Operation Manual
Table Of Contents
- Gebruikershandleiding Nokia E52
- Inhoudsopgave
- Veiligheid
- Snel aan de slag
- Nokia E52 – De basis
- Aanpassen
- Nieuw in de Nokia Eseries
- Berichten
- Berichtenmappen
- Berichten indelen
- E-mail
- Uw e-mailinstellingen definiëren
- E-mail verzenden
- Bijlagen toevoegen
- E-mail lezen
- Bijlagen downloaden
- Reageren op een vergaderverzoek
- E-mailberichten zoeken
- E-mailberichten verwijderen
- Wisselen tussen e-mailmappen
- Verbinding met de mailbox verbreken
- Een afwezigheidsbericht instellen
- Algemene instellingen voor e-mail
- Nokia Berichten
- Berichtenlezer
- Spraak
- Tekst- en multimediaberichten
- Speciale berichttypen
- Infodienst
- Berichtinstellingen
- Telefoon
- Spraakoproepen
- Voicemail
- Video-oproepen
- Video delen
- Internetoproepen
- Spraakfuncties
- Snelkeuze
- Oproepen omleiden
- Oproepen blokkeren
- Internetoproepen blokkeren
- DTMF-tonen verzenden
- Spraakthema
- Spraakopdrachten
- P2T
- Logboek
- Internet
- Op reis
- Positionering (GPS)
- Kaarten
- Over Kaarten
- Netwerkpositionering
- Over de kaart schuiven
- Schermsymbolen
- Locatie zoeken
- Een route plannen
- Locaties opslaan en verzenden
- Opgeslagen items weergeven
- Favoriete locaties synchroniseren met Ovi Kaarten
- Uw zoekgeschiedenis
- Navigatiesysteem voor voetgangers
- Navigatiesysteem
- Verkeer en veiligheid
- Kaarten gebruiken met het kompas
- Het kompas kalibreren
- Instellingen Kaarten
- Internetinstellingen
- Navigatie-instellingen
- Route-instellingen
- Kaartinstellingen
- Synchronisatie-instellingen
- Kaarten bijwerken
- Nokia-kantoortoepassingen
- Aanpassen
- Media
- Camera
- Galerij
- Foto's
- Online delen
- Online delen
- Abonnementen nemen op diensten
- Uw accounts beheren
- Een post creëren
- Bestanden vanuit Foto's posten
- Uploaden via één muisklik
- Lijst met labels
- Posts in Outbox beheren
- Inhoud van diensten bekijken
- Instellingen voor serviceproviders
- Accountinstellingen bewerken
- Geavanceerde instellingen bewerken
- Gegevenstellers
- Nokia Videocentrum
- Muziekspeler
- RealPlayer
- Dictafoon
- Flash-speler
- FM-radio
- N-Gage
- Connectiviteit
- Beveiligings- en gegevensbeheer
- Instellingen
- Algemene instellingen
- Telefooninstellingen
- Verbindingsinstellingen
- Toegangspunten
- Instellingen voor packet-gegevens (GPRS)
- WLAN-instellingen
- Geavanceerde WLAN-instellingen
- WLAN-beveiligingsinstellingen
- WEP-beveiligingsinstellingen
- WEP-sleutelinstellingen
- 802.1x-beveiligingsinstellingen
- WPA-beveiligingsinstellingen
- Plug-ins voor draadloos LAN
- SIP-instellingen (Session Initiation Protocol)
- SIP-profielen bewerken
- SIP-proxyservers bewerken
- Registratieservers bewerken
- Configuratie-instellingen
- Packet-gegevens beperken
- Toepassingsinstellingen
- Sneltoetsen
- Woordenlijst
- Ondersteuning
- Groene tips
- Accessoires
- Batterij
- Behandeling en onderhoud
- Aanvullende veiligheidsinformatie
- Index

U kunt de packet-gegevensinstellingen definiëren door
Packet-ggvnsverbinding te selecteren en u kunt
Automat. bij signaal selecteren om het apparaat te
registreren bij het packet-gegevensnetwerk als u het
apparaat inschakelt in een ondersteund netwerk, of
Wanneer nodig om alleen een packet-
gegevensverbinding tot stand te brengen als een
toepassing of actie dit vereist. Deze instelling is van
invloed op alle toegangspunten voor packet-
gegevensverbindingen. Als u het apparaat wilt gebruiken
als packet-gegevensmodem voor uw computer, selecteert
u Toegangspunt en voert u de naam van het
toegangspunt in dat door de serviceprovider aan u is
verstrekt. Als u een snelle gegevensverbinding wilt
gebruiken, selecteert u Snelle toeg. packet-geg. >
Ingeschakeld.
WLAN-instellingen
Selecteer Menu > Bed. paneel > Instellingen en
Verbinding > Wireless LAN.
Als u wilt dat er een indicator wordt weergegeven als er
een draadloos LAN-netwerk (WLAN) beschikbaar is op uw
huidige locatie, selecteert u Beschkbrhd WLAN tonen >
Ja.
Als u het tijdsinterval wilt selecteren voor het zoeken naar
beschikbare WLAN-netwerken en voor het bijwerken van
de indicator, selecteert u Zoeken naar netwerken. Deze
instelling is alleen beschikbaar als u Beschkbrhd WLAN
tonen > Ja selecteert.
U kunt het apparaat zodanig instellen dat auotomatisch
de internetcapaciteit van het geselecteerde WLAN wordt
getest, dat telkens om toestemming wordt gevraagd of
dat de connectiviteitstest nooit wordt uitgevoerd door
Internetverbindingstest > Automat. uitvoeren, Altijd
vragen of Nooit uitvoeren te selecteren. Als u Automat.
uitvoeren selecteert of het uitvoeren van de test toestaat
als het apparaat hierom vraagt, wordt het toegangspunt
opgeslagen op internetbestemmingen als de uitvoering
van de connectiviteitstest is geslaagd.
Als u het unieke MAC-adres (Media Access Control) wilt
weergeven waarmee uw apparaat wordt geïdentificeerd,
voert u *#62209526# in vanaf het startscherm. Het MAC-
adres wordt weergegeven.
Geavanceerde WLAN-
instellingen
Selecteer Opties > Geavanc. instellingen. De
geavanceerde instellingen voor draadloze LAN-netwerken
worden gewoonlijk automatisch gedefinieerd en het
wordt afgeraden deze instellingen te wijzigen.
Als u de instellingen handmatig wilt bewerken, selecteert
u Autom. configuratie > Uitgeschakeld en definieert u
de volgende instellingen:
• Lange probeerlimiet — Voer het maximum aantal
verzendpogingen in voor als er geen
ontvangstbevestiging van het netwerk wordt
ontvangen.
• Korte probeerlimiet — Voer het maximumaantal
verzendpogingen in voor als er geen gereedmelding
voor verzenden van het netwerk wordt ontvangen.
• RTS-drempel — Stel voor gegevens de pakketgrootte
in waarbij het toegangspunt voor het draadloze LAN-
netwerk vraagt of de gegevens moeten worden
verzonden, alvorens dit ook daadwerkelijk te doen.
162
Instellingen










