Operation Manual

Als u de geheugenkaart wilt coderen, selecteert u
Geheugenkaart en maakt u een keuze uit de volgende
opties:
Coder. zond. opsl. sleutel — De geheugenkaart
coderen zonder de coderingssleutel op te slaan. Als u
deze optie selecteert, kunt u de geheugenkaart niet in
andere apparaten gebruiken. Ook kunt u de
geheugenkaart niet decoderen als u de
fabrieksinstellingen terugzet.
Coderen en sleutel opslaan — De geheugenkaart
coderen en de sleutel handmatig in de standaardmap
opslaan. Sla voor alle zekerheid de sleutel ook op een
veilige plaats buiten het apparaat op. U kunt de sleutel
bijvoorbeeld naar de computer verzenden. Voer een
wachtwoord in voor de sleutel en een naam voor het
sleutelbestand. Het wachtwoord mag niet te kort en
eenvoudig zijn.
Coderen met herstelde sleutel — De geheugenkaart
coderen én de ontvangen sleutel op de kaart opslaan.
Selecteer het sleutelbestand en voer het wachtwoord
in.
Geheugen en geheugenkaart
decoderen
Decodeer altijd het apparaatgeheugen en/of de
geheugenkaart voordat u de software van het apparaat
bijwerkt.
Als u het apparaatgeheugen wilt decoderen, selecteert u
Telefoongeheugen.
Als u de geheugenkaart wilt decoderen zonder de
coderingssleutel te vernietigen, selecteert u
Geheugenkaart > Decoderen.
Als u de geheugenkaart wilt decoderen én de
coderingssleutel wilt vernietigen, selecteert u
Geheugenkaart > Decoderen en coderen
uitschakelen.
Vaste nummers
Selecteer Menu > Contacten en Opties > SIM-
nummers > Nrs. vaste contacten.
Met de dienst voor vaste nummers kunt u oproepen van
het apparaat beperken tot bepaalde telefoonnummers.
Niet alle SIM-kaarten ondersteunen vaste nummers. Neem
contact op met de serviceprovider voor meer informatie.
Wanneer beveiligingsfuncties zijn ingeschakeld waarmee
oproepen worden beperkt (zoals het blokkeren van
oproepen, gesloten gebruikersgroepen en vaste
nummers), kunt u mogelijk nog wel het
geprogrammeerde alarmnummer kiezen. De functies voor
het blokkeren en doorschakelen van oproepen kunnen
niet tegelijkertijd actief zijn.
U hebt de PIN2-code nodig voor het in- en uitschakelen
van vaste nummers of het bewerken van de vaste
nummers. Informeer bij uw serviceprovider naar uw PIN2-
code.
Selecteer Opties en een van de volgende opties:
Vaste nummers activrn — Hiermee activeert u de
dienst voor oproepen naar vast nummers.
Vaste nummers deactiv. — Hiermee schakelt u de
dienst voor oproepen naar vast nummers uit.
120
Beveiliging en gegevensbeheer