING Hierbij verklaart NOKIA CORPORATION dat het product RM-484 in overeenstemming is met de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Europese richtlijn 1999/5/EG. Een exemplaar van de conformiteitsverklaring kunt u vinden op de volgende website: http://www.nokia.com/phones/declaration_of_conformity/.
VERKOOPBAARHEID, GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL OF DAT DE TOEPASSINGEN GEEN INBREUK MAKEN OP OCTROOIEN, AUTEURSRECHTEN, HANDELSMERKEN OF ANDERE RECHTEN VAN DERDEN. DE INHOUD VAN DIT DOCUMENT WORDT ZONDER ENIGE VORM VAN GARANTIE VERSTREKT.
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Veiligheid.........................................................8 Over dit apparaat..................................................................9 Netwerkdiensten................................................................10 Gedeeld geheugen..............................................................10 ActiveSync............................................................................11 Magneten en magnetische velden....................................
Galerij.............................................................54 Over de Galerij.....................................................................54 Hoofdweergave...................................................................54 Geluidsclips..........................................................................54 Koppelingen naar streaming-media.................................55 Presentaties.........................................................................55 Connectiviteit..........
Inhoudsopgave Plaatsen naar uw vrienden verzenden.............................97 Uw favorieten synchroniseren..........................................97 Locatiegegevens weergeven.............................................98 Het uiterlijk van de kaart wijzigen...................................98 Eigen netwerk................................................99 Informatie over het eigen netwerk..................................99 Instellingen voor eigen netwerk....................................
Tijdmanagement..........................................143 Klok....................................................................................143 Agenda...............................................................................144 Office............................................................146 Bestandsbeheer................................................................146 Over Quickoffice................................................................147 Valuta omrekenen................
Veiligheid Veiligheid Lees deze eenvoudige richtlijnen. Het niet opvolgen van de richtlijnen kan gevaarlijk of onwettig zijn. Lees de volledige gebruikershandleiding voor meer informatie. SCHAKEL HET APPARAAT ALLEEN IN ALS HET VEILIG IS Schakel het apparaat niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren. VERKEERSVEILIGHEID HEEFT VOORRANG Houdt u aan de lokale wetgeving. Houd tijdens het rijden uw handen vrij om uw voertuig te besturen.
Over dit apparaat Het draadloze apparaat dat in deze handleiding wordt beschreven, is goedgekeurd voor gebruik in de (E)GSMnetwerken 850, 900, 1800 en 1900 en UMTS-netwerken 900, 1900 en 2100. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie over netwerken. Houd u bij het gebruik van de functies van dit apparaat aan alle regelgeving en eerbiedig lokale gebruiken, privacy en legitieme rechten van anderen, waaronder auteursrechten.
Veiligheid Vergeet niet een back-up of een gedrukte kopie te maken van alle belangrijke gegevens die in uw apparaat zijn opgeslagen. Wanneer u het apparaat op een ander apparaat aansluit, dient u eerst de handleiding van het desbetreffende apparaat te raadplegen voor uitgebreide veiligheidsinstructies. Sluit geen incompatibele producten aan. De afbeeldingen in deze handleiding verschillen mogelijk van het scherm van uw apparaat.
Gebruik van Mail for Exchange is beperkt tot draadloze synchronisatie van PIM-informatie tussen het Nokiaapparaat en de geautoriseerde Microsoft Exchange-server. Veiligheid ActiveSync Magneten en magnetische velden Houd het apparaat uit de buurt van magneten en magneetvelden.
Aan de slag Aan de slag Toetsen en onderdelen (voorzijde en bovenzijde) 4 — Menutoets 5 — Numerieke toetsen 6 — Microfoon 7 — Blader- en selectietoets 8 — Wistoets C 9 — Beëindigingstoets 10 — Luistergedeelte 11 — Tweede camera 1 — Aan/uit-toets 2 — Nokia AV-aansluiting (3,5 mm) 3 — Micro USB-aansluiting 1 — Lichtsensor 12 2 — Selectietoetsen 3 — Beltoets
Snelschuiftoetsen Snelschuiftoetsen fungeren als media-, zoom- of speltoetsen, afhankelijk van de toepassing. Snelschuiftoetsen kunnen ook voor meerdere functies tegelijk worden gebruikt. Als u bijvoorbeeld op het web bladert met de toepassing Muziekspeler in de achtergrond, kunt u de speler bedienen met de toets Afspelen/pauze.
Aan de slag Klap de standaard aan de achterzijde uit en zet het apparaat op een vlakke ondergrond. Wanneer u de standaard openklapt, wordt de toepassing Foto's automatisch geopend. Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Algemeen > Persoonlijk > Staander als u de instellingen van de standaard wilt wijzigen. 2. Plaats de SIM-kaart in de kaarthouder. Zorg ervoor dat de schuine hoek op de kaart naar rechts is gericht en dat het contactgebied op de kaart naar beneden is gericht. 3.
De geheugenkaart plaatsen Het is mogelijk dat er al een geheugenkaart in het apparaat is geplaatst. Als dat niet het geval is, gaat u als volgt te werk: 1. Houd de achterzijde van het apparaat naar u toe en til het klepje op. 2. Plaats een compatibele geheugenkaart in de sleuf. Controleer of het contactgebied op de kaart naar beneden en richting de sleuf is gericht. 3. Schuif de kaart naar binnen. U hoort een klik wanneer de kaart vastklikt. 4. Sluit het achterklepje.
Aan de slag 2. Als er naar een PIN-code of blokkeringscode wordt gevraagd, voert u deze in en selecteert u OK. De vooraf ingestelde blokkeringscode is 12345. Als u de code bent vergeten en het apparaat is geblokkeerd, kunnen er extra servicekosten in rekening worden gebracht. Neem voor meer informatie contact op met een Nokia Carelocatie of de leverancier van uw apparaat. Als u het apparaat wilt uitschakelen, drukt u kort op de aan/uit-toets en selecteert u Uitschakelen!.
U kunt opladen via USB als er geen stopcontact beschikbaar is. Als u het apparaat oplaadt via USB, kunt u ook gelijktijdig gegevens overbrengen. 1. Sluit een compatibel USB-apparaat aan op uw apparaat met behulp van een compatibele USBkabel. De efficiëntie van het opladen via een USBaansluiting kan aanzienlijk verschillen. In sommige gevallen duurt het vrij lang voordat het opladen begint en het apparaat opnieuw is opgestart. 2.
Aan de slag 2. Bevestig een polsband. 3. Sluit de cover. Antennelocaties Het apparaat kan interne en externe antennes hebben. Vermijd onnodig contact met het gebied rond de antenne als de antenne aan het zenden of ontvangen is. Contact met antennes kan de kwaliteit van de communicatie nadelig beïnvloeden en kan tijdens gebruik leiden tot een hoger stroomverbruik en tot een kortere levensduur van de batterij.
Help van het apparaat Uw apparaat bevat instructies voor de toepassingen op het apparaat. Als u help wilt openen vanuit het hoofdmenu, selecteert u Menu > Toepassngn > Help en de toepassing waarbij u hulp nodig hebt. Als u vanuit een geopende toepassing de help voor de huidige weergave wilt openen, selecteert u Opties > Help. Als u tijdens het lezen de lettergrootte van de helptekst wilt wijzigen, selecteert u Opties > Lettergrootte verkleinen of Lettergrootte vergroten.
Help zoeken Als het probleem nog steeds niet is opgelost, neemt u contact op met Nokia om het apparaat te laten repareren. Kijk op www.nokia.com/repair. Maak eerst een back-up van de gegevens in uw apparaat voordat u het voor reparatie verstuurt. Haal meer uit uw apparaat Er zijn verschillende toepassingen beschikbaar van Nokia en leveranciers van software van derden die u helpen meer uit uw apparaat te halen. Voor het zoeken en downloaden van toepassingen bezoekt u de Ovi Store op store.ovi.com.
Nadat u de apparaatsoftware of toepassingen hebt bijgewerkt met Software-update, zijn de instructies voor de bijgewerkte toepassingen in de gebruikershandleiding of de Help mogelijk niet meer up-to-date. Selecteer Opties en een van de volgende opties: ● Update starten — Hiermee downloadt u de beschikbare updates. Als u bepaalde updates niet wilt downloaden, selecteert u de desbetreffende updates in de lijst en verwijdert u de bijbehorende markering.
Help zoeken 22 ● PIN-code (Personal Identification Number) — Deze code beveiligt uw SIM-kaart tegen ongeoorloofd gebruik. De PIN-code (vier tot acht cijfers) wordt doorgaans bij de SIM-kaart geleverd. Als u drie keer achtereen een verkeerde PIN-code invoert, wordt de code geblokkeerd en hebt u de PUK-code nodig om de blokkering van de PIN-code op te heffen. ● UPIN-code — Deze code wordt meestal bij de USIMkaart geleverd.
● Als functies WLAN gebruiken of als dergelijke functies op de achtergrond worden uitgevoerd terwijl u andere functies gebruikt, vergt dit extra batterijcapaciteit. WLAN op het Nokia-apparaat wordt uitgeschakeld wanneer u niet probeert om verbinding te maken, geen verbinding hebt met een toegangspunt of niet aan het zoeken bent naar beschikbare netwerken. Als u de batterij wilt sparen, kunt u aangeven dat er niet of minder vaak moet worden gezocht naar beschikbare netwerken op de achtergrond.
Help zoeken kunt u de instellingen van bepaalde toepassingen niet wijzigen als de spaarstandmodus is geactiveerd. Geheugen vrijmaken Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Best.beheer als u wilt zien hoeveel geheugen beschikbaar is voor verschillende gegevenstypen. Veel functies van het apparaat gebruiken geheugen om gegevens op te slaan. U krijgt een melding als het beschikbare geheugen bijna vol is.
Installatie van de telefoon Als u het apparaat voor het eerst inschakelt, opent de toepassing Install. v tel. Als u de toepassing Install. v tel. later wilt openen, selecteert u Menu > Instrumenten > Install. van tel.. Als u de verbindingen van het apparaat wilt instellen, selecteert u Instelwizard. Als u gegevens vanaf een compatibel Nokia-apparaat naar dit apparaat wilt overdragen, selecteert u Overdracht. De beschikbare opties kunnen verschillen.
Het apparaat zoeken naar andere apparaten met Bluetooth. Selecteer het apparaat waaruit u inhoud wilt overbrengen. U wordt gevraagd een code in te voeren op uw apparaat. Voer een code in (1-16 cijfers) en selecteer OK. Voer dezelfde code ook in op het andere apparaat en selecteer OK. De apparaten zijn nu gekoppeld. Sommige oudere Nokia-apparaten hebben nog geen toepassing Overdracht. In dat geval wordt de toepassing Overdracht als bericht naar het andere apparaat verzonden.
Na een gegevensoverdracht kunt u een snelkoppeling met de instellingen voor de overdracht in de hoofdweergave opslaan om dezelfde overdracht later te herhalen. Als u de snelkoppeling wilt bewerken, selecteert u Opties > Snelkoppellingsinstllngn. U kunt bijvoorbeeld de snelkoppeling een naam geven of deze naam wijzigen. Na elke overdracht wordt een overdrachtslogbestand weergegeven.
Het apparaat uit. De FM-zender is actief, maar zendt momenteel niet De FM-zender is actief en zendt momenteel uit. Er is een compatibele TV Out-kabel aangesloten op het apparaat. Er is een compatibele teksttelefoon aangesloten op het apparaat. Er is een gegevensoproep actief (netwerkdienst). Er is een GPRS-packet-gegevensverbinding actief (netwerkdienst). geeft aan dat de verbinding in de wachtstand staat en dat een verbinding beschikbaar is.
