Operation Manual

Instrum.
101
Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Standby-modus
Actief standby — Hiermee kunt u in de standby-modus
sneltoetsen gebruiken voor toepassingen. Zie ‘Actief
standby’ op pag. 16.
Linkerselectietoets — Als u een snelkoppeling wilt
toewijzen aan de linkerselectietoets ( ) in de standby-
modus, selecteert u een toepassing in de lijst.
Rechterselectietoets — Als u een snelkoppeling wilt
toewijzen aan de rechterselectietoets ( ) in de
standby-modus, selecteert u een toepassing in de lijst.
U kunt ook snelkoppelingen toewijzen voor de
verschillende aanslagen van de bladertoets door een
toepassing te selecteren in de lijst. De snelkoppelingen
voor de bladertoets zijn niet beschikbaar als de actieve
standby-modus is ingeschakeld.
Operatorlogo — Deze instelling is alleen zichtbaar als u
een operatorlogo hebt ontvangen en opgeslagen. U kunt
kiezen of u het operatorlogo wilt weergeven.
Weergave
Helderheid — Hiermee stelt
u de helderheid van de
display in (lichter of
donkerder). De helderheid
van de display wordt
automatisch aangepast aan
de omgeving.
Time-out screensaver
De screensaver wordt
geactiveerd wanneer de
time-out is verstreken.
Time-out verlichting — Selecteer een time-out waarna
de verlichting wordt gedimd. Ongeveer 30 seconden nadat
de verlichting is gedimd, wordt deze uitgeschakeld.
Oproepinstellingen
Identificatie verz. (netwerkdienst) — U kunt instellen dat
het telefoonnummer wordt weergegeven voor (Ja) of
verborgen van (Nee) de persoon die u belt. De waarde kan
ook worden ingesteld door de netwerkoperator of service-
provider wanneer u zich abonneert (Ingst. door netw.).
Oproep in wachtrij (netwerkdienst) — Als u deze functie
activeert, wordt u gewaarschuwd als er een nieuwe