Operation Manual
Tekst invoeren
38
Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Schermtoetsenbord
Het schermtoetsenbord gebruiken: tik met de stylus
op de toetsen van het toetsenbord.
Figuur 15 Schermtoetsenbord
1 Invoerscherm. Hier worden de tekens die u typt
weergegeven.
2 Backspace. Hiermee verwijdert u het teken links van de
cursor.
3 Enter. Hiermee kunt u naar een nieuwe regel gaan of
nieuwe rijen toevoegen.
4 Tab–toets. Hiermee kunt u een tab–spatie toevoegen
of de cursor naar het volgende veld verplaatsen.
5 Caps lock. Hiermee schakelt u naar de modus voor
hoofdletters.
6 Shift. Hiermee kunt u hoofdletters invoeren in de
modus voor kleine letters.
7 Spatiebalk. Hiermee kunt u een spatie invoeren.
Schakelen tussen hoofdletters en kleine letters: tik
op . Schakel Caps Lock in door te tikken op . Alle
zinnen die volgen op de tekens ! ? & ¡ en . beginnen
automatisch met een hoofdletter, tenzij u deze optie
hebt uitgeschakeld in het Configuratiescherm
Instellingen peninvoer.
Cijfers of speciale tekens invoeren: tik op . Tik op
om meer speciale tekens weer te geven.
Tip: Als het toetsenbord speciale toetsen met accenten
heeft, typt u eerst het accent en dan de letter om
letters met accenten in te voeren. U kunt eventueel ook
op tikken om letters met accenten te selecteren.
Tekst verwijderen: selecteer de tekst door de stylus
over de tekst te slepen. Tik op het Backspace–
pictogram.
Instellingen peninvoer
Instellingen voor tekstinvoer configureren: selecteer
Config.scherm > Instell. peninvoer. U kunt het
volgende opgeven:
Invoertaal: – Deze instelling bepaalt in welke taal
specifieke tekens in uw handschrift herkend worden en
definieert de indeling van het schermtoetsenbord.