Als u een webverbinding wilt openen (netwerkdienst) in de stand-by modus, houdt u 0 ingedrukt. In veel toepassingen kunt u ook op de bladertoets drukken om de meest gebruikte opties ( ) te bekijken Druk op de aan/uit-toets om een profiel te wijzigen en selecteer een profiel. Als u in de stand-by modus wilt schakelen tussen de profielen Algemeen en Stil, houdt u # ingedrukt. Als u twee telefoonlijnen hebt (netwerkdienst), schakelt u met deze actie tussen de twee lijnen.
Het apparaat Door de ingebouwde luidspreker kunt u vanaf een korte afstand spreken en luisteren zonder dat u het apparaat aan uw oor hoeft te houden. Druk op Luidspreker als u de luidspreker tijdens een gesprek wilt gebruiken. Druk op Telefoon als u de luidspreker wilt uitschakelen. Het profiel Offline Druk kort op de aan/uit-toets en selecteer Offline als u het profiel Offline wilt activeren.
U kunt ondersteuning voor HSDPA in packetgegevensinstellingen in- of uitschakelen. Het apparaat snelheid voor gegevensdownloads. Wanneer HSDPAondersteuning in het apparaat is ingeschakeld en het apparaat is verbonden met een UMTS-netwerk dat HSDPA ondersteunt, kunt u veel sneller gegevens downloaden via het mobiele netwerk, zoals berichten, e-mail en webpagina's. Een actieve HSDPA-verbinding wordt aangegeven met .
Ovi Ovi Ga naar www.ovi.com voor meer informatie over de Ovi-diensten. Over Ovi Store In Ovi Store kunt u mobiele spelletjes, toepassingen, video's, afbeeldingen en beltonen downloaden op uw apparaat. Sommige items zijn gratis, andere moet u betalen met uw creditcard of via uw telefoonrekening. Ovi Store biedt u inhoud die compatibel is met het mobiele apparaat en die relevant is voor uw interesses en locatie.
Chatten met vrienden Een chatsessie met een vriend starten — Selecteer Opties > Chatten. Een chatbericht verzenden — Geef de tekst op in het berichtveld en selecteer Verzenden. In de chatweergave selecteert u Opties en een van de volgende opties: ● Verzenden — Het bericht verzenden. ● Emoticon toevoegen — Een smiley invoegen. ● Mijn locatie verzenden — Locatiegegevens verzenden naar uw chatpartner (als dit door beide toestellen wordt ondersteund). ● Profiel — De gegevens van een vriend weergeven.
Ovi ● Door uw bestanden en documenten bladeren en deze zoeken en bekijken. ● Muziek van uw computer naar uw apparaat overbrengen. ● Bestanden en mappen van de computer verzenden, zonder ze eerst van en naar het apparaat te verplaatsen. ● Toegang tot bestanden op uw computer verkrijgen, ook wanneer de computer is uitgeschakeld.
Informatie over de camera De Nokia N86 8MP heeft twee camera's. De hoofdcamera, met een hoge resolutie, bevindt zich aan de achterzijde van het apparaat. De tweede camera, met een lagere resolutie, bevindt zich aan de voorzijde. U kunt met beide camera's foto's maken en video's opnemen. Uw apparaat ondersteunt het maken van foto's met een resolutie van 3264x2448 pixels (8 megapixels). De beeldresolutie kan in deze documentatie anders zijn weergegeven. De foto's en videoclips worden opgeslagen in Foto's.
Camera en drukt u op de bladertoets. U kunt tevens instellen wanneer de actieve werkbalk wordt weergegeven. Als u de camera sluit, worden in de actieve werkbalk de standaardinstellingen hersteld.
Een kleureffect selecteren. De witbalans aanpassen. De belichtingscompensatie instellen (alleen foto's). De scherpte aanpassen (alleen foto's). Het contrast aanpassen (alleen foto's). De lichtgevoeligheid aanpassen (alleen foto's). De panoramamodus activeren. De pictogrammen geven de huidige instelling aan. Het opslaan van een gemaakte foto kan langer duren als u de instellingen voor zoomen, belichting of kleur hebt gewijzigd.
Camera Locatiegegevens U kunt automatisch informatie over de locatie waar de foto is gemaakt, toevoegen aan de bestandsgegevens van het vastgelegde materiaal. In de toepassing Foto's kunt u dan bijvoorbeeld zien op welke locatie de foto is gemaakt. Selecteer Menu > Toepassngn > Camera. Selecteer Opties > Instellingen > Locatie vastleggen > Aan om locatiegegevens toe te voegen aan al het vastgelegde materiaal. De locatiegegevens zijn alleen beschikbaar voor foto's die met de hoofdcamera worden gemaakt.
Na het maken van een foto Selecteer een van de volgende opties in de actieve werkbalk nadat u de foto hebt gemaakt (alleen beschikbaar als Opgenomen afb. weerg. is ingeschakeld in de instellingen van de fotocamera): ● Selecteer Verwijdrn ( bewaren. ) als u de foto niet wilt ● Als u de foto wilt verzenden als een multimediabericht, e-mailbericht of via een andere verbindingsmethode, bijvoorbeeld een Bluetoothverbinding, drukt u op de beltoets of selecteert u Verzenden ( ).
Camera Scènes Scènes zijn alleen beschikbaar in de hoofdcamera. Met een scène krijgt u automatisch de juiste instellingen voor kleur en belichting voor de huidige omgeving. De instellingen van elke scène zijn afgestemd op een bepaalde stijl of omgeving. De standaardscène in de afbeeldingsmodus is Auto en in de videomodus Automatisch (beide worden aangegeven met ). Als u van scène wilt veranderen, selecteert u Scènemodus op de actieve werkbalk en selecteert u een scène. Ga naar Gebr. gedef.
De zelfontspanner is alleen beschikbaar in de hoofdcamera. Met de zelfontspanner kunt u een opname uitstellen zodat u zelf ook op de foto kunt komen te staan. Ga naar de actieve werkbalk en selecteer Zelfontspanner > 2 seconden, 10 seconden of 20 seconden om de vertraging voor de zelfontspanner in te stellen. Selecteer Activeren als u de zelfontspanner wilt activeren. U hoort een signaal wanneer de zelfontspanner is geactiveerd, en vóór de opname knippert de vierhoek.
Camera te plaatsen. Als het object op de voorgrond zich te dicht bij de camera bevindt, kan het wazig worden. Video-opname Een verandering van de bron, hoeveelheid en richting van het licht kan een foto aanzienlijk beïnvloeden. Hier volgen enkele veelvoorkomende lichtomstandigheden: In de videozoeker wordt het volgende weergegeven: Lichtomstandigheden ● Lichtbron achter het onderwerp. Plaats het onderwerp nooit vóór een sterke lichtbron.
10 — Symbool voor GPS-signaal Video's opnemen 1. Als de camera in de afbeeldingsmodus staat, selecteert u de videomodus op de actieve werkbalk. 2. Druk op de opnametoets om de opname te starten. Het rode opnamepictogram ( ) wordt weergegeven en er klinkt een geluidssignaal. 3. U kunt de opname op elk gewenst moment onderbreken door op Pauze te drukken. Selecteer Doorgaan om de opname te hervatten. Als u de opname onderbreekt en gedurende één minuut niet op een toets drukt, wordt de opname gestopt.
Camera ● Druk op de opnametoets als u wilt terugkeren naar de zoeker om een nieuwe videoclip op te nemen. Camera-instellingen U kunt twee soorten instellingen gebruiken voor de camera: standaardinstellingen en begininstellingen. Als u de camera sluit, worden de standaardinstellingen voor video's weer hersteld, terwijl de begininstellingen gehandhaafd blijven totdat u deze weer wijzigt. Gebruik de opties op de actieve werkbalk als u de standaardinstellingen wilt wijzigen.
De beschikbare instellingen zijn afhankelijk van de geselecteerde camera. ● Flitsermodus ( ) (alleen foto) — Hiermee selecteert u de gewenste flitsermodus. ● Kleurtoon ( ) — Selecteer een kleureffect. ● Videolicht aan of Videolicht uit — Schakel het videolicht in of uit (alleen in de videomodus). ● Witbalans ( ) — Selecteer de huidige belichtingssituatie. Met behulp van deze optie kunt u de kleuren van de camera nauwkeuriger instellen.
Camera 46 ● Videostabilisatie — Beperkt de gevolgen van het schudden van de camera tijdens de video-opname. ● Geluidsopname — Geef aan of u geluid wilt opnemen. ● Toevoegen aan album — Voeg de opgenomen videoclip toe aan een album in Foto's. ● Opgenomen video tonen — Selecteer deze optie om het eerste beeld van de opgenomen videoclip weer te geven nadat de opname is gestopt.
Informatie over Foto's Selecteer Menu > Foto's en een van de volgende opties: ● Vastgelegd — Alle afbeeldingen en video's die u hebt vastgelegd en opgenomen weergeven. ● Maanden — Afbeeldingen en video's ordenen en weergeven volgens de maand waarin ze zijn vastgelegd of opgenomen. ● Albums — De standaardalbums en de albums die u gemaakt hebt weergeven. ● Labels — De labels weergeven die u voor elk item hebt gemaakt. ● Alle — Alle items weergeven.
Foto's Selecteer Opties > Bewerken als u een afbeeling of video wilt bewerken. Selecteer Opties > Tonen op kaart als u wilt bekijken waar een met gemarkeerde afbeelding is vastgelegd. Als u uw afbeeldingen wilt afdrukken op een compatibele printer, selecteert u Opties > Afdrukken. Selecteer Opties > Naar album > Later afdr. om afbeeldingen naar een album te verplaatsen waar u ze later kunt afdrukken. Bestandsgegevens weergeven en bewerken Selecteer Menu > Foto's. Ga naar een item.
Als u een afbeelding of videoclip wilt verwijderen, selecteert u het item en Verwijderen op de actieve werkbalk. Actieve werkbalk De actieve werkbalk is alleen beschikbaar wanneer u een afbeelding of videoclip in een weergave hebt geselecteerd. Navigeer in de actieve werkbalk naar verschillende items en selecteer de gewenste optie. De beschikbare opties variëren afhankelijk van de huidige status en het feit of u een afbeelding of videoclip hebt geselecteerd.
Foto's Met labels kunt u de media-items in Foto's in categorieën plaatsen. In het Labelbeheer kunt u labels maken en verwijderen. Het Labelbeheer geeft aan welke labels op dit moment gebruikt worden en aan hoeveel items elk label toegekend is. Diavoorstelling Als u een label wilt maken, selecteert u Opties > Nieuw label. Als u alleen de geselecteerde afbeeldingen in een diavoorstelling wilt weergeven, selecteert u Opties > Markeringen aan/uit > Markeren om afbeeldingen te markeren.
Als u het volume tijdens de diavoorstelling wilt aanpassen, drukt u op de volumetoetsen. TV out-modus U kunt opgenomen afbeeldingen en videoclips bekijken op een compatibele tv met behulp van een Nokia Video Connectivity-kabel. Voordat u afbeeldingen en videoclips op het televisietoestel kunt bekijken, moet u mogelijk de TV Out-instellingen voor het televisiesysteem en de juiste verhouding opgeven. Zie 'Instellingen voor accessoires', p. 158.
