Operation Manual

©2001 Nokia Corporation. All rights reserved.
Menufuncties
101
Menufuncties
Gebruikerscertificaten worden uitgegeven door een certificerende autoriteit. Deze verbindt een
gebruiker aan een bepaalde persoonlijke sleutel in een beveiligingsmodule. De sleutels worden in de
module opgeslagen door de uitgever van de SIM-kaart of door de serviceprovider.
Instellingen beveiligingsmodule
Druk op Menu en selecteer achtereenvolgens Diensten, Instellingen en Instellingen
beveiligingsmodule. Als geen beveiligingsmodule in de telefoon aanwezig is, wordt Beveiligingsmodule
invoegen weergegeven.
In het menu Instellingen beveiligingsmodule zijn de volgende opties beschikbaar:
Gegevens beveiligingsmodule: toont het label, de status, de fabrikant en het serienummer van de
beveiligingsmodule.
Verzoek PIN voor module: u wordt gevraagd naar de PIN-code voor de module. Deze wordt bij de
SIM-kaart geleverd. Toets de code in en selecteer Aan om de beveiligingsmodule in te stellen op het
vragen naar de PIN-code voor de module.
PIN voor module wijzigen: toets de huidige PIN-code voor de module in. Druk op Wijzigen en toets
de nieuwe code tweemaal in.
Ondertekenings-PIN wijzigen: toont een lijst met ondertekenings-PIN-codes in alfabetische
volgorde als meer dan één ondertekenings-PIN in de telefoon aanwezig is. De ondertekenings-PIN
wordt bij de SIM-kaart geleverd. Selecteer de ondertekenings-PIN die u wilt wijzigen. Toets de
huidige ondertekenings-PIN in. Druk op Wijzigen en toets de nieuwe code tweemaal in.
Als u verschillende keren een onjuiste PIN-code hebt ingetoetst, wordt PIN-code geblokkeerd
weergegeven en wordt u gevraagd de PUK-code in te toetsen. Informeer bij de serviceprovider naar de
PUK-code en toets deze in. Als u de PUK-code later wilt intoetsen, moet u eerst de PIN-code proberen
te gebruiken. U wordt dan gevraagd naar de PUK-code.