Operation Manual

19 Sleuf voor geheugenkaart
20 Ontgrendelingsknop
21 Luidspreker
22 Cameralens
23 Oogje van polsband
Functies van speciale toetsen
Contacttoets en berichttoets. Druk op
de contacttoets of berichttoets om
bepaalde bericht- of contactfuncties
te activeren. U kunt verschillende
functies aan de toetsen toewijzen.
Functietoets. Druk eerst op de
functietoets en dan op de Ctrl-toets
als u de schrijftaal wilt wijzigen.
Shift-toets. Druk op de Shift-toets als
u tussen hoofdletters en kleine letters
wilt schakelen. Als u tekst wilt
kopiëren of knippen, houdt u de Shift-
toets ingedrukt en bladert u om het
woord, het fragment of de tekstregel
te markeren die u wilt kopiëren of
knippen. Houd de Ctrl-toets ingedrukt
en druk vervolgens op C (kopiëren) of
X (knippen).
Symbooltoets. Als u een speciaal
symbool wilt invoeren, drukt u op de
symbooltoets en selecteert u het
gewenste symbool.
Aan de slag
SIM-kaart en batterij plaatsen
Batterij veilig verwijderen. Schakel het
apparaat altijd uit en ontkoppel de lader
voordat u de batterij verwijdert.
De SIM-kaart en de contactpunten van de
kaart kunnen gemakkelijk door krassen of
buigen worden beschadigd. Wees daarom
voorzichtig wanneer u de kaart vastpakt,
plaatst of verwijdert.
1 Druk op de ontgrendelingsknoppen
en verwijder de achtercover (1, 2).
2 Verwijder de batterij (3).
3 Plaats de SIM-kaart. Zorg ervoor dat
het contactgebied op de kaart naar
beneden is gericht en dat de schuine
hoek van de kaart naar de onderkant
van het apparaat wijst (4, 5, 6).
4 Plaats de batterij en de achtercover
terug (7, 8, 9).
In- of uitschakelen
Houd de aan/uit-toets ingedrukt.
Antenne's
Het apparaat kan interne en externe
antennes hebben. Vermijd onnodig
contact met het gebied rond de antenne
als de antenne aan het zenden of
Aan de slag 7
© 2010 Nokia. Alle rechten voorbehouden.