Operation Manual
Instellingen
72
dat u de instellingen ontvangt als configuratiebericht. Zie Dienst voor
configuratie-instellingen op pagina 10 en Configuratie op pagina 75.
Als u gegevens hebt opgeslagen op de externe internetserver, kunt u de
synchronisatiesessie starten vanaf de telefoon.
Selecteer Menu > Instellingen > Connectiviteit > Gegevensover-
dracht > Serversynchronisatie. Selecteer Synchronisatie gestart of
Kopiëren wordt gestart, afhankelijk van de instellingen.
Als de lijst met contacten en de agenda vol zijn, kan het synchroniseren
bij een eerste synchronisatiesessie of na een onderbroken
synchronisatiesessie wel 30 minuten duren.
USB-gegevenskabel
U kunt de USB-gegevenskabel CA-101 gebruiken voor het overdragen
van gegevens tussen de telefoon en een compatibele pc met Nokia PC
Suite. U activeert de telefoon voor het overdragen van gegevens door de
gegevenskabel op de telefoon en pc aan te sluiten. Zie De batterij
opladen met de gegevenskabel CA-101 op pagina 15 voor meer
informatie over het aansluiten van de gegevenskabel. De gegevenskabel
wordt automatisch door de telefoon gedetecteerd.
■ Bellen
Selecteer Menu > Instellingen > Oproepen en daarna een van de
volgende opties:
Doorschakelen — om inkomende oproepen door te schakelen
(netwerkdienst). Het is mogelijk dat u geen oproepen kunt
doorschakelen als bepaalde blokkeringsfuncties zijn ingeschakeld. Zie
Oproepen blokkeren in Beveiliging op pagina 76.
Opnemen met will. toets > Aan — om een inkomende oproep te
beantwoorden door kort op een willekeurige toets te drukken, met
uitzondering van de aan/uit-toets, de cameratoets, de linker- en
rechterselectietoets en de toets Einde.
Oproepen via schuif > Open voor beantw. opr. — hiermee kunt u een
inkomende oproep beantwoorden door de schuif te openen.