Foto's gemarkeerde foto's worden op het volledige televisiescherm getoond terwijl de geselecteerde muziek wordt afgespeeld. Zie 'Diavoorstelling', p. 50. De kwaliteit van het televisiebeeld kan variëren vanwege de verschillende resolutie van de apparaten. Draadloze radiosignalen, bijvoorbeeld inkomende oproepen, kunnen storingen in het televisiebeeld veroorzaken.
● Druk op 3 of 1 als u een afbeelding naar rechts of naar links wilt draaien. ● Druk op 5 of 0 als u wilt in- of uitzoomen. ● Druk de bladertoets omhoog, omlaag, naar links of naar rechts als u wilt schuiven in een ingezoomde afbeelding. ● Tekst toevoegen — om tekst aan het begin of het einde van de videoclip toe te voegen. ● Knippen — om de video te verkorten en de secties te markeren die u in de videoclip wilt behouden. Foto's ● Druk op * voor een afbeelding op het volledige scherm.
Galerij Galerij Over de Galerij Selecteer Menu > Toepassngn > Galerij. De Galerij is een opslagplaats waar u foto's, videoclips, geluidsclips, liedjes en streaming koppelingen kunt opslaan. Hoofdweergave Selecteer Menu > Toepassngn > Galerij. Maak een keuze uit de volgende opties: — Afbeeldingen en videoclips ● Afbeeldingen weergeven in Foto's. — Videoclips weergeven in het ● Videoclips Videocentr.. ● Tracks — De Muziekspeler openen. ● Geluidsclips — Naar geluidsclips luisteren. ● Streaming kop.
Selecteer Menu > Toepassngn > Galerij en Streaming kop.. Druk op 1 of 3 om de afbeelding 90 graden met de klok mee of tegen de klok in te draaien. Druk op 7 of 9 om de afbeelding 45 graden te draaien. Druk op * om te wisselen tussen een weergave op het volledige scherm of een normale weergave. Galerij Koppelingen naar streamingmedia Als u een streaming koppeling wilt openen, selecteert u de koppeling uit de lijst.
Connectiviteit Connectiviteit Het apparaat biedt verschillende opties om verbinding te maken met internet of met een ander compatibel apparaat of pc. Draadloos LAN Over WLAN Als u een draadloze LAN-verbinding (WLAN) wilt gebruiken, moet dit mogelijk zijn op de locatie waar u zich bevindt en moet uw apparaat op het WLAN zijn aangesloten. Bij sommige beveiligde WLAN's hebt u een toegangssleutel van de serviceprovider nodig om verbinding te maken.
Als het apparaat is ingesteld op het profiel Offline, kunt u nog steeds een WLAN gebruiken, als die beschikbaar is. Zorg ervoor dat u voldoet aan alle toepasselijke veiligheidsvoorschriften bij het tot stand brengen en gebruiken van een WLAN-verbinding. Als u het apparaat naar een andere plek binnen het WLAN, maar buiten het bereik van een WLANtoegangspunt verplaatst, kan het apparaat via roaming automatisch naar een ander toegangspunt dat behoort tot hetzelfde WLAN worden doorverbonden.
Connectiviteit ● Details — Hiermee geeft u de gegevens van het WLAN weer. Belangrijk: Schakel altijd één van de beschikbare encryptiemethoden in om de beveiliging van uw draadloze LAN-verbinding te vergroten. Het gebruik van encryptie verkleint het risico van onbevoegde toegang tot uw gegevens. Verbindingsbeheer Actieve gegevensverbindingen Selecteer Menu > Instrumenten > Connect. > Verb.beheer. Selecteer Act. gegevensverbindingen.
Met de Bluetooth-technologie in het apparaat kunnen elektronische apparaten binnen een bereik tot 10 meter draadloos met elkaar worden verbonden. Een Bluetooth-verbinding kan worden gebruikt voor het verzenden van afbeeldingen, video's, tekst, visitekaartjes, agendanotities, of om draadloze verbindingen tot stand te brengen met Bluetoothapparaten.
Connectiviteit zichtbaar voor andere gebruikers van apparaten met Bluetooth-technologie. 4. Activeer de toepassing waar het item dat u wilt verzenden opgeslagen is. 5. Selecteer het item en Opties > Verzenden > Via Bluetooth. Het apparaat zoekt andere apparaten binnen het bereik met behulp van de Bluetoothtechnologie en maakt er een lijst van. Tip: Als u eerder gegevens via Bluetooth hebt verzonden, wordt een lijst met de vorige zoekresultaten weergegeven.
De toegangscode voor SIM-toegang op afstand moet uit 16 cijfers bestaan. In de externe SIM-modus kunt u de SIM-kaart van uw apparaat gebruiken met compatibele accessoires. Als het draadloze apparaat in de externe SIM-modus staat, kunt u alleen gesprekken voeren of ontvangen via compatibele en aangesloten toebehoren, zoals een carkit. U kunt in deze modus geen nummers kiezen met uw draadloze apparaat, behalve de alarmnummers die in het apparaat zijn geprogrammeerd.
Connectiviteit van mensen die u volledig vertrouwt. Als u verbindingsverzoeken vanuit het andere apparaat elke keer opnieuw wilt accepteren, selecteert u Niet geautoriseerd. Als u een Bluetooth-audioaccessoire wilt gebruiken, bijvoorbeeld een Bluetooth-handsfree of hoofdtelefoon, moet u het apparaat aan het accessoire koppelen. Raadpleeg de gebruikershandleiding van het accessoire voor de toegangscode en verdere instructies. Zet het audioaccessoire aan om het te verbinden.
3. Beëindig de verbinding vanaf de computer (bijvoorbeeld via de wizard Loskoppelen of Hardware uitwerpen in Microsoft Windows) om beschadiging van de geheugenkaart te voorkomen. Als u Nokia Ovi Suite wilt gebruiken voor gegevensoverdracht, installeert u eerst Nokia Ovi Suite op de pc, en vervolgens sluit u de gegevenskabel aan en selecteert u PC Suite.
Connectiviteit 64 Selecteer Opties > Synchroniseren om gegevens te synchroniseren. Selecteer Annuleren om de synchronisatie tussentijds af te breken.
Over Browser Selecteer Menu > Web. Met de toepassing Browser kunt u HTML-webpagina's (HyperText Markup Language) op internet weergeven zoals deze oorspronkelijk zijn ontworpen. U kunt ook bladeren door webpagina's die specifiek zijn ontworpen voor mobiele apparaten en XHTML (eXtensible HyperText Markup Language) of WML (Wireless Markup Language) gebruiken. Als u wilt browsen op het web, moet op uw apparaat een internettoegangspunt zijn geconfigureerd. Voor de browser is netwerkondersteuning vereist.
Browser Selecteer Opties > Webpaginaopties > Pop-ups blokkeren of Pop-ups toestaan als u wilt voorkomen of toestaan dat meerdere vensters automatisch worden geopend. Als u de sneltoetsdetails wilt weergeven, selecteert u Opties > Tts.bloksnelk. wrgvn. Als u de sneltoetsen wilt bewerken, selecteert u Bewerken. Tip: Als u de browser wilt minimaliseren zonder dat u de toepassing wilt afsluiten of de verbinding wilt verbreken, drukt u eenmaal op de eindetoets.
Webfeeds en blogs Selecteer Menu > Web. Webfeeds zijn XML-bestanden op webpagina's die voor delen worden gebruikt, bijvoorbeeld het laatste nieuws of blogs. Webfeeds vindt u gewoonlijk op web-, blog- en wiki-pagina's. De browsertoepassing detecteert automatisch of een webpagina webfeeds bevat. Als er webfeeds beschikbaar zijn, selecteert u Opties > Abonneren op webfeeds om u op de webfeeds te abonneren.
Browser Tip: Als u op de huidige webpagina tekst wilt zoeken, drukt u op 2. Bookmarks Een cache is een geheugenlocatie die wordt gebruikt om gegevens tijdelijk op te slaan. Als u toegang hebt gezocht of gehad tot vertrouwelijke informatie waarvoor u een wachtwoord moet opgeven, kunt u de cache van het apparaat na gebruik beter legen. Selecteer Opties > Ga naar > Bookmarks. U kunt webadressen selecteren uit een lijst of uit een verzameling bookmarks in de map Onlangs bezochte pag..
Voor sommige diensten, bijvoorbeeld bankieren, is een beveiligingscertificaat vereist. Er verschijnt een melding als de identiteit van de server niet klopt of het juiste beveiligingscertificaat niet op het apparaat aanwezig is. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider.
Browser ● Schermformaat — Hiermee schakelt u tussen de volledige schermweergave en de normale weergave met de optielijst. ● Standaardcodering — Als tekstekens niet correct worden weergegeven, kunt u een andere codering selecteren afhankelijk van de taal van de huidige pagina. ● Pop-ups blokkeren — Hiermee staat u het automatisch openen van pop-ups tijdens het browsen toe of blokkeert u deze functie. ● Automat.
Waarschuwing: Voortdurende blootstelling aan een hoog geluidsvolume kan uw gehoor beschadigen. Luister naar muziek op een gematigd geluidsvolume. Houd het apparaat niet dicht bij uw oor wanneer de luidspreker in gebruik is. FM-radio De FM-radio maakt gebruik van een andere antenne dan de antenne van het draadloze apparaat. De FMradio functioneert alleen naar behoren als er een compatibele hoofdtelefoon of andere accessoire op het apparaat is aangesloten.
Muziek ● Afsp. in achtergrond — Hiermee gaat u terug naar de stand-by modus terwijl u op de achtergrond naar de FM-radio blijft luisteren. Waarschuwing: Voortdurende blootstelling aan een hoog geluidsvolume kan uw gehoor beschadigen. Luister naar muziek op een gematigd geluidsvolume. Houd het apparaat niet dicht bij uw oor wanneer de luidspreker in gebruik is. Selecteer Opties > Instellingen > Huidige regio om het gebied te kiezen waarin u zich op dat moment bevindt.
Instellingen voor Ovi Music wijzigen — Selecteer Opties > Instellingen. Ovi Music is niet in alle landen of regio's beschikbaar. Nokia Internetradio Selecteer Menu > Muziek > Internetradio. Met de toepassing Nokia Internetradio (een netwerkdienst) kunt u naar beschikbare radiozenders op internet luisteren. Als u radiozenders wilt beluisteren, moet u een draad LAN- (WLAN) of packetgegevenstoegangspunt hebben gedefinieerd op uw apparaat.
Muziek om naar de vorige of volgende opgeslagen zender te luisteren. Favoriete zenders Selecteer Menu > Muziek > Internetradio. U kunt uw favoriete zenders weergeven en beluisteren door Favorieten te selecteren. U kunt een zender handmatig aan uw favorieten toevoegen door Opties > Zender handm. toev. te selecteren. Voer het webadres van de zender in evenals de naam die u in uw lijst met favoriete zenders wilt opnemen.
Instellingen voor internetradio Selecteer Menu > Muziek > Internetradio en Opties > Instellingen. Als u het standaardtoegangspunt wilt selecteren om verbinding met het netwerk te maken, selecteert u Standaardtoegangspunt en maakt u uw keuze uit de beschikbare opties. Selecteer Altijd vragen als u wilt dat u wordt gevraagd het toegangspunt te selecteren telkens wanneer u de toepassing opent.
Muziek ● Standaardtoeg. punt — Selecteer het toegangspunt om uw internetverbinding te definiëren. ● URL van zoekservice — Definieer de URL van de dienst voor het zoeken naar podcasts die u in zoekopdrachten wilt gebruiken. Downloadinstellingen Selecteer Opties > Instellingen > Downloaden om de downloadinstellingen te bewerken, en maak uw keuze uit de volgende opties: ● Opslaan in — Definieer de locatie waar u de podcasts wilt opslaan.
