Operation Manual

91Copyright © 2006 Nokia. All rights reserved.
Vaste nummers om uitgaande oproepen te beperken tot geselecteerde
telefoonnummers, als dit door de SIM-kaart wordt ondersteund.
Beperkte groep gebruikers om een groep mensen op te geven die u kunt bellen en
die u kunnen bellen (netwerkdienst).
Beveiligingsniveau > Telefoon om de beveiligingscode te laten vragen zodra een
nieuwe SIM-kaart in de telefoon wordt geplaatst. Selecteer Geheugen als de
beveiligingscode gevraagd moet worden als het SIM-kaartgeheugen is
geselecteerd en u het gebruikte geheugen wilt wijzigen.
Toegangscodes om de gebruikte PIN-code of UPIN-code in te stellen of om de
beveiligingscode, PIN-code, UPIN-code, PIN2-code en het blokkeerwachtwoord te
wijzigen.
Code gebruiken om te selecteren of de PIN-code of de UPIN-code actief moet zijn.
PIN2-codeaanvraag om te selecteren of de PIN2-code vereist is als een bepaalde
telefoonfunctie wordt gebruikt waarop de PIN2-code van toepassing is
(afhankelijk van de SIM-kaart).
Autorisatiecertificaten en Gebruikerscertificaten om de lijst met
autorisatiecertificaten of gebruikerscertificaten weer te geven die naar de
telefoon is gedownload. Zie Certificaten op pagina 132.
Instell. beveiligingsmodule — Zie Beveiligingsmodule op pagina 131.
Fabrieksinstellingen terugzetten
Als u bepaalde menu-instellingen op hun oorspronkelijke waarde wilt terugzetten,
selecteert u Menu > Instellingen > Fabrieksins. terugzetten. Voer de
beveiligingscode in. De gegevens die u hebt ingevoerd of gedownload, zoals de
namen en telefoonnