Operation Manual
Algemene functies
42
Copyright
© 2004 Nokia. All rights reserved.
3. Algemene functies
■ Opbellen
1. Open de telefoon en toets het netnummer en telefoonnummer in. Als u een
onjuist teken intoetst, kunt u op Wis drukken om het teken te verwijderen.
Voor internationale gesprekken drukt u tweemaal op voor het
internationale prefix (het + -teken vervangt de internationale toegangscode)
en toetst u de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het
telefoonnummer in.
2. Druk op om een nummer te bellen.
3. Druk op of sluit de telefoon om het gesprek te beëindigen of het kiezen
te onderbreken.
Zie ook Opties tijdens een gesprek op pagina 45.
Bellen met behulp van de lijst met contacten
• Zie Zoeken naar een contact op pagina 103 als u wilt zoeken naar namen of
telefoonnummers die u hebt opgeslagen in Contacten. Druk op om een
nummer te bellen.
Uw voicemail bellen
• Houd ingedrukt in de standby-modus, of druk op en .
Als het nummer van uw voicemailbox wordt gevraagd, toetst u dit in en
drukt u op OK. Zie ook Spraakberichten op pagina 88.










