Operation Manual

Camera
22
Copyright © 2006 Nokia. All rights reserved.
Kies Opties > Pictogr. weergeven als u alle
zoekersymbolen wilt weergeven. Kies Pictogr. verbergen
als u alleen de camerasymbolen wilt weergeven.
Actieve werkbalk
In de camera kunt u via
de actieve werkbalk snel
items selecteren en
verschillende instellingen
aanpassen voordat en
nadat u een foto hebt
gemaakt of een video
hebt opgenomen. Blader
in de actieve werkbalk
naar verschillende items
en selecteer deze door op
de bladertoets te drukken. De beschikbare opties variëren
afhankelijk van de huidige opnamemodus en status. U
kunt ook instellen dat de actieve werkbalk altijd wordt
weergegeven op het display of wordt geactiveerd door
een toets in te drukken.
Kies Opties > Pictogr. weergeven als u de actieve
werkbalk wilt weergeven op het display voordat en nadat
u een foto hebt gemaakt of een video hebt opgenomen.
Kies Opties > Pictogr. verbergen als u de actieve
werkbalk alleen even wilt weergeven op het moment
dat u deze nodig hebt. U kunt de actieve werkbalk
inschakelen door op de bladertoets te drukken.
Kies in de actieve werkbalk een van de volgende opties
voordat u een foto maakt of een video opneemt:
- Hiermee schakelt u tussen de video- en
afbeeldingsmodus.
- Hiermee selecteert u de scène.
- Hiermee selecteert u de flitsmodus.
- Hiermee activeert u de zelfontspanner (alleen
afbeeldingen). Zie “U in beeld - Zelfontspanner” op pag. 26.
- Hiermee activeert u de reeksmodus (alleen
afbeeldingen). Zie “Foto's nemen in een reeks” op pag. 26.
- Hiermee past u de belichtingscompensatie aan
(alleen afbeeldingen).
- Hiermee past u de witbalans aan.
- Hiermee selecteert u een kleureffect.
- Hiermee past u de lichtgevoeligheid aan.
De pictogrammen veranderen om de huidige status van de
instelling aan te geven.
De beschikbare opties kunnen variëren afhankelijk van de
huidige weergave.
Zie ook de opties voor de actieve werkbalk in “Na het
maken van een foto” op pag. 23, “Na het opnemen van een