Operation Manual

105Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Samenvatting na oproep > Aan — om de telefoon na elk gesprek kort de duur en
de kosten van het gesprek te laten weergeven (netwerkdienst).
Identificatie verzenden > Ja — om in te stellen dat uw telefoonnummer wordt
weergegeven voor degene naar wie u belt (netwerkdienst). Selecteer
Netwerkinstelling als u de instelling wilt gebruiken die u bent overeengekomen
met uw netwerkoperator.
Lijn uitgaande oproepen — om telefoonlijn 1 of 2 te selecteren voor gesprekken,
als deze functie wordt ondersteund door uw SIM-kaart (netwerkdienst).
Oproepen via schuif — om in te stellen dat oproepen worden beantwoord wanneer
u de schuif opent en worden beëindigd wanneer u de schuif weer sluit.
Telefoon
Selecteer Menu > Instellingen > Telefoon en daarna een van de volgende opties:
Taalinstellingen — selecteer Taal display om de weergavetaal voor de telefoon in
te stellen. Als u Automatisch selecteert, wordt automatisch de taal geselecteerd
op basis van de informatie op de SIM-kaart.
Als u de taal van de USIM-kaart wilt gebruiken, selecteert u SIM-taal.
Als u de taal voor de spraakgestuurde nummerkeuze wilt instellen, selecteert u
Taal spraakweergave. Zie Spraakgestuurde nummerkeuze pagina 41 en
Spraakopdrachten in Mijn snelkoppelingen op pagina 92.
Toetsenblokkering — om in te stellen dat de beveiligingscode moet worden
gevraagd wanneer u de toetsen vrijgeeft. Voer de beveiligingscode en in selecteer
Aan.