Operation Manual
Druk kort op de aan/uit-toets om een ander profiel te
kiezen of om het apparaat uit te schakelen of te
vergrendelen.
Als een toepassing
meerdere tabbladen bevat
(zie afbeelding), opent u een
tabblad door op de
navigatietoets naar rechts
of links te drukken.
Selecteer Terug om de instellingen die u in een
toepassing geconfigureerd hebt, op te slaan.
Als u een bestand wilt opslaan, selecteert u Opties >
Opslaan. Afhankelijk van de gebruikte toepassing zijn
er verschillende opslagmogelijkheden.
Als u een bestand wilt verzenden, selecteert u Opties >
Verzenden. U kunt een bestand in een e-mailbericht
of een multimediabericht verzenden, of gebruikmaken
van verschillende verbindingsmethoden.
Om te kopiëren houdt u de Shift-toets ingedrukt en
selecteert u de tekst met de navigatietoets. Houd de
Shift-toets ingedrukt en selecteer Kopiëren. Om te
plakken bladert u naar de plek waar de tekst moet
komen, houdt u de Shift-toets ingedrukt en selecteert
u Plakken. Deze methode werkt misschien niet in
toepassingen die over hun eigen kopieer- en
plakopdrachten beschikken.
Als u verschillende items, zoals berichten, bestanden of
contacten, wilt selecteren, bladert u naar het
betreffende item. Selecteer Opties > Markeringen
aan/uit > Markeren om één item te selecteren of
Opties > Markeringen aan/uit > Alle markeren om
alle items te selecteren.
Tip: Als u bijna alle items wilt selecteren,
selecteert u eerst Opties > Markeringen aan/
uit > Alle markeren, daarna selecteert u de
items die u niet wilt en vervolgens Opties >
Markeringen aan/uit > Markering
opheffen.
Als u een object wilt selecteren (bijvoorbeeld een
bijlage bij een document) bladert u naar het object,
zodat er vierkante haken aan beide zijden van het
object verschijnen.
Geheugen vrijmaken
Selecteer Menu > Kantoor > Best.beheer als u wilt
zien hoeveel geheugen beschikbaar is voor
verschillende gegevenstypen.
Veel functies van het apparaat gebruiken geheugen om
gegevens op te slaan. U krijgt een melding als het
beschikbare geheugen bijna vol is.
Breng gegevens over naar een compatibele
geheugenkaart (indien beschikbaar) of naar een
compatibele computer om geheugen vrij te maken.
Gebruik Bestandsbeheer of ga naar de desbetreffende
toepassing om gegevens te verwijderen die u niet
langer nodig hebt. U kunt de volgende elementen
verwijderen:
• E-mails in de mappen in Berichten en e-mails die uit
de mailbox zijn opgehaald
• Opgeslagen webpagina's
• Contactgegevens
• Agendanotities
30
Nokia E55 – De basis