Selecteer Opties > Opnieuw zoeken om een nieuwe zoekopdracht te starten. Selecteer Opties > Webpagina openen om naar de website van de podcast te gaan (netwerkdienst). Selecteer Opties > Beschrijving als u de details van een podcast wilt bekijken. Selecteer Opties > Zenden om een podcast naar een ander compatibel apparaat te verzenden. Mappen Als u mappen wilt openen, selecteert u Menu > Muziek > Podcasting en Mappen. In de mappen kunt u nieuwe podcast-episodes vinden waarop u zich kunt abonneren.
Muziek Als u de podcasts wilt bekijken waarop u zich hebt geabonneerd, selecteert u Podcasting > Podcasts. Selecteer het podcastbestand om de titels van afzonderlijke episodes te bekijken (een episode is een specifiek mediabestand van een podcast). Selecteer de episodetitel om te beginnen met downloaden. Als u geselecteerde of gemarkeerde episodes wilt downloaden of verder wilt gaan met het downloaden van deze episodes, selecteert u Opties > Downloaden. U kunt verschillende episodes tegelijk downloaden.
Sommige podcasts bieden de mogelijkheid om te communiceren met de makers van de podcast door commentaar te geven of ergens een stem op uit te brengen. Selecteer Opties > Opmerkingen weerg. als u een internetverbinding tot stand wilt brengen om dit te doen. Muziekspeler De muziekspeler ondersteunt bestandsindelingen als AAC, AAC+, eAAC+, MP3 en WMA, maar dat betekent niet automatisch dat ook alle functies of variaties van deze bestandsindelingen worden ondersteund.
Muziek Wanneer u willekeurig afspelen ( ) wilt in- of uitschakelen, selecteert u Opties > Willekeurig afspelen. Selecteer Opties > Herhalen wanneer u het huidige item ( ) of alle items ( ) wilt herhalen, of herhalen wilt uitschakelen. Als u podcasts afspeelt, zijn willekeurig afspelen en herhalen automatisch uitgeschakeld. Druk op de volumetoets om het volume te regelen. Selecteer Opties > Equalizerals u de toon voor het afspelen van muziek wilt wijzigen.
Als u een nummer uit een afspeellijst wilt verwijderen, selecteert u Opties > Verwijderen. Hiermee verwijdert u het nummer niet uit het apparaat, maar alleen uit de afspeellijst. Gebruik de bladertoets als u nummers naar een nieuwe positie wilt slepen. Podcasts Selecteer Menu > Muziek > Podcasting. In het podcastmenu worden de podcasts weergegeven die beschikbaar zijn in het apparaat. Er zijn drie statuswaarden voor podcast-episodes: nooit afgespeeld, gedeeltelijk afgespeeld en volledig afgespeeld.
Muziek Muziek overbrengen vanaf de pc U kunt muziek overbrengen op de volgende manieren: ● Als u het apparaat op een pc wilt weergeven als massageheugenapparaat waarnaar u gegevensbestanden kunt overbrengen, maakt u verbinding via een compatibele USB-kabel of via Bluetooth. Selecteer Massaopslag als verbindingsmethode wanneer u een USB-kabel gebruikt. ● Sluit een compatibele USB-kabel aan en selecteer Mediaoverdracht als verbindingsmethode wanneer u muziek wilt synchroniseren met Windows Media Player.
2. Selecteer Opties > FM-zender in de weergave Afspelen. Muziek 1. Selecteer een nummer of selecteer de afspeellijst die u wilt afspelen. 3. Als u de FM-zender wilt activeren, selecteert u FMzender > Aan en voert u een frequentie in die vrij is van andere zendingen. Als bijvoorbeeld in uw omgeving de frequentie van 107,8 MHz vrij is en u uw FM-ontvanger hierop afstelt, moet u ook de FMzender op 107,8 MHz afstellen. 4. Stem het ontvangstapparaat op dezelfde frequentie af en selecteer Opties > Afsluiten.
Positionering (GPS) 84 Positionering (GPS) U kunt toepassingen, zoals GPS-gegevens, gebruiken om uw locatie en afstanden te bepalen. Voor deze toepassingen is een GPS-verbinding vereist. Informatie over GPS De coördinaten van het GPS worden uitgedrukt in het internationale WGS-84-systeem voor coördinaten. De beschikbaarheid van de coördinaten kan per regio verschillen.
Wanneer u A-GPS activeert, ontvangt uw apparaat via het mobiele netwerk nuttige satellietgegevens van een hulpgegevensserver. Met behulp van deze hulpgegevens kan de GPS-positie sneller worden gedetecteerd in het apparaat. Uw apparaat is standaard geconfigureerd voor gebruik van de Nokia A-GPS-dienst, als er geen A-GPSinstellingen voor een specifieke serviceprovider voorhanden zijn. De hulpgegevens worden alleen van de server van de Nokia A-GPS-dienst opgehaald wanneer dat nodig is.
Positionering (GPS) ● Ga als u buiten bent naar een omgeving met minder obstakels. ● Controleer of de GPS-antenne van het apparaat niet wordt afgedekt door uw hand. ● Slechte weersomstandigheden kunnen de signaalsterkte beïnvloeden. ● Sommige voertuigen hebben getint (athermisch) glas, dat de satellietsignalen kan blokkeren.
Selecteer Opties en maak een keuze uit de volgende opties: ● Nieuwe plaats — Hiermee maakt u een nieuwe plaats. Als u een positieaanvraag wilt doen voor uw huidige locatie, selecteert u Huidige positie. Als u de locatie vanaf de kaart wilt selecteren, selecteert u Selecteren op kaart. Als u de positiegegevens handmatig in wilt voeren, selecteert u Handmatig opgeven. ● Bewerken — Hiermmee voegt u informatie (zoals een adres) toe aan een opgeslagen plaats of bewerkt u deze.
Positionering (GPS) Bij route-instructies wordt een roterend kompas in het scherm van het apparaat gebruikt. Een rode bal geeft de richting van de bestemming aan en de gemiddelde afstand tot deze bestemming wordt in de kompasring weergegeven. Route-instructies zijn bedoeld om u de snelste en de kortste weg naar uw bestemming te tonen, gemeten in een rechte lijn. Obstakels onderweg, zoals gebouwen en natuurlijke obstakels, worden genegeerd.
Overzicht van Kaarten Selecteer Menu > Kaarten. Welkom bij Kaarten. Kaarten toont u wat zich in de buurt bevindt, helpt u bij het plannen van een route en helpt u uw bestemming te bereiken. ● Zoek steden, straten en diensten. ● Vind de weg met navigatie-instructies. ● Synchroniseer uw favoriete locaties en routes tussen uw mobiele apparaat en de internetdienst van Ovi Maps. ● Controleer weersverwachtingen en andere lokale informatie als deze beschikbaar is.
Nokia Kaarten nauwkeurigheid van de schatting is groter in dichtbevolkte gebieden. Over de kaart schuiven — Gebruik de bladertoets. De kaart is standaard naar het noorden gericht. Uw huidige of laatst bekende locatie weergeven — Druk op 0. In- of uitzoomen — Druk op * of #. Als u naar een gebied bladert waarvan de kaarten niet op uw apparaat zijn opgeslagen en er een actieve gegevensverbinding is, worden nieuwe kaarten automatisch gedownload.
2. Selecteer de juiste optie. Weergaven wijzigen tijdens navigatie — Druk op de bladertoets en selecteer 2D-weergave, 3Dweergave, Pijlweerg. of Routeoverzicht. Een route plannen Tip: Selecteer Kaart als u zonder een ingestelde bestemming wilt rijden. Uw locatie wordt in het midden van de kaart weergegeven terwijl u zich verplaatst. Houdt u aan de lokale wetgeving. Houd tijdens het rijden uw handen vrij om uw voertuig te besturen.
Nokia Kaarten Navigeren naar de bestemming — Selecteer Route weerg. > Opties > Rit starten of Wandeling starten. De instellingen voor een route wijzigen De route-instellingen hebben invloed op de navigatieinstructies en de manier waarop de route op de kaart wordt weergegeven. 1. Open in de weergave van de routeplanner het tabblad Instellingen. Selecteer Opties > Routepuntn of Lijst met routepunten om de routeplannerweergave vanuit de navigatieweergave te openen. 2.
Druk op 8 om de kaart in te stellen op nachtelijk gebruik. Kaartweergave Druk op 9 om het dashboard weer te geven. Sneltoetsen voor autonavigatie Druk op 1 om de kaart in te stellen op gebruik overdag of ´s nachts. Nokia Kaarten Druk op 7 om de lijst met routepunten weer te geven. Druk op 2 om de huidige locatie op te slaan. Druk op 3 om naar locaties op categorie te zoeken. Druk op 4 om de gesproken begeleiding te herhalen. Druk op 5 om een andere route te zoeken.
Nokia Kaarten Navigatieweergave De nauwkeurigheid van het kompas is beperkt. Elektromagnetische velden, metalen objecten of andere externe omstandigheden kunnen de nauwkeurigheid van het kompas nadelig beïnvloeden. Het kompas moet altijd goed worden geijkt. 1 — Route 2 — Uw locatie en richting 3 — Kompas 4 — Informatiebalk (snelheid, afstand, tijd) Het kompas gebruiken Selecteer Menu > Kaarten en Mijn positie. Het kompas activeren — Druk op 5. Het kompas deactiveren — Druk nogmaals op 5.
Locatie delen Selecteer Menu > Kaarten en Locatie delen. U hebt een Nokia-account en een Facebook-account nodig voordat u een locatie kunt delen. 1. Selecteer Locatie delen. 2. Meld u aan bij uw Nokia-account of selecteer Nieuwe account maken als u nog geen account hebt. 3. Meld u aan bij uw Facebook-account. 4. Selecteer uw huidige locatie. 5. Voer uw statusupdate in. 6. Selecteer Een foto toevoegen als u een foto aan uw bericht wilt koppelen. 7. Selecteer Locatie delen.
Nokia Kaarten Als u een taal selecteert die straatnamen bevat, worden ook de straatnamen uitgesproken. Gesproken begeleiding is niet voor elke taal beschikbaar. De taal van gesproken begeleiding wijzigen — Selecteer in de hoofdweergave Opties > Instellingen > Navigatie > Per auto-begeleiding of Te voet-begeleiding en de juiste optie. Wanneer u wandelt, kan het apparaat u naast gesproken begeleiding ook helpen met piep- en trilsignalen.
1. Ga in de kaartweergave naar de locatie. Selecteer Zoeken om een adres of plaats te zoeken. 2. Druk op de bladertoets. 3. Selecteer Plaats opsl.. Een route opslaan 1. Ga in de kaartweergave naar de locatie. Selecteer Zoeken om een adres of plaats te zoeken. 2. Selecteer Opties > Toevoegen aan route als u een ander routepunt wilt toevoegen. 3. Selecteer Nieuw routepunt toev. en de juiste optie. 4. Selecteer Route weerg. > Opties > Route opslaan.
Nokia Kaarten internetdienst van Ovi Maps te synchroniseren. Als u geen Nokia-account hebt, selecteert u in de hoofdweergave Opties > Account > Nokiaaccount > Nieuwe account maken. Opgeslagen plaatsen, routes en verzamelingen synchroniseren — Selecteer Favorieten > Synchroniseren met Ovi. Als u nog geen Nokiaaccount hebt, wordt u gevraagd er een te maken. Het apparaat instellen om Favorieten automatisch te synchroniseren — Selecteer Opties > Instellingen > Synchronisatie > Wijzigen > Bij het opstart.
