Operation Manual
Berichten
75
Copyright
© 2004 Nokia. All rights reserved.
Zendopties
Als u de wijze wilt wijzigen waarop een bericht wordt verzonden, kiest u Opties→
Zendopties wanneer u een bericht bewerkt. Als u het bericht opslaat, worden de
verzendinstellingen ook opgeslagen.
■ Tekst intoetsen
U kunt tekst op twee manieren invoeren: via gewone tekstinvoer en via
tekstinvoer met woordenlijst.
Druk twee keer kort op om invoer met woordenlijst in- of uit te schakelen.
Werken met gewone tekstinvoer
Het symbool verschijnt rechtsboven op de display als u de gewone
tekstinvoer gebruikt.
• Druk op een cijfertoets ( - ) totdat het gewenste teken verschijnt. Op
de cijfertoetsen staan niet alle tekens afgebeeld die onder een toets
beschikbaar zijn.
Symbolen: en geven de modus aan. betekent dat
de eerste letter van het volgende woord een hoofdletter is en dat alle andere
letters automatisch kleine letters zijn. geeft de cijfermodus aan.
• Houd de cijfertoets ingedrukt om een cijfer in te voegen in de tekenmodus.
• Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u op .
• Houd de cijfertoets ingedrukt om een cijfer in te voegen.










