Operation Manual
21
Oproepen
2. Oproepen
■ Bellen
U kunt op een van de volgende manieren bellen:
• Voer het netnummer en het telefoonnummer in en druk op de beltoets.
Voor internationale gesprekken drukt u tweemaal op * voor het internationale
voorvoegsel (het +-teken vervangt de internationale toegangscode) en voert u
de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het
abonneenummer in.
• Voor het bellen van een nummer uit het oproeplog drukt u eenmaal op de
beltoets, bladert u naar het nummer of de naam die u zoekt en drukt u nog een
keer op de beltoets.
• Kies een naam of telefoonnummer dat u hebt opgeslagen in Contacten. Zie
“Contacten” op pagina 31.
Blader omhoog of omlaag om tijdens een gesprek het volume aan te passen.
■ Een oproep beantwoorden en beëindigen
Druk op de beltoets of open de telefoon om een oproep te beantwoorden.
U beëindigt het gesprek door op de toets Einde te drukken of de telefoon te
sluiten.
Wilt u de mogelijkheid om een oproep te beantwoorden door de telefoon te
openen activeren, dan selecteert u Menu > Instellingen > Oproepen > Antw. bij
openen tel. > Aan.
■ Een oproep dempen of weigeren
Met het toetsenbord:
• Als u de beltoon wilt uitschakelen, selecteert u Stil. Vervolgens beantwoordt of
weigert u de oproep.
• Druk op de toets Einde om een oproep te weigeren.
Op het secundaire scherm kunt u opdrachten invoeren door erop te tikken:
Wilt u de mogelijkheid om te tikken instellen, dan selecteert u Menu >
Instellingen > Telefoon > Sensorinstellingen. Zie "Sensor" op pagina 18.
• Om een beltoon te dempen, dubbeltikt u op het secundaire scherm. Het geluid
zal voor de volgende inkomende oproep weer hersteld worden.
• Tik nog eens op het secundaire scherm om de oproep te weigeren.










