Operation Manual
67Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
• Erg korte namen worden niet geaccepteerd. Gebruik lange namen en vermijd het gebruik
van soortgelijke namen voor verschillende nummers.
Opmerking: Het gebruik van spraaklabels kan moeilijkheden opleveren in een
drukke omgeving of tijdens een noodgeval. Voorkom dus onder alle
omstandigheden dat u uitsluitend van spraaklabels afhankelijk bent.
Spraaklabels toevoegen en beheren
Zorg dat in het telefoongeheugen de contacten aanwezig zijn waaraan u een
spraaklabel wilt toevoegen. U kunt ook spraaklabels toevoegen aan namen in het
geheugen van de SIM–kaart. Als u de SIM–kaart echter door een nieuwe kaart
vervangt, moet u eerst de oude spraaklabels verwijderen voordat u nieuwe
spraaklabels kunt toevoegen.
Spraaklabels maken gebruik van het gedeelde geheugen (zie Gedeeld geheugen op
pagina 12).
1. Ga naar het contact waaraan u een spraaklabel wilt toevoegen en druk op
Gegev.. Ga naar het gewenste telefoonnummer en druk op Opties.
2. Selecteer Spraaklabel toev..
3. Druk op Starten en spreek de woorden die u als spraaklabel wilt opnemen,
duidelijk uit. Na de opname wordt de spraaklabel afgespeeld.
Als de spraaklabel is opgeslagen, wordt de tekst Spraaklabel opgeslagen
weergegeven, klinkt een toon en wordt het pictogram achter het
telefoonnummer met de spraaklabel weergegeven.










