Operation Manual
99Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Opties voor de camera
Druk op Menu en selecteer achtereenvolgens Media en Camera. Druk op Opties en
selecteer een van de volgende opties, afhankelijk van de actieve cameramodus:
• Modus wijzigen om de cameramodus te wijzigen. Selecteer Standaardfoto of
Portretfoto, of selecteer Nachtmodus als er weinig licht is om foto's te maken.
Als u de foto wilt toevoegen aan een naam of telefoonnummer in de lijst met
contacten, selecteert u Portretfoto.
• Zoom om het onderwerp dichterbij te halen. Draai de draaitoets als de zoeker
geactiveerd is naar rechts om in te zoomen en naar links om uit te zoomen.
• Zelfontspanner om de zelfontspanner te activeren. Druk op Starten. Na de
timeout wordt de foto genomen. Terwijl de zelfontspanner actief is, hoort u
een pieptoon.
• Vorige bekijken om de vorige foto uit dezelfde fotosessie weer te geven.
• Galerij openen om het menu Galerij te openen.
• Instellingen om de camera–instellingen te wijzigen:
• Standaardmodus om de standaardcameramodus in te stellen.
• Kwaliteit afbeelding om de compressie van het fotobestand voor het
opslaan van de afbeelding te definiëren. Selecteer Hoog, Normaal of
Gering. Hoog biedt de beste beeldkwaliteit, maar neemt meer geheugen in
beslag.
• Camerageluiden om het sluitergeluid en geluid voor de zelfontspanner in te
stellen op Aan of Uit.










