Operation Manual
Menufuncties
103
Copyright
© 2004 Nokia. All rights reserved.
• SMTP-gebruikersnaam. Toets de gebruikersnaam voor uitgaande e-mail
in die u van de e-mailprovider hebt ontvangen.
• SMTP-wachtwoord. Toets het wachtwoord in dat u voor uitgaande e-
mailberichten wilt gebruiken.
• Uitgaande (SMTP) poort. Toets het nummer van de serverpoort voor
uitgaande e-mail in. De meest gebruikte standaardwaarde is 25.
Als u het servertype POP3 hebt geselecteerd, worden de volgende opties
weergegeven:
• Inkomende (POP3) poort. Toets het poortnummer in dat u van de e-
mailprovider hebt gekregen.
• Antwoordadres. Toets het e-mailadres in waarnaar de antwoorden
moeten worden gestuurd.
• Beveiligde aanmelding. Selecteer Beveiligde aanmelding aan als voor de
verbinding een gecodeerde aanmelding nodig is. Als dit niet het geval is,
laat u Beveiligde aanmelding uit ingeschakeld. Raadpleeg de
serviceprovider als u niet zeker bent. Het gebruik van gecodeerde
aanmelding verhoogt de veiligheid voor gebruikersnamen en
wachtwoorden. De beveiliging van de verbinding zelf wordt hierdoor
niet verhoogd.
• E-mails ophalen. Geef aan hoeveel e-mailberichten u per keer wilt
ophalen.










