Operation Manual
Camera
34
Modus Cover open
Ga als volgt te werk om een foto te nemen waarbij u de
hoofddisplay als zoeker gebruikt:
1 Open de cover.
2 Druk op als u de hoofdcamera wilt activeren.
Als de camera in de Videomodus staat, drukt up op
Opties > Afbeeldingsmodus.
3 Druk op om een foto te nemen. Houd het
apparaat stil tot de foto is opgeslagen.
Gebruik de volumetoetsen op het apparaat om in of uit
te zoomen.
Druk op de hoofddisplay op of op om naar
de elementen op de actieve werkbalk te gaan en de
instellingen voor belichting en kleur te wijzigen voordat
u een foto maakt. Druk op de coverdisplay op om de
werkbalk en de volumetoetsen te activeren om naar de
items te gaan. Zie ’Beeldinstellingen - kleur en belichting’
op pag. 37 en ’Scènes’ op pag. 38.
Als u geheugen wilt vrijmaken voordat u een foto maakt,
kiest u Opties > Ga naar beschikb. geh. in het
hoofdscherm (alleen beschikbaar als u met Nokia Nseries
PC Suite afbeeldingen of videoclips naar een andere locatie
hebt gekopieerd). Zie ’Vrij geheugen’ op pag. 46.
Selecteer Opties > Tweede camera gebr. als u de camera
aan de voorkant wilt activeren. Druk op of als
u wilt in- of uitzoomen. Druk op de bladertoets om een
foto te nemen.
Druk op als u de camera geopend wilt houden op
de achtergrond en andere toepassingen wilt gebruiken.
Houd de opnametoets ingedrukt als u wilt terugkeren
naar de camera.
Symbolen van de fotocamera
In de camerazoeker (hoofddisplay) wordt het volgende
weergegeven:
1 Het symbool voor de huidige opnamemodus.
2 De actieve werkbalk, waardoor u kunt navigeren
voordat u de afbeelding vastlegt om verschillende
items en instellingen te selecteren. (De actieve
werkbalk wordt tijdens de opname niet weergegeven.)
Zie ’Actieve werkbalk’ op pag. 35.
3 Het symbool voor
de resolutie van
de afbeelding
geeft aan of de
kwaliteit van de
foto Afdr. 2M –
Groot, Afdr.
1M – Norm. of
MMS 0,3M –
Klein is.










