Operation Manual

Als u een profiel wilt wijzigen, selecteert u het desbetreffende profiel en kiest u Opties > Activeren. Als u het Offline-profiel
selecteert, kunt u geen berichten meer verzenden en ontvangen.
Als u een profiel dat u hebt gemaakt wilt verwijderen, selecteert u Opties > Profiel verwijderen. De vooraf gedefinieerde
profielen kunt u niet verwijderen.
Beltonen selecteren
Als u een beltoon wilt instellen, selecteert u Opties > Aanpassen > Beltoon. Selecteer een beltoon in de lijst, of selecteer
Geluiden downldn om een map te openen met daarin een lijst met bookmarks voor het downloaden van tonen via de browser.
Gedownloade tonen worden opgeslagen in de Galerij.
Als u de beltoon alleen voor een bepaalde contactgroep wilt gebruiken, selecteert u Opties > Aanpassen > Waarschuwen bij
en selecteert u de gewenste groep. Voor oproepen van andere nummers geldt een stille waarschuwing.
Als u de berichttoon wilt wijzigen, selecteert u Opties > Aanpassen > Berichtensignaaltoon.
Thema's
Selecteer > Instrumenten > Thema's.
Met Thema's kunt u het uiterlijk van het scherm wijzigen, zoals de kleuren en de achtergrondafbeelding.
Als u het uiterlijk van het scherm wilt wijzigen, opent u de map Algemeen, selecteert u een thema en kiest u Opties >
Instellen.
Als u de achtergrondafbeelding voor de stand-by modus wilt wijzigen, selecteert u Achtergrond > Afbeelding en selecteert u
de gewenste afbeelding.
Als u een andere screensaver wilt instellen, selecteert u Spaarstand. Selecteer vervolgens Datum en tijd om een datum in de
screensaver weer te geven, Tekst om een tekst voor de screensaver in te voeren, of Animatiebestand om een animatie voor de
screensaver te selecteren. Als u de gewenste screensaver hebt gekozen, selecteert u Opties > Instellen.
Als u een screensaver met animatie hebt gekozen, selecteert u Opties > Instellingen om de duur van de animatie en de time-
out periode voor de achtergrondverlichting in te stellen.
Als u een thema wilt downloaden, selecteert u Opties > Downloaden > Thema's downldn. Voer de koppeling in van waaruit
u het thema wilt downloaden. Wanneer het thema is gedownload, kunt u dit bekijken, activeren of bewerken.
Als u een thema wilt bekijken, selecteert u Opties > Bekijken.
Als u het thema wilt instellen voor gebruik, selecteert u Opties > Instellen.
Geheugen
Er zijn twee typen geheugens waarin u gegevens kunt opslaan of toepassingen kunt installeren: apparaatgeheugen en
verwijderbaar geheugen.
Het apparaatgeheugen is een dynamische geheugengroep die door veel toepassingen wordt gedeeld. De hoeveelheid
beschikbaar intern geheugen varieert, maar is gelimiteerd tot het maximum van de fabrieksinstelling. De gegevens die in het
apparaat zijn opgeslagen, zoals softwaretoepassingen, afbeeldingen en muziek, maken gebruik van het apparaatgeheugen.
Verwijderbaar geheugen is gegevensopslag die niet in het apparaat is geïntegreerd, zoals een SIM-kaart of een geheugenkaart.
Een SIM-kaart bevat informatie over bijvoorbeeld de netwerkoperator en contacten. Een geheugenkaart kan dienen als externe
opslag voor softwaretoepassingen, afbeeldingen, muziek, contacten, tekst of elektronische gegevens. Er zijn geheugenkaarten
met hoge capaciteit beschikbaar.
Als u wilt zien hoeveel geheugen er momenteel in gebruik is, hoeveel vrij geheugen er nog beschikbaar is en hoeveel geheugen
wordt gebruikt door elk gegevenstype, selecteert u
> Opties > Gegevens geheugen > Geheugen of Geheugenkaart.
Tip: Om te voorkomen dat de hoeveelheid geheugen te klein wordt, is het raadzaam om regelmatig gegevens te
verwijderen of deze naar een geheugenkaart of computer over te brengen.
Geheugenkaart
Selecteer > Instrumenten > Geheugen.
Uw Nokia-apparaat ondersteunt de bestandssystemen FAT16 en FAT32 voor geheugenkaarten. Als u een geheugenkaart uit een
ander apparaat gebruikt of als u verzekerd wilt zijn van compatibiliteit tussen de geheugenkaart en uw Nokia-apparaat, moet
u de geheugenkaart formatteren met uw Nokia-apparaat. Als u een geheugenkaart fomatteert, worden alle gegevens vernietigd
die op de kaart zijn opgeslagen.
U kunt een geheugenkaart plaatsen en verwijderen zonder de batterij te verwijderen of het apparaat uit te schakelen. Verwijder
de geheugenkaart niet terwijl een bewerking plaatsvindt. Wanneer u de kaart tijdens een dergelijke bewerking verwijdert, kan
B e l a n g r i j k e i n f o r m a t i e o v e r h e t a p p a r a a t
© 2007 Nokia. Alle rechten voorbehouden. 19