Operation Manual

Instellingen
54
u opnieuw een functie aan de toets wilt toewijzen, selecteert u Wijs toe.
Zie Snelkoppelingen in de standby-modus op pagina 22.
Actief standby inschakelen
Als u de toets wilt selecteren voor het activeren van de navigatiefunctie
in de modus Actief standby, selecteert u Menu > Instellingen >
Snelkoppelingen > Act. standby inschakelen > Navigatietoets omhoog,
Navigatietoets omlaag of Nav.tts omhoog/omlaag.
Spraakopdrachten
U kunt bellen en telefoonfuncties uitvoeren door spraakopdrachten in te
spreken. Spraakopdrachten zijn taalgevoelig. Zie Taal spraakweergave in
Telefoon op pagina 62 voor informatie over het instellen van de taal.
De spraakopdrachten van de telefoon zijn standaard geactiveerd.
Selecteer Menu > Instellingen > Snelkoppelingen > Spraakopdrachten
en een map. Blader naar een functie. geeft aan dat het spraaklabel is
geactiveerd. Als u de geactiveerde spraakopdracht wilt beluisteren,
selecteert u Afspelen. Zie Uitgebreide spraakgestuurde nummerkeuze
op pagina 25 voor informatie over het gebruiken van spraakopdrachten.
U kunt de spraakopdrachten beheren door naar een telefoonfunctie te
bladeren en een van de volgende opties te selecteren:
Bewerken of Verwijderen — de spraakopdracht van de geselecteerde
functie wijzigen of uitschakelen. Wanneer u de tekst van het spraaklabel
bewerkt, wordt dit toegewezen aan een nieuw spraaklabel.
Alles toevoegen of Alles verwijderen — de spraakopdrachten voor alle
functies in de lijst met spraakopdrachten in- of uitschakelen. Alles
toevoegen of Alles verwijderen wordt niet weergegeven als alle
spraakopdrachten al ingeschakeld of uitgeschakeld zijn.
Connectiviteit
U kunt de telefoon verbinden met een compatibel apparaat via een
infraroodverbinding, een draadloze Bluetooth-verbinding of via een
USB-gegevenskabel (CA-53 of DKU-2). Hier kunt u ook de instellingen
definiëren voor inbelverbindingen voor packetgegevens.