Operation Manual

Instrumenten
111
Copyright © 2006 Nokia. All rights reserved.
Instrumenten
Instellingen
Druk op en kies Instrum. > Instell. om de instellingen
te wijzigen. Als u een groep met instellingen wilt openen,
drukt u op . Ga naar een instelling die u wilt wijzigen en
druk op .
Sommige instellingen kunnen vooraf voor het apparaat
zijn ingesteld door de netwerkoperator of serviceprovider
en wellicht kunt u deze niet wijzigen.
Telefoon
Algemeen
Displaytaal - Als u de taal van de displayteksten
in het apparaat wijzigt, worden ook de datum- en
tijdnotatie en de gebruikte scheidingstekens in
bijvoorbeeld berekeningen gewijzigd. Bij de instelling
Automatisch wordt de taal geselecteerd op basis van
de informatie op de SIM-kaart. Nadat u de taal van de
displayteksten hebt gewijzigd, wordt het apparaat
opnieuw gestart.
De instellingen voor Displaytaal en Invoertaal
beïnvloeden elke toepassing op het apparaat en blijven
actief totdat u deze opnieuw wijzigt.
Invoertaal - Als u de taal wijzigt, veranderen de (speciale)
tekens die beschikbaar zijn bij het invoeren van tekst en
wordt er een andere woordenlijst gebruikt voor
tekstvoorspelling.
Tekstvoorspelling - Hiermee stelt u tekstvoorspelling
in op Aan of Uit voor alle editors in het apparaat.
Tekstvoorspelling is niet voor alle talen beschikbaar.
Welkomstnotitie/logo - Telkens wanneer u het
apparaat inschakelt, wordt de welkomsttekst of het
logo kort weergegeven. Kies Standaard als u de
standaardafbeelding wilt gebruiken, Tekst als u tekst wilt
weergeven of Afbeelding als u een afbeelding uit Galerij
wilt selecteren.
Fabrieksinstellingen - Hiermee kunt u voor bepaalde
instellingen de oorspronkelijke waarden herstellen.
U hebt hiervoor echter de blokkeringscode nodig. Zie
“Beveiliging”, “Telefoon en SIM” op pag. 117. Nadat u de
fabrieksinstellingen hebt hersteld, kan het inschakelen
van het apparaat langer duren. Dit heeft geen effect op
documenten en bestanden.