Operation Manual
Instellingen
58
Wanneer u GPRS hebt geselecteerd als gegevensdrager, maakt de
telefoon gebruik van EGPRS in plaats van GPRS als het netwerk die
mogelijkheid biedt. U kunt niet kiezen tussen EGPRS en GPRS, maar voor
sommige toepassingen kunt u een keuze maken tussen GPRS en
GSM-gegevens (CSD, Circuit Switched Data).
Packetgegevensverbinding
Selecteer Menu > Instellingen > Connectiviteit > Packet-gegevens >
Packet-gegev.verbinding en daarna een van de volgende opties:
Altijd online — de telefoon automatisch aanmelden bij een
packetgegevensnetwerk wanneer de telefoon wordt ingeschakeld. of
geeft aan dat de packetgegevensdienst beschikbaar is.
Als een oproep of SMS-bericht wordt ontvangen of als u belt terwijl een
packetgegevensverbinding actief is, geeft of aan dat de
packetgegevensverbinding onderbroken is.
Wanneer nodig — instellen dat aanmelding bij het
packetgegevensnetwerk en het tot stand brengen van de
packetgegevensverbinding plaatsvindt wanneer dit voor een toepassing
nodig is. De verbinding wordt verbroken wanneer u de toepassing sluit.
Instellingen voor packetgegevens
U kunt de telefoon via draadloze Bluetooth-technologie, infrarood of
een USB-gegevenskabelverbinding aansluiten op een compatibele pc en
de telefoon gebruiken als modem om packetgegevensverbinding via de
pc in te schakelen.
Als u de instellingen voor packetgegevensverbindingen vanaf uw pc wilt
opgeven, selecteert u Menu > Instellingen > Connectiviteit > Packet-
gegevens > Packet-gegevensinstell. > Actief toegangspunt en activeert
u het gewenste toegangspunt. Selecteer Actief toegangspunt bew. >
Alias voor toegangspunt, geef een naam op om de instellingen voor het
toegangspunt te wijzigen en selecteer OK. Selecteer Packet-
ggvnstoegangsp., voer de naam van het toegangspunt (APN) in om een
verbinding met een netwerk tot stand te brengen en selecteer OK.