Informatie over het eigen netwerk Uw apparaat is compatibel met UPnP (Universal Plug and Play) en gecertificeerd door DLNA (Digital Living Network Alliance).. U kunt een apparaat voor een draadloos LAN-toegangspunt of -router (WLAN) gebruiken om een thuisnetwerk te maken. Vervolgens sluit u compatibele en voor WLAN geschikte UPnPapparaten aan op het netwerk.
Eigen netwerk Het apparaat wordt alleen met het thuisnetwerk verbonden als u een verbindingsverzoek van een ander compatibel apparaat accepteert of als u de optie selecteert voor het weergeven, afspelen of kopiëren van mediabestanden op uw apparaat of naar andere apparaten zoekt.
Selecteer Menu > Toepassngn > Eigen media. Selecteer een van de volgende opties: ● Inhoud delen — Hiermee kunt u het delen van mediabestanden met compatibele apparaten toestaan of weigeren. Schakel de optie voor het delen van inhoud pas in nadat u alle andere instellingen hebt geconfigureerd.
Eigen netwerk 3. Als u een mediabestand niet langer wilt delen, selecteert u Opties > Tonen stoppen. Mediabestanden weergven die zijn opgeslagen op een ander apparaat Als u mediabestanden die zijn opgeslagen in een ander apparaat binnen uw thuisnetwerk wilt weergeven op uw eigen apparaat (of op een compatibele tv bijvoorbeeld), gaat u als volgt te werk: 1. Selecteer Menu > Toepassngn > Eigen media en Zk in eigen ntw.. Uw apparaat zoekt naar compatibele apparaten.
U kunt de instellingen van het WLANinternettoegangspunt in uw apparaat weergeven of wijzigen. Eigen netwerk toegangspunt en vervolgens op de andere compatibele apparaten die u op het eigen netwerk wilt aansluiten. Raadpleeg de documentatie van de apparaten. Houd wachtwoorden geheim en bewaar deze op een veilige plek, afzonderlijk van de apparaten.
Nokia Videocentrum Nokia Videocentrum Met Nokia Videocentrum (netwerkdienst) kunt u videoclips via de ether downloaden en streamen vanaf compatibele videodiensten met behulp van packetgegevens of WLAN. U kunt videoclips ook vanaf een compatibele pc naar het apparaat overbrengen en deze in Videocentrum bekijken. Het gebruik van gegevenstoegangspunten om video's te downloaden kan de overdracht van grote hoeveelheden gegevens over het netwerk van de serviceprovider met zich meebrengen.
Waarschuwing: Voortdurende blootstelling aan een hoog geluidsvolume kan uw gehoor beschadigen. Luister naar muziek op een gematigd geluidsvolume. Houd het apparaat niet dicht bij uw oor wanneer de luidspreker in gebruik is. Selecteer Opties en maak een keuze uit de volgende opties: ● Downloaden hervatten — Hiermee zet u een onderbroken of niet-geslaagde download voort. ● Downloaden annuleren — Hiermee annuleert u een download. ● Voorbeeld — Hiermee bekijkt u een voorbeeld van een videoclip.
Nokia Videocentrum ● Feeds vernieuwen — Hiermee vernieuwt u de inhoud van alle feeds. ● Account beheren — Hiermee beheert u uw accountopties voor een bepaalde feed, indien beschikbaar. ● Verplaatsen — Hiermee verplaatst u videoclips naar de gewenste locatie. Als u de video's wilt zien die in een feed beschikbaar zijn, selecteert u een feed uit de lijst. Mijn video's Mijn video's is een opslagplaats voor alle video's in de toepassing Videocentrum.
2. Selecteer de verbindingsmodus Massaopslag. 3. Selecteer de videoclips die u vanaf uw pc wilt kopiëren. 4. Breng de videoclips over naar E:\Mijn video's in het massageheugen van het apparaat of naar F:\Mijn video's op een compatibele geheugenkaart (indien beschikbaar). De overgebrachte videoclips verschijnen in de map Mijn video's in Videocentrum. Videobestanden in andere mappen van uw apparaat worden niet weergegeven.
Berichten Berichten Alleen apparaten met compatibele functies kunnen multimediaberichten ontvangen en weergeven. De weergave van een bericht kan verschillen afhankelijk van het ontvangende apparaat. Berichten, hoofdweergave Selecteer Menu > Berichten (netwerkdienst). Selecteer Nieuw bericht als u een nieuw bericht wilt maken. Tip: Als u veelvuldig gebruikte berichten niet steeds opnieuw wilt schrijven, gebruikt u teksten in de map Sjablonen in Mijn mappen.
Druk herhaaldelijk op een cijfertoets (1–9) totdat het gewenste teken verschijnt. Er zijn meer tekens beschikbaar voor een cijfertoets dan er op de toets staan afgebeeld. Als de volgende letter zich op dezelfde toets bevindt als de huidige letter, wacht u totdat de cursor verschijnt (of drukt u de bladertoets naar rechts om de time-outperiode te beëindigen) en typt u de letter. Voor een spatie drukt u op 0. Als u de cursor op een nieuwe regel wilt plaatsen, drukt u driemaal op 0. Tekstvoorspelling 1.
Berichten De meest gebruikte leestekens zijn beschikbaar onder 1. Als u ze een voor een wilt doorlopen, drukt u bij de gewone tekstinvoer herhaaldelijk op 1. Als u invoer met tekstvoorspelling gebruikt, drukt u op 1 en vervolgens herhaaldelijk op *. Als u een lijst met speciale tekens wilt openen, houdt u * ingedrukt. Tip: Als u verschillende speciale tekens in de lijst met speciale tekens wilt selecteren, drukt u na elk gemarkeerd teken op 5.
Alleen apparaten met compatibele functies kunnen multimediaberichten ontvangen en weergeven. De weergave van een bericht kan verschillen afhankelijk van het ontvangende apparaat. Informeer bij uw provider naar de maximale grootte van e-mailberichten. Als u probeert om een emailbericht te verzenden dat de toegestane grootte van de e-mailserver overschrijdt, blijft het bericht in de map Outbox staan en probeert het apparaat geregeld om het opnieuw te verzenden.
Berichten worden verzonden als twee of meer berichten. Uw serviceprovider kan hiervoor de desbetreffende kosten in rekening brengen. Tekens met accenten, andere symbolen en sommige taalopties nemen meer ruimte in beslag, waardoor het aantal tekens dat in één bericht kan worden verzonden, wordt beperkt. Inbox met ontvangen berichten Berichten ontvangen Selecteer Menu > Berichten en Inbox.
Webdienstberichten zijn meldingen (bijvoorbeeld van nieuwsberichten) en kunnen een SMS-bericht of een koppeling bevatten. Informeer bij de serviceprovider naar de beschikbaarheid van dergelijke diensten. Berichtlezer Met Berichtlezer kunt u tekst-, MMS- en geluidsberichten en e-mail beluisteren. Als u de instellingen voor het lezen van berichten wilt wijzigen in de toepassing Spraak, selecteert u Opties > Spraak.
Berichten E-mail verzenden Selecteer Menu > Berichten. 1. Selecteer uw mailbox en vervolgens Opties > Nieuw e-mailbericht. 2. Ga naar het veld Aan en voer het e-mailadres van de geadresseerde in. Als het e-mailadres van de geadresseerde voorkomt in Contacten, begint u met het invoeren van de naam van de geadresseerde en selecteert u vervolgens de vervanger uit de lijst met voorgestelde opties. Als u meerdere geadresseerden toevoegt, gebruikt u een ; om de e-mailadressn van elkaar te scheiden.
Als u een ontvangen e-mailbericht wilt lezen, selecteert u de mailbox en kiest u het bericht in de lijst. Als u een antwoord aan de afzender van het bericht wilt sturen, selecteert u Opties > Beantwoorden. Als u een antwoord aan de afzender en aan alle andere geadresseerden wilt sturen, selecteert u Opties > Allen beantwoorden. Als u het bericht wilt doorsturen, selecteert u Opties > Doorsturen. Bijlagen downloaden Selecteer Menu > Berichten en een mailbox.
Berichten E-mailberichten verwijderen Als u de synchronisatie weer wilt starten, selecteert u Opties > Verbinden. Als u een geselecteerd e-mailbericht wilt verwijderen, selecteert u Opties > Verwijderen. Het bericht wordt in de map voor verwijderde items geplaatst (indien beschikbaar). Algemene e-mailinstellingen Selecteer Menu > Berichten en een mailbox. Als u de map voor verwijderd items wilt legen, opent u de map en selecteert u Opties > Wis Verw. items.
Selecteer Menu > Berichten en Opties > SIMberichten. Voordat u SIM-berichten kunt bekijken, moet u ze naar een map op uw apparaat kopiëren. 1. Selecteer Opties > Markeringen aan/uit > Markeren of Alle markeren om berichten te markeren. 2. Selecteer Opties > Kopiëren. Er verschijnt een lijst met mappen. 3. Selecteer een map om het kopiëren te starten. Open de map om de berichten te bekijken.
Berichten ● Antw. via zelfde centrale — Selecteer of het antwoord moet worden verzonden via hetzelfde nummer van de SMS-berichtencentrale (netwerkdienst). Instellingen voor multimediaberichten Selecteer Menu > Berichten en Opties > Instellingen > Multimediabericht. Maak een keuze uit de volgende opties: 118 ● Grootte afbeelding — Hiermee geeft u de grootte op van de afbeelding in een multimediabericht.
E-mailinstellingen Mailboxen beheren Selecteer Menu > Berichten en Opties > Instellingen > E-mail. Als u wilt aangeven welke mailbox u wilt gebruiken voor het versturen en ontvangen van e-mail, selecteert u Mailbox in gebruik en een mailbox. Als u een mailbox en de berichten daarin van uw apparaat wilt verwijderen, selecteert u Mailboxen, gaat u naar de gewenste mailbox en selecteert u Opties > Verwijderen. Selecteer Mailboxen > Opties > Nieuwe mailbox als u een nieuwe mailbox wilt maken.
Berichten ● APOP beveiligd inloggen (alleen voor POP3) — Gebruik met het POP3-protocol om het versturen van wachtwoorden naar de externe emailserver te versleutelen wanneer u verbinding maakt met de mailbox. Gebruikersinstellingen Selecteer Menu > Berichten en Opties > Instellingen > E-mail > Mailboxen, een mailbox, en Gebruikersinstellingen. Maak een keuze uit de volgende opties: 120 ● Mijn mailnaam — Voer uw eigen naam in.
● Ontvangst — Selecteer of u infodienstberichten wilt ontvangen. ● Taal — Selecteer de talen waarin u berichten wilt ontvangen: Alle, Geselecteerd of Overige. ● Itemherkenning — Selecteer of automatisch moet worden gezocht naar nieuwe itemnummers en of de nieuwe nummers zonder naam in de lijst moeten worden opgeslagen. Berichten Maak een keuze uit de volgende opties: Overige instellingen Selecteer Menu > Berichten en Opties > Instellingen > Overige.
Oproepen plaatsen Oproepen plaatsen Spraakoproepen 1. Voer in de stand-by modus het telefoonnummer in, inclusief het netnummer. Druk op C als u een nummer wilt verwijderen. Voor internationale oproepen drukt u tweemaal op * voor het teken + (duidt de internationale toegangscode aan). Vervolgens kiest u het landnummer, het netnummer (eventueel zonder voorloopnul) en het abonneenummer. 2. Druk op de beltoets als u de oproep wilt activeren. 3.
