Operation Manual

85Copyright © 2004 Nokia. All rights reserved.
Wanneer u een visitekaartje hebt ontvangen, drukt u op Tonen en Opslaan om het
visitekaartje op te slaan in het telefoongeheugen.
Zoek naar de gewenste naam en het gewenste telefoonnummer in de lijst met
contacten. Druk op Gegev. en selecteer achtereenvolgens Opties en Visitek.
verzenden. Selecteer Via infrarood, Via SMS (netwerkdienst) of Via multimedia
(netwerkdienst).
Spraakgestuurde nummerkeuze
U kunt een contactpersoon bellen door een spraaklabel uit te spreken dat u voor
de contactpersoon hebt opgenomen. Een spraaklabel kan bijvoorbeeld een naam
zijn. U kunt een beperkt aantal spraaklabels toevoegen.
Houd rekening met het volgende voordat u spraaklabels gebruikt:
Spraaklabels zijn niet taalgevoelig. Ze zijn afhankelijk van de stem van de spreker.
U moet de spraaklabel exact zo uitspreken zoals u deze hebt opgenomen.
Spraaklabels zijn gevoelig voor achtergrondgeluiden. Neem de spraaklabels op en
gebruik ze in een rustige omgeving.
Erg korte namen worden niet geaccepteerd. Gebruik lange namen en vermijd het gebruik
van soortgelijke namen voor verschillende nummers.
Opmerking: Het gebruik van spraaklabels kan moeilijkheden opleveren in een
drukke omgeving of tijdens een noodgeval. Voorkom dus onder alle
omstandigheden dat u uitsluitend van spraaklabels afhankelijk bent.
Spraaklabels toevoegen en beheren
Zorg dat in het telefoongeheugen de contacten aanwezig zijn waaraan u een
spraaklabel wilt toevoegen.