Operation Manual
9
Algemene informatie
■ Toegangscodes
Beveiligingscode
De beveiligingscode (5 tot 10 cijfers) beveiligt de telefoon tegen onbevoegd
gebruik. De code is standaard ingesteld op 12345. Raadpleeg Beveiliging op
pagina 51 voor informatie over het wijzigen van de code en hoe u de telefoon zo
instelt dat de code moet worden ingetoetst.
PIN-codes
De PIN-code (Persoonlijk IdentificatieNummer) en de UPIN-code (Universeel
Persoonlijk IdentificatieNummer) van 4 tot 8 cijfers beveiligen de SIM-kaart tegen
onbevoegd gebruik. Zie Beveiliging op pagina 51.
Voor bepaalde functies hebt u de PIN2-code van 4 tot 8 cijfers nodig die bij
sommige SIM-kaarten wordt geleverd.
De module-PIN is vereist voor toegang tot informatie in de beveiligingsmodule.
Zie Beveiligingsmodule op pagina 78.
De ondertekenings-PIN is nodig voor de digitale handtekening. Zie Digitale
handtekening op pagina 79.
PUK-codes
De PUK-code (Personal Unblocking Key) en de UPUK-code (Universal Personal
Unblocking Key) van 8 cijfers zijn nodig om respectievelijk een geblokkeerde PIN-
code of UPIN-code te wijzigen. De PUK2-code, die uit 8 cijfers bestaat, is nodig om
een geblokkeerde PIN2-code te wijzigen. Als de codes niet bij de SIM-kaart zijn
geleverd, neemt u contact op met uw serviceprovider om de codes op te vragen.
Blokkeerwachtwoord
Het blokkeerwachtwoord (4 cijfers) is nodig wanneer u de Oproepen blokkeren
gebruikt. Zie Beveiliging op pagina 51.










