Operation Manual

verwijderen. Als u verbinding hebt met een apparaat en
de koppeling met dat apparaat annuleert, wordt de
koppeling meteen verwijderd en de verbinding beëindigd.
Als u een gekoppeld apparaat wilt toestaan automatisch
verbinding te maken met uw apparaat, selecteert u
Geautoriseerd. Er kan zonder uw tussenkomst een
verbinding tussen uw apparaat en het andere apparaat tot
stand worden gebracht. U hoeft de verbinding niet te
accepteren of te autoriseren. Gebruik deze optie alleen
voor uw eigen apparaten, bijvoorbeeld een compatibele
hoofdtelefoon of computer, of voor apparaten van iemand
die u vertrouwt. Als u verbindingsverzoeken van het
andere apparaat elke keer afzonderlijk wilt accepteren,
selecteert u Niet geautoriseerd.
Als u een audiotoebehoren, bijvoorbeeld een Bluetooth-
handsfreeset of -hoofdtelefoon, wilt gebruiken, moet u
het apparaat koppelen aan het toebehoren. Raadpleeg de
handleiding bij het toebehoren voor de toegangscode en
verdere instructies. Als u verbinding wilt maken met het
audiotoebehoren, schakelt u het toebehoren in. Sommige
audiotoebehoren maken automatisch verbinding met uw
apparaat. Anders opent u het tabblad voor gekoppelde
apparaten, bladert u naar het toebehoren en selecteert u
Opties > Verb. met audioapparaat.
Beveiligingstips
Als u geen Bluetooth-verbinding gebruikt, selecteert u
Bluetooth > Uit of Waarneembrh. tel. > Verborgen.
Koppel het apparaat niet met een onbekend apparaat.
SIM-toegangsprofiel
Met het SIM-toegangsprofiel hebt u toegang tot de SIM-
kaart van het apparaat vanaf een compatibele carkit. U
hebt dan geen afzonderlijke SIM-kaart nodig voor toegang
tot de SIM-kaartgegevens en om verbinding met het GSM-
netwerk te kunnen maken.
Voor het gebruik van het SIM-toegangsprofiel hebt u het
volgende nodig:
Een compatibele carkit met ondersteuning voor
draadloze Bluetooth-technologie.
Geldige SIM-kaart in uw apparaat
Als het draadloze apparaat in de externe SIM-modus staat,
kunt u alleen via een compatibele en aangesloten
uitbreiding, zoals een carkit, gesprekken voeren of
ontvangen. U kunt in deze modus geen nummers kiezen
met uw draadloze apparaat, behalve de alarmnummers
die in het apparaat zijn geprogrammeerd. Als u wilt bellen
met uw apparaat, moet u eerst de externe SIM-modus
verlaten. Als het apparaat is vergrendeld, moet u eerst de
beveiligingscode invoeren om deze te ontgrendelen.
Zie de Nokia-website en de gebruikershandleiding bij uw
carkit voor meer informatie over carkits en compatibiliteit
met uw apparaat.
Het SIM-toegangsprofiel gebruiken
1. Selecteer Menu > Connect. > Bluetooth > Externe
SIM-modus > Aan.
2. Activeer Bluetooth in de carkit.
3. Gebruik uw carkit om het zoeken naar compatibele
apparaten te starten. Raadpleeg de
gebruikershandleiding bij uw carkit voor instructies.
106