Tip: Druk bij slechts één actieve oproep op de beltoets als u deze in de wachtstand wilt plaatsen. Druk nogmaals op de beltoets als u de oproep wilt activeren. Selecteer tijdens een actieve oproep Opties > Luidspreker inschakelen als u het geluid van de telefoon via de luidspreker wilt weergeven. Selecteer Opties > Handsfree inschakelen als u het geluid wilt weergeven via een compatibele hoofdtelefoon met Bluetooth-connectiviteit die u hebt aangesloten.
Oproepen plaatsen Selecteer Stil als u bij een inkomende oproep de beltoon wilt dempen. Druk op de eindetoets als u een oproep niet wilt beantwoorden. Als u de functie Doorschakelen > Spraakoproepen > Indien bezet hebt ingeschakeld om oproepen door te schakelen, wordt een inkomende oproep ook doorgeschakeld wanneer u deze weigert.
verbreken, selecteert u Opties > Doorverbinden. Druk op de end-toets als u de actieve oproep wilt beëindigen. Selecteer Opties > Alle oproep. beëindigen als u beide oproepen wilt beëindigen. Selecteer Menu > Instrumenten > Snelkeuze als u een telefoonnummer wilt toewijzen aan een van de cijfertoetsen (2-9). Ga naar de toets waaraan u het telefoonnummer wilt toewijzen en selecteer Opties > Toewijzen. Toets 1 is gereserveerd voor de voice- of videomailbox en voor het starten van de webbrowser.
Oproepen plaatsen 2. U hoort een korte toon en de tekst Spreek nu wordt weergegeven. Noem duidelijk de naam die u voor het contact hebt opgeslagen. 3. Het apparaat speelt een synthesizer-spraaklabel af voor de herkende contactpersoon in de geselecteerde apparaattaal en geeft de naam en het nummer weer. Als u spraakgestuurde nummerkeuze wilt annuleren, selecteert u Stoppen. Als voor een naam verschillende nummers zijn opgeslagen, kunt u ook de naam en het nummertype noemen, zoals mobiel of telefoon.
De video-oproep is actief wanneer u twee videoafbeeldingen ziet en het geluid hoort via de luidspreker. De ontvanger van de oproep kan de verzending van video ( ) weigeren. In dat geval hoort u alleen geluid en wordt er mogelijk een foto of een grijze achtergrondafbeelding weergegeven. 3. Druk op de end-toets als u het videogesprek wilt beëindigen.
Oproepen plaatsen selecteert u Menu > Instrumenten > Instellingen en Telefoon > Oproep > Afbeeld. in videooproep. Druk op de end-toets als u het videogesprek wilt beëindigen. Video delen Gebruik Video delen (netwerkdienst) als u tijdens een spraakoproep live videobeelden of een videoclip van het mobiele apparaat naar een ander compatibel mobiel apparaat wilt verzenden. De luidspreker is actief wanneer u het delen van video inschakelt.
UMTS-verbindingsinstellingen Een verbinding van persoon tot persoon wordt ook wel een SIP-verbinding (Session Initiation Protocol) genoemd. De SIP-profielinstellingen moeten in het apparaat worden geconfigureerd voordat u video's kunt delen. Vraag de serviceprovider naar de SIPprofielinstellingen en sla deze op in het apparaat. De serviceprovider stuurt u mogelijk de instellingen of geeft u een lijst met de benodigde parameters.
Oproepen plaatsen gewenste adres of nummer. Als het SIP-adres of telefoonnummer van de ontvanger niet beschikbaar is, voert u het adres of het nummer van de ontvanger inclusief landcode in en selecteert u OK om de uitnodiging te verzenden. De uitnodiging wordt door uw apparaat naar het SIP-adres verzonden. Het delen begint automatisch wanneer de ontvanger de uitnodiging accepteert.
Als u het geluid van de video op uw apparaat wilt dempen, selecteert u Opties > Dempen. Selecteer Opties > Oorspronkelijk volume om de video af te spelen op het oorspronkelijke volume. Dit is niet van invloed op de audioweergave van de andere deelnemer aan het telefoongesprek. Selecteer Stoppen als u de deelsessie wilt beëindigen. Druk op de beëindigingtoets als u de video-oproep wilt beëindigen. Wanneer u het gesprek beëindigt, wordt ook het delen van de video beëindigd.
Oproepen plaatsen In sommige gevallen moet u voor uw gegevensverbindingen betalen op basis van de hoeveelheid verzonden en ontvangen gegevens. Selecteer Packet-ggvns > Alle verz. ggvns of Alle ontv. ggvns als u de hoeveelheid gegevens wilt bekijken die is verzonden of ontvangen tijdens packetgegevensverbindingen. Als u zowel de verzonden als ontvangen gegevens wilt wissen, selecteert u Opties > Tellers op nul. U hebt de blokkeringscode nodig om de gegevens te wissen.
Informatie over internetoproepen Met de internetgespreksdienst (netwerkdienst) kunt u oproepen plaatsen en ontvangen via internet. Internetoproepen zijn mogelijk tussen computers, tussen mobiele telefoons, en tussen een VoIP-apparaat en een traditionele telefoon. U moet zich op de dienst abonneren en over een gebruikersaccount beschikken om de dienst te kunnen gebruiken.
Internetoproepen Geblokkeerde contacten Selecteer Menu > Contacten. Blader naar links en selecteer de internetoproepdienst uit de lijst. Als u contacten blokkeert, kunnen deze uw online status niet zien. Selecteer Opties > Blokkeerlijst bekijken om geblokkeerde contacten weer te geven. Als u een contact wilt toevoegen aan uw lijst met geblokkeerde contacten, selecteert u het contact en Opties > Contacten blokkeren.
In Contacten kunt u contactgegevens opslaan en bijwerken, zoals telefoonnummers, privé-adressen of e-mailadressen van uw contacten. U kunt een persoonlijke beltoon of een miniatuur toevoegen aan een contactkaart. U kunt ook contactgroepen maken, zodat u SMS- of e-mailberichten naar een groot aantal ontvangers tegelijk kunt sturen. Namen en nummers opslaan en bewerken 1. Als u een nieuw contact aan de lijst met contacten wilt toevoegen, selecteert u Opties > Nieuw contact. 2.
Contacten (telefoongids) 4. Selecteer het nummer of adres dat u als standaard wilt instellen. Het standaardnummer of -adres wordt onderstreept weergegeven in de contactweergave. Beltonen, afbeeldingen en beltekst voor contacten U kunt een beltoon voor een contact of groep opgeven en een afbeelding en een beltekst voor een contact.
De nummers die u in Contacten opslaat, worden niet automatisch op uw SIM-kaart opgeslagen. Als u nummers op de SIM-kaart wilt opslaan, selecteert u in Contacten een contactpersoon en selecteert u Opties > Kopiëren > SIM-geheugen. Vaste nummers Selecteer Menu > Contacten en Opties > SIMnummers > Nrs. vaste contacten. Met de dienst voor vaste nummers kunt u oproepen van het apparaat beperken tot bepaalde telefoonnummers. Niet alle SIM-kaarten ondersteunen vaste nummers.
Contacten (telefoongids) 138 5. Ga naar een contact en druk op de bladertoets om alle contacten te markeren die u wilt toevoegen. 6. Selecteer OK. Selecteer Opties > Naam wijzigen als u de naam van een groep wilt wijzigen, voer de nieuwe naam in en selecteer OK. Leden uit een groep verwijderen 1. Selecteer in de lijst met groepen de groep die u wilt wijzigen. 2. Ga naar het contact en selecteer Opties > Verwijder uit groep. 3. Selecteer Ja om het contact uit de groep te verwijderen.
U kunt het apparaat aanpassen door de stand-by modus, het hoofdmenu, tonen, thema's of de tekengrootte te wijzigen. De meeste aanpassingsopties, zoals het wijzigen van de tekengrootte, zijn bereikbaar via de apparaatinstellingen. Het uiterlijk van het apparaat wijzigen Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Instellingen > Algemeen > Persoonlijk > Thema's. U kunt thema's gebruiken om het uiterlijk van het scherm aan te passen met bijvoorbeeld een achtergrond en pictogrammen.
Het apparaat aanpassen Bij de audiothema's kunt u een geluidsoptie kiezen die voor alle gebeurtenissen van het apparaat geldt (zoals bellen, batterijniveau laag en mechanische gebeurtenissen). De geluiden kunnen tonen of gesynthetiseerde spraaklabels zijn, of een combinatie van beide. Selecteer Actief audiothema en de geluidsoptie die u wilt gebruiken als actief audiothema. Als u een audiothema activeert, worden alle eerdere geluidsinstellingen gewijzigd.
Selecteer Menu > Instrumenten > 3-D-beltonen. Met 3D-tonen kunt u driedimensionale geluidseffecten inschakelen voor beltonen. Niet alle beltonen bieden ondersteuning voor 3D-effecten. Als u de 3D-effecten wilt inschakelen, selecteert u 3-Dbeltooneffecten > Aan. Selecteer Beltoon en de gewenste beltoon als u deze wilt wijzigen. Selecteer Geluidsbaan en het gewenste 3D-effect als u een ander effect wilt toepassen op de beltoon.
Het apparaat aanpassen Selecteer Menu > Toepassngn > Klok en Opties > Instellingen > Type klok als u een andere klok in de standbymodus wilt weergeven. In de apparaatinstellingen kunt u ook de achtergrondafbeelding voor de stand-by modus wijzigen of bepalen wat er in de spaarstand moet worden weergegeven. Tip: Als u wilt controleren of er toepassingen op de achtergrond worden uitgevoerd, houdt u de menutoets ingedrukt.
Klok Wekker Selecteer Menu > Toepassngn > Klok. Als u actieve en inactieve alarmsignalen wilt bekijken, opent u het tabblad Alarm. Selecteer Opties > Nieuw alarm als u een nieuw alarmsignaal wilt instellen. Definieer desgewenst de herhaling. Als een alarm is ingesteld, wordt weergegeven. Selecteer Stoppen als u het geluid van het alarmsignaal wilt uitschakelen. Selecteer Snooze om het alarmsignaal gedurende een bepaalde periode te stoppen.
Tijdmanagement telefoonnetwerk (netwerkdienst), selecteert u Automat. tijdaanpassing > Aan. Als u het alarmsignaal wilt wijzigen, selecteert u Alarmtoon klok. Agenda Selecteer Menu > Agenda om de agenda te openen. Agendaweergaven Selecteer Opties > Maandweergave, Weekweergave of Takenweergave om te schakelen tussen de maand-, week- en takenweergave.
Agenda-items beheren Als u meerdere gebeurtenissen tegelijk wilt verwijderen, opent u de maandweergave en selecteert u Opties > Item verwijderen > Items voor: of Alle items. Tijdmanagement Als u wilt opgeven na hoeveel tijd het alarmsignaal voor het agenda-item opnieuw moet klinken wanneer het alarmsignaal op sluimeren is ingesteld, selecteert u Opties > Instellingen > Snoozetijd alarm.
Office Office Bestandsbeheer Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Best.beheer. Informatie over Bestandsbeheer Een geheugenkaart beheren Met Bestandsbeheer kunt u bestanden zoeken, beheren en openen. Deze opties zijn alleen beschikbaar als er een compatibele geheugenkaart in het apparaat is geplaatst. Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Best.beheer. De beschikbare opties kunnen verschillen.
Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Best.beheer. Als u een back-up van bestanden wilt maken, selecteert u de bestandstypen waarvan u een back-up wilt maken en kiest u vervolgens Opties > Reservekopie. Zorg ervoor dat de geheugenkaart voldoende vrije ruimte voor de geselecteerde bestanden bevat. Massageheugen formatteren Wanneer het massageheugen wordt geformatteerd, gaan alle gegevens in het geheugen definitief verloren.
Office Valuta omrekenen Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Omrekenen. Selecteer Type > Valuta. Voordat u valuta's kunt omrekenen, moet u een basisvaluta kiezen en wisselkoersen toevoegen. De standaardbasisvaluta is Home. De koers van de basisvaluta is altijd 1. 1. Selecteer Opties > Wisselkoersen. 2. De standaardnaam voor de valuta-items is Foreign. Selecteer Opties > Naam valuta wijzig. als u de naam van een valuta wilt wijzigen. 3. Voeg de wisselkoersen voor de valuta's toe en selecteer Gereed.
Zipbeheer Selecteer Menu > Toepassngn > Kantoor > Zip. Met Zip manager kunt u nieuwe archiefbestanden maken voor het opslaan van gecomprimeerde bestanden in ZIP-indeling; afzonderlijke of meerdere gecomprimeerde bestanden of mappen toevoegen aan een archief; het archiefwachtwoord voor beveiligde archieven instellen, wissen of wijzigen; en instellingen wijzigen, zoals compressieniveau en codering van bestandsnamen. U kunt de archiefbestanden opslaan in het apparaatgeheugen of op een geheugenkaart.
Toepassingen Toepassingen RealPlayer Met RealPlayer kunt u videoclips of streaming mediabestanden afspelen zonder dat u deze eerst in het apparaat hoeft op te slaan. RealPlayer ondersteunt niet altijd alle bestandsindelingen of alle varianten van bestandsindelingen. Wanneer Afspelen actief is, gebruikt u in de modus Liggend de mediatoetsen om de speler te bedienen. Videoclips afspelen Selecteer Menu > Toepassngn > RealPlayer. Als u een videoclip wilt afspelen, selecteert u Videoclips en een clip.
Selecteer Menu > Toepassngn > RealPlayer. U ontvangt mogelijk RealPlayer-instellingen in een speciaal bericht van uw serviceprovider. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider. Als u de instellingen voor de video wilt kiezen, selecteert u Opties > Instellingen > Video.
Toepassingen uitmaakt van Nokia Ovi Suite, kunt u een toepassing op het apparaat installeren.
Als u een geïnstalleerde toepassing wilt starten, selecteert u de toepassing. Als er geen standaardmap bij de toepassing gedefinieerd is, is het geïnstalleerd in het map Installatie in het hoofdmenu. Selecteer Opties > Logboek bekijken als u wilt weten welke softwarepakketten zijn geïnstalleerd of verwijderd en wanneer dit is gebeurd. Belangrijk: Het apparaat ondersteunt slechts één antivirustoepassing.
Toepassingen ● Software-installatie — Hiermee geeft u aan of Symbian-software zonder geverifieerde digitale handtekening mag worden geïnstalleerd. ● Online certificaatcontrole — Zo controleert u de online certificaten voordat u een toepassing installeert. ● Standaardwebadres — Hiermee stelt u in welk standaardadres moet worden gebruikt wanneer online certificaten worden gecontroleerd.
Als u talen of stemmen wilt verwijderen, selecteert u het item en Opties > Verwijderen. Instellingen voor berichtlezer Als u de instellingen van de berichtenlezer wilt wijzigen, opent u het tabblad Instellingen en definieert u het volgende: ● Taalherkenning — Automatische detectie van leestaal inschakelen. ● Doorlopend lezen — Doorlopend lezen van alle geselecteerde berichten inschakelen. ● Spraakprompts — De berichtenlezer zo instellen dat er prompts in berichten worden ingevoegd.
Toepassingen Het verlies van de activeringssleutels of de inhoud kan uw mogelijkheden beperken om dezelfde inhoud op uw apparaat nogmaals te gebruiken. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider. Sommige activeringssleutels zijn mogelijk gekoppeld aan een specifieke SIM-kaart. In dat geval kunt u alleen toegang tot de beschermde inhoud krijgen als die SIMkaart in het apparaat is geplaatst.
Sommige instellingen zijn mogelijk vooraf door de serviceprovider geconfigureerd voor het apparaat. U kunt deze instellingen dan niet wijzigen. Algemene instellingen In Algemene instellingen kunt u de algemene instellingen van het apparaat bewerken of de oorspronkelijke standaardinstellingen herstellen. U kunt de datum- en tijdinstellingen ook in de klok aanpassen. Persoonlijke instellingen Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Algemeen > Persoonlijk.
Instellingen Als de actieve stand-by modus is uitgeschakeld, kunt u snelkoppelingen via toetsen toewijzen voor de verschillende drukmogelijkheden van de bladertoets. ● Menuweergave wijzigen — Selecteer Horizont. pictogr.balk om een horizontale werkbalk en de inhoud van verschillende toepassingen op het scherm weer te geven. Selecteer Vertic. pictogrambalk om een verticale werkbalk op het scherm weer te geven. De inhoud uit verschillende toepassingen wordt verborgen.
Tv-out-instellingen Selecteer Tv-uitvoer als u de instellingen voor een TV Out-verbinding wilt wijzigen. Maak vervolgens een keuze uit de volgende opties: ● Standaardprofiel — Hiermee stelt u het profiel in dat moet worden geactiveerd wanneer u een Nokia Video Connectivity-kabel aansluit op het apparaat.
Instellingen ● PIN-code vragen — Als deze optie actief is, moet u bij inschakeling van het apparaat altijd eerst de PIN-code opgeven. Het kan zijn dat u deze optie bij sommige SIM-kaarten niet kunt uitschakelen. ● PIN-code, PIN2-code en Blokkeringscode — U kunt de PIN-code, PIN2-code en blokkeringscode wijzigen. Deze codes kunnen alleen bestaan uit cijfers van 0 t/m 9. Neem contact op met uw serviceprovider als u de PIN- of PIN2-code bent vergeten.
Belangrijk: Hoewel het gebruik van certificaten de risico's van externe verbindingen en de installatie van software aanzienlijk beperkt, moet u de certificaten wel op de juiste wijze gebruiken om te kunnen profiteren van een verbeterde beveiliging. De aanwezigheid van een certificaat biedt op zichzelf geen enkele bescherming. De beveiliging wordt pas verbeterd als de certificaten correct, authentiek of vertrouwd zijn. Certificaten hebben een beperkte geldigheid.
Instellingen ● Internet: Ja — Het certificaat kan servers certificeren. ● Toep.installatie: Ja — Het certificaat kan de oorsprong van een nieuwe Java™-toepassing certificeren. Selecteer Opties > Inst. Vertrouw bew. om de waarde te wijzigen. Beveiligingsmodule Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Algemeen > Beveiliging > Beveiligingsmodule. Als u een beveiligingsmodule (indien beschikbaar) wilt bekijken of wijzigen, bladert u naar de module en drukt u op de bladertoets.
Notatie-instellingen Als u wilt opgeven welk meetsysteem u voor snelheden en afstanden wilt gebruiken, selecteert u Meetsysteem > Metrisch of Brits. Als u wilt opgeven met welke notatie de coördinaatgegevens in uw apparaat moeten worden weergegeven, selecteert u Notatie coördinaten en de gewenste notatie. Telefooninstellingen In Telefooninstellingen kunt u instellingen voor telefoongesprekken en het netwerk bewerken. Oproepinstellingen Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Telefoon > Oproep.
Instellingen ● ● ● ● ● 164 beëindigingstoets als u het automatisch opnieuw bellen wilt uitschakelen. Gespreksduur tonen — Activeer deze instelling als u wilt dat de gespreksduur tijdens het gesprek wordt weergegeven. Samenvatting na oproep — Activeer deze instelling als u wilt dat de gespreksduur na het gesprek wordt weergegeven. Snelkeuze — Als u Aan selecteert, kunnen de nummers die aan de cijfertoetsen (2 tot 9) zijn toegewezen, worden gekozen door de desbetreffende toets ingedrukt te houden.
Spraakoproepen blokkeren Selecteer de gewenste blokkeringsoptie en schakel deze in (Inschakelen) of uit (Uitschakelen) of controleer of de optie is ingeschakeld (Status controleren). Oproepblokkering is van invloed op alle oproepen, inclusief gegevensoproepen. Internetoproepen blokkeren Schakel Anonieme oproepen blokkeren in of uit om te bepalen of anonieme oproepen via internet zijn toegestaan. Netwerkinstellingen Het apparaat kan automatisch schakelen tussen GSMen UMTS-netwerken.
Instellingen Verbindingsinstellingen Via de verbindingsinstellingen kunt u toegangspunten en andere instellingen voor verbindingen bewerken. Gegevensverbindingen en toegangspunten Het apparaat ondersteunt packetgegevensverbindingen (netwerkdienst), zoals GPRS in het GSM-netwerk. Wanneer u het apparaat gebruikt in GSM- en UMTS-netwerken, kunnen meer gegevensverbindingen tegelijk actief zijn en kunnen toegangspunten een gegevensverbinding delen.
Selecteer Toegangspunt als u een nieuw toegangspunt wilt maken. U wordt gevraagd de beschikbare verbindingen te controleren. De reeds beschikbare verbindingen worden na de zoekopdracht weergegeven en kunnen door een nieuw toegangspunt worden gedeeld. Als u deze stap overslaat, wordt u gevraagd een verbindingsmethode te selecteren en de benodigde instellingen te definiëren.
Instellingen Selecteer de groep en selecteer Opties > Nieuw toegangspunt om toegangspunten aan een groep met toegangspunten toe te voegen. Selecteer de groep, blader naar een bestaand toegangspunt en selecteer Opties > Indelen > Kop. naar andere best. als u een bestaand toegangspunt uit een andere groep wilt kopiëren. Blader naar een toegangspunt en Opties > Indelen > Prioriteit wijzigen als u de prioriteitsvolgorde van toegangspunten binnen een groep wilt wijzigen.
WLAN-internettoegangspunten Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Verbinding > Bestemmingen > Toegangspunt, en voer de instructies op het scherm uit. Of open een van de toegangspuntgroepen, selecteer een toegangspunt dat gemarkeerd is met en selecteer Bewerken. Volg de instructies van uw serviceprovider om het volgende te bewerken: ● WLAN-netwerknaam — Selecteer Handmatig opgeven of Netw.namen zoeken.
Instellingen ● Ad-hoc kanaal (alleen voor ad hoc netwerken) — Selecteer Door gebr. gedef. als u handmatig een kanaalnummer (1-11) wilt invoeren. ● Proxyserveradres — Voer het adres van de proxyserver in. ● Proxypoortnummer — Voer het nummer van de proxypoort in. gebruiken als packet-gegevensmodem voor de computer. ● Snelle toeg. packet-geg. — Hiermee schakelt u het gebruik van HSDPA (netwerkdienst) in UMTSnetwerken in of uit.
Configuraties Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Verbinding > Configuraties. U ontvangt mogelijk vertrouwensinstellingen voor de server van de serviceprovider in een configuratiebericht. U kunt deze instellingen opslaan, weergeven of verwijderen in Configuraties. Naamcontrole toegangspunt Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Verbinding > Tgpt.namen bhr..
