Operation Manual
Push to Talk
85
■ PTT-instellingen
Er zijn twee soorten PTT-instellingen: instellingen voor het maken van
verbinding met de dienst en instellingen voor gebruik van de dienst.
Mogelijk krijgt u de instellingen voor het maken van een verbinding van
uw netwerkoperator of serviceprovider. Zie Dienst voor configuratie-
instellingen op pagina 11. U kunt de instellingen handmatig invoeren.
Zie Configuratie op pagina 64.
Als u de instellingen voor het maken van een verbinding met de dienst
wilt instellen, selecteert u Menu > Push to Talk > Configuratie-instell.
en daarna een van de volgende opties:
Configuratie — een serviceprovider selecteren, Standaard of
Persoonlijke configuratie, voor de PTT-dienst. Alleen configuraties die de
PTT-dienst ondersteunen worden weergegeven.
Account — een account voor de PTT-dienst selecteren in de actieve
configuratie-instellingen.
U kunt ook een van de volgende opties selecteren: PTT-gebruikersnaam,
Standaard-nickname, Push to Talk-wachtwoord, Domein en
Serveradres.
Als u de PTT-instellingen wilt bewerken, selecteert u Menu > Push to
Talk > PTT-instellingen en daarna een van de volgende opties:
1-op-1 oproepen > Aan — de ontvangst van één-op-één-oproepen
toestaan. Als u één-op-één-oproepen wel zelf wilt plaatsen maar niet
wilt ontvangen, selecteert u Uit. Het is mogelijk dat uw serviceprovider
bepaalde diensten aanbiedt die deze instellingen negeren. Als u wilt
instellen dat u eerst een beltoon te horen krijgt bij ontvangst van
één-op-één-oproepen, selecteert u Melden.
Standrdfunctie PTT-toets — de standaardactie van de PTT-toets
selecteren. U kunt instellen dat u met deze toets de Contactenlijst of de
Kanaallijst opent, of dat u een PTT-oproep naar een van de
geselecteerde contacten, kanalen of groepen maakt.
Mijn aanm.status wrgvn > Ja — het verzenden van de aanmeldstatus
inschakelen.










