Operation Manual
Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.
De telefoon aanpassen
88
• Belvolume - hiermee stelt u het volume van het oproepsignaal en de beltoon voor
berichten in.
• Berichtensignaaltoon - hiermee stelt u de beltoon voor berichten in.
• Sign. chat-bericht - hiermee stelt u de beltoon voor chat-berichten in.
• Trilsignaal - hiermee stelt u de telefoon in op trillen bij inkomende spraakoproepen en
berichten.
• Toetsenbordtonen - hiermee stelt u het volume van de tonen van de toetsen in.
• Waarschuwingstonen - hiermee stelt u de waarschuwingstoon in, die bijvoorbeeld
wordt weergegeven als de batterij bijna leeg is.
• Waarschuwen bij - hiermee stelt u in dat de telefoon alleen overgaat bij inkomende
oproepen van een specifieke contactgroep. Bij inkomende oproepen van andere
personen gaat de telefoon niet over. Beschikbare opties zijn: Alle oproepen / (een lijst
met contactgroepen, indien aanwezig). Zie “
Contactgroepen maken” op pagina 29.
• Beschikbaarheid - selecteer Beschikbaar, Bezet of Niet beschikbaar. Zie
“Aanwezigheidsinstellingen” op pagina 33.
• Privé-bericht - toets een bericht in om uw huidige aanwezigheidsstatus weer te geven.
Zie “
Aanwezigheidsinstellingen” op pagina 33.
• Profielnaam - u kunt de naam van de meeste profielen wijzigen. De naam van het
profiel Algemeen kunt u niet wijzigen.
Thema’s
Ga naar
Menu→ Thema's.
U kunt de weergave op het scherm van uw telefoon wijzigen door een thema te activeren.
Het thema kan worden toegepast op de volgende elementen: de achtergrondafbeelding
in inactieve status, het kleurenpalet, de screensaver en de achtergrondafbeelding in
Favorieten. Ook kunt u een thema bewerken en naar eigen inzicht aanpassen.
Wanneer u Thema's opent, verschijnt er een lijst met de beschikbare thema’s. Het actieve
thema wordt aangeduid met een vinkje. Druk op om de thema’s op de eventuele
geheugenkaart weer te geven.