Instellingen 172 Als u een nieuw serverprofiel wilt maken, selecteert u Opties > Serverprofielen > Opties > Nieuw serverprofiel. Deze instellingen kunt u van uw serviceprovider in een configuratiebericht ontvangen. Zo niet, definieer dan het volgende: ● Servernaam — Voer een naam voor de configuratieserver in. ● Server-ID — Voer de unieke ID van de configuratieserver in. ● Serverwachtwoord — Voer het wachtwoord in waarmee uw apparaat door de server wordt herkend.
Instellingen Waarschuwing: Tijdens het installeren van een software-update kunt u het apparaat niet gebruiken, zelfs niet om een alarmnummer te bellen, totdat de installatie voltooid is en het apparaat opnieuw is ingeschakeld. Zorg ervoor dat u een back-up maakt van de gegevens voordat u de installatie van een update aanvaardt.
Problemen oplossen Problemen oplossen Bezoek de ondersteuningspagina's op www.nseries.com/support om veelgestelde vragen over uw apparaat te bekijken. V: Wat is mijn wachtwoord voor de blokkerings-, PIN- of PUK-code? A: De standaardblokkeringscode is 12345. Neem contact op met de leverancier van het apparaat als u de blokkeringscode bent vergeten. Als u de PIN- of PUKcode niet (meer) weet, neemt u contact op met de netwerkprovider.
A: Als een ander apparaat verbonden is met het apparaat, kunt u de verbinding verbreken vanaf het andere apparaat of door op uw apparaat Bluetooth uit te schakelen. Selecteer Menu > Instrumenten > Connect. > Bluetooth en Bluetooth > Uit. V: Waarom kan het andere apparaat niet zien welke bestanden op het apparaat in mijn eigen netwerk zijn opgeslagen? A: Controleer of u het eigen netwerk hebt ingesteld, het delen van inhoud is ingeschakeld op het apparaat en het andere apparaat compatibel is met UPnP.
Problemen oplossen beschikbare netwerken op de achtergrond. WLAN wordt uitgeschakeld tussen scans op de achtergrond. Ga als volgt te werk om de instellingen voor scans op de achtergrond te wijzigen: 1. Selecteer Menu > Instrumenten > Instellingen en Verbinding > Wireless LAN. 2. Pas de tijd aan in Zoeken naar netwerken om de tijdsinterval voor een achtergrondscan te vergroten. Selecteer Beschkbrhd WLAN tonen > Nooit als u de achtergrondscans wilt stoppen. 3. Druk op Terug als u wijzigingen wilt opslaan.
Problemen oplossen wanneer er een nieuw bericht in de multimediaberichtencentrale aanwezig is. Wanneer u Uit selecteert, wordt geen verbinding meer gemaakt met het netwerk voor multimediaberichten. Als u het apparaat zo wilt instellen dat alleen een packetgegevensverbinding wordt opgezet als u een toepassing of bewerking start waarvoor een packetgegevensverbinding nodig is, selecteert u Menu > Instrumenten > Instellingen en Verbinding > Packet-ggvns > Packet-ggvnsverbinding > Wanneer nodig.
Groene tips Groene tips Hier volgen enkele tips die u helpen een bijdrage te leveren aan de bescherming van het milieu. Energie besparen Als de batterij volledig is opgeladen en u hebt de lader losgekoppeld van het apparaat, moet u de lader uit het stopcontact trekken. U hoeft de batterij minder vaak op te laden als u de volgende regels in acht neemt: ● Sluit toepassingen, diensten en verbindingen af en schakel ze uit als u ze niet gebruikt.. ● Verminder de helderheid van het scherm.
Accessoires Waarschuwing: Gebruik alleen batterijen, opladers en toebehoren die door Nokia zijn goedgekeurd voor gebruik met dit specifieke model. Het gebruik van alle andere typen kan de goedkeuring of garantie doen vervallen en kan gevaarlijk zijn. Met name het gebruik van niet-goedgekeurde laders of batterijen kan het risico met zich meebrengen van brand, explosie, lekkage of ander gevaar. Vraag de leverancier naar de beschikbare goedgekeurde accessoires.
Product- en veiligheidsinformatie de levensduur van de batterij kan afnemen wanneer deze wordt overladen. Als een volledig opgeladen batterij niet wordt gebruikt, wordt deze na verloop van tijd automatisch ontladen. Vermijd extreme temperaturen. Probeer de batterij altijd te bewaren op een temperatuur tussen 15°C en 25°C. Bij extreme temperaturen nemen de capaciteit en levensduur van de batterij af. Een apparaat met een warme of koude batterij kan gedurende bepaalde tijd onbruikbaar zijn.
De echtheid van het hologram controleren 1. Wanneer u het hologram op het label bekijkt, hoort u vanuit de ene hoek het Nokia-symbool met de handen te zien en vanuit de andere hoek het Nokia Original Enhancements-logo. 2. Wanneer u het hologram onder een hoek naar links, rechts, omlaag en omhoog houdt, hoort u op iedere zijde respectievelijk 1, 2, 3 en 4 stippen te zien. Een succesvolle uitvoering van de stappen biedt geen totale garantie voor de echtheid van de batterij.
Product- en veiligheidsinformatie ● Laat het apparaat niet vallen en stoot of schud niet met het apparaat. Een ruwe behandeling kan de interne elektronische schakelingen en fijne mechaniek beschadigen. Recycling ● Verf het apparaat niet. Verf kan de bewegende onderdelen van het apparaat blokkeren en de correcte werking belemmeren.
Dit apparaat voldoet aan de richtlijnen voor blootstelling aan radiosignalen in de normale positie aan het oor of wanneer het apparaat minstens 1,5 centimeter van het lichaam wordt gehouden. Een draagtas, riemclip of houder voor het dragen van het apparaat op het lichaam mag geen metaal bevatten en moet het apparaat op de eerder genoemde afstand van het lichaam houden. Voor het verzenden van gegevensbestanden of berichten is een goede verbinding met het netwerk vereist.
Product- en veiligheidsinformatie 184 Als u vragen hebt over het gebruik van het draadloze apparaat wanneer u een geïmplanteerd medisch apparaat hebt, neemt u contact op met uw zorginstelling. Gehoorapparaten Sommige digitale draadloze apparaten kunnen storingen in bepaalde gehoorapparaten veroorzaken.
Alarmnummer kiezen Belangrijk: Dit apparaat maakt gebruik van radiosignalen, draadloze netwerken, kabelnetwerken en door de gebruiker geprogrammeerde functies. Als uw apparaat gesprekken via het internet ondersteunt (netgesprekken), moet u zowel de netgesprekken als de mobiele telefoon activeren. Het apparaat kan alarmnummers zowel via het mobiele netwerk als via uw internetprovider proberen te kiezen als beide functies zijn geactiveerd.
Product- en veiligheidsinformatie 186 De blootstellingsrichtlijnen voor mobiele apparatuur worden uitgedrukt in de maateenheid SAR (Specific Absorption Rate). De SAR-limiet in de richtlijnen van het ICNIRP is 2,0 W/kg (watt/kilogram) gemiddeld over tien gram lichaamsweefsel. Bij tests voor SAR worden de standaardposities gebruikt, waarbij het apparaat in alle gemeten frequentiebanden het hoogst toegestane energieniveau gebruikt.
A aanpassen 157 aan uw voorkeuren aanpassen 139 accessoires Zie toebehoren achtergrond 139 achtergrondverlichting, timeout 157 actieve stand-by modus 141, 157 actieve werkbalk 39 in camera 36 in Foto's 49 adressengids Zie contacten afbeeldingen 47 bewerken 52 afspelen berichten 113 agenda 144 agenda-item verwijderen 145 verzenden 145 A-GPS (Assisted GPS) 84 alarm agenda-notitie 144 albums media 49 algemene informatie 19 antennes 18 apparaatbeheer 171 assisted GPS (A-GPS) 84 audioberichten 110 audiothema's
Index C browsen door pagina's cachegeheugen 68 inhoud zoeken 67 instellingen 69 werkbalk 66 widgets 67 65, 66 cachegeheugen 68 camera beeldkwaliteit 44 belichting 45 flitser 39 fotomodus 37 instellingen 44 kleur 45 locatiegegevens 38 opties 39 reeksmodus 40 scènes 40 symbolen 35 videokwaliteit 45 videomodus 43 zelfontspanner 41 certificaten 160 chatservices (IM) 33 computerverbindingen 63 Zie ook 188 gegevensverbindingen conferentiegesprekken 124 configuratie Zie instellingen contacten afbeeldingen i
G galerij 54 geluidsclips 54 presentaties 55 streaming koppelingen 55 gebelde nummers 131 gedeelde video 128 live video delen 129 uitnodiging aanvaarden 130 videoclips delen 129 gegevensverbindingen Pc-verbindingen 63 synchronisatie 63 toegangspunt, instellingen 168 geheugen vrijmaken 24 webcache 68 geluiden 139 geluidsclips 54 GPS positieaanvragen 86 GPS (Global Positioning System) 84 H handtekening, digitale 161 headset 17 helderheid, scherm 157 helptoepassing 19 Het profiel Offline 30 hoofdmenu 142 HS
Index instellingen voor positiebepaling 162 internetoproepen 133 activeren 133 contacten blokkeren 134 instellingen 134 plaatsen 133 internetoproepen, diensten voor beheren 134 internetradio favorieten 74 instellingen 75 luisteren 73 map met zenders 74 zenders zoeken 74 internetverbinding 65 Zie ook browser J J2ME Java-toepassing, ondersteuning 151 Java-scripts/toepassingen 151 K 190 Kaarten 89 bladeren 89 downloaden, kaarten 96 Favorieten 97 gesproken begeleiding 95 kompas 94 locatiegegevens weergeve
navigatiehulpmiddelen 84 netwerkinstellingen 165 nieuwsfeeds 67 Nokia Map Loader 96 Nokiaondersteuningsinformatie 19 notities 149 nummers 79 nummers kiezen met stem 125 nuttige informatie 19 O omrekenen 148 ondersteuningshulpmiddele n 19 ontgrendelen, toetsenblok 160 operatorlogo 158 opladen via USB 16 opnamemodi, camera 40 opnieuw kiezen, functie 164 oproepen 122 beantwoorden 123 beperken Zie vaste nummers conferentie 124 duur van 131 gekozen 131 gemist 131 instellingen 163 internetoproepen 133 ontvange
Index 192 S scènes, foto en video 40 scherminstellingen 157 schuifinstellingen 159 sensors 159 SIM-kaart berichten 117 SIP 170 SMS (Short Message Service) 110 SMS-berichten beantwoorden 112 instellingen 117 ontvangen en lezen 112 SIM-berichten 117 verzenden 110 snel kiezen 125 sneltoetsen 92 software bijwerken 20 softwaretoepassingen 151 software-updates 20, 21 speciale tekens, tekstinvoer 110 spraak 154 spraakopdrachten 125 Zie ook nummers kiezen met stem spraakoproepen Zie oproepen stand-by modus 141
weigeren, oproepen 123 wekker 143 agendanotities 144 welkomstbericht 157 wereldklok 143 werkbalk 36 widgets 67 wireless LAN-instellingen 170 WLAN beschikbaarheid 57 MAC-adres 56 toegangspunten 57 WLAN-wizard 57 Z zelfontspanner, camera Zip manager 149 zoeken podcasts 76 zoomen 37, 43 Index verjaardagnotities 144 vertrouwensinstellingen 161 verzenden via Bluetooth 59 video's 47 videocentrum downloaden 104 mijn video's 106 video's overbrengen 106 videofeeds 105 weergeven 104 Videocentrum 104 videoclips ge