Operation Manual

Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.
Persoonlijke gegevens
36
Agendaweergaven
Opties in de
verschillende
agendaweergaven:
Openen, Nieuw item,
Weekweergave /
Maandweergave,
Verwijderen, Ga naar
datum, Zenden,
Instellingen, Help, en
Afsluiten.
Als u in de maand-, week- of dagweergave op drukt, wordt de huidige datum
automatisch gemarkeerd.
Als u een agenda-item wilt maken, kunt u in een willekeurige agendaweergave op een
van de cijfertoetsen t/m drukken. Een item van het type Vergadering
wordt geopend en de ingetoetste tekens worden aan het veld Onderwerp toegevoegd.
•Kies Opties Ga naar datum om naar een bepaalde datum te gaan. Toets de datum in
en druk op OK.
Symbolen in de dag- en weekweergave: - Memo en - Verjaardag.
Symbolen voor synchronisatie in de maandweergave:
- Privé, - Openbaar, - Geen en - de dag bevat meer dan één item.
Takenlijst
Ga naar Menu
Taken.
In Takenlijst kunt u bijhouden welke taken u nog moet uitvoeren. Voor Takenlijst wordt
een gedeeld geheugen gebruikt. Zie “
Gedeeld geheugen” op pagina 15.
1 Druk op een van de toetsen t/m om een takenlijst te maken. De
editor wordt geopend en de cursor knippert na de letters die u hebt ingetoetst.
2 Geef de taak op in het vak Onderwerp. Druk op om speciale tekens toe te
voegen.
In het vak Uiterste datum kunt u de einddatum voor de taak opgeven.
Als u een prioriteit voor het takenlijst wilt instellen, gaat u naar het veld Prioriteit
en drukt u op .
3 Kies Gereed om het takenlijst op te slaan. Als u alle tekens verwijdert en op Gereed
kiest, wordt het takenlijst verwijderd, zelfs als u een eerder opgeslagen takenlijst
bewerkt.
Als u een takenlijst wilt openen, selecteert u dat en drukt u op .
Als u een takenlijst wilt verwijderen, selecteert u dat en kiest u Opties Verwijderen
of drukt u op .