Operation Manual
100Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Als er een oproep of tekstbericht wordt ontvangen of als u belt terwijl een
(E)GPRS-verbinding actief is, geeft of aan dat de (E)GPRS-verbinding
onderbroken is.
GPRS-instellingen
U kunt de telefoon via draadloze Bluetooth-technologie, infrarood of een USB-
kabelverbinding aansluiten op een compatibele pc en de telefoon gebruiken als
modem om (E)GPRS-verbinding via de pc in te schakelen.
U kunt de instellingen voor (E)GPRS-verbindingen vanaf uw pc opgeven door
Menu > Instellingen > Connectiviteit > Packet-gegevens > Packet-
gegevensinstell. > Actief toegangspunt te selecteren en het gewenste
toegangspunt te activeren. Selecteer Actief toegangspunt bew. > Alias voor
toegangspunt, geef een naam op om de instellingen voor het toegangspunt te
bewerken en selecteer OK. Selecteer Packet-ggvnstoegangsp., voer de naam van
het toegangspunt (APN) in om een verbinding met een (E)GPRS-netwerk tot stand
te brengen en selecteer OK.
U kunt de (E)GPRS-inbelinstellingen (naam van toegangspunt) ook definiëren op
de pc met behulp van de Nokia Modem Options-software. Zie Nokia PC Suite op
pagina 157. Als u de instellingen op zowel de pc als de telefoon hebt gedefinieerd,
worden de instellingen van de pc gebruikt.










