Operation Manual
Als u de sleuteldetails wilt weergeven, selecteert u
Opties > Licentiegegevens.
De volgende details worden voor elk mediabestand
weergegeven:
• Status — De status is Licentie is geldig, Licentie
verlopen of Licentie nog niet geldig.
• Inhoud verzenden — Toegestaan betekent dat u het
bestand naar een ander apparaat kunt verzenden. Niet
toegestaan betekent dat u het bestand niet naar een
ander apparaat kunt verzenden.
• Inhoud op telefoon — Ja betekent dat het bestand
op het apparaat aanwezig is; het pad naar het bestand
wordt weergegeven. Nee betekent dat het bestand
niet op het apparaat aanwezig is.
Als u een sleutel wilt activeren, gaat u naar de
hoofdweergave van de licenties en selecteert u Ongeld.
licenties > Opties > Licentie ophalen. Breng een
netwerkverbinding tot stand wanneer u daarom wordt
gevraagd. U wordt vervolgens naar een website geleid
waar u rechten voor de media kunt aanschaffen.
Als u bestandsrechten wilt verwijderen, opent u het
tabblad voor geldige sleutels of het tabblad voor niet-
gebruikte sleutels, gaat u naar het gewenste bestand en
selecteert u Opties > Verwijderen. Als u meerdere
rechten hebt op hetzelfde mediabestand, worden alle
rechten verwijderd.
In de groepssleutelweergave worden alle bestanden
weergegeven die betrekking hebben op een groepsrecht.
Als u meerdere mediabestanden met dezelfde rechten
hebt gedownload, worden deze getoond in deze
weergave. U kunt de groepsweergave openen vanaf het
tabblad met geldige sleutels of het tabblad met ongeldige
sleutels. U kunt toegang krijgen tot deze bestanden door
de map met groepsrechten te openen.
Synchronisatie
Selecteer Menu > Bedieningspan. > Sync.
Met Synchronisatie kunt u notities, agenda-items, SMS- en
MMS-berichten, browserbookmarks of contacten
synchroniseren met verschillende compatibele
toepassingen op een compatibele computer of op
internet.
U kunt de synchronisatie-instellingen ontvangen in een
speciaal bericht van de serviceprovider.
Een synchronisatieprofiel bevat de noodzakelijke
instellingen voor synchronisatie.
Wanneer u de toepassing Synchronisatie opent, wordt het
standaardsynchronisatieprofiel of eerder gebruikt
sychronisatieprofiel weergegeven. Als u het profiel wilt
wijzigen, gaat u naar een synchronisatie-item en
selecteert u Markeren als u het in het profiel wilt
opnemen of Mrk. ophffn als u het eruit wilt laten.
Om de synchronisatieprofielen te beheren, selecteert u
Opties en de gewenste optie.
Selecteer Opties > Synchroniseren om gegevens te
synchroniseren. Selecteer Annuleren om de
synchronisatie tussentijds af te breken.
161
Beveiligings- en gegevensbeheer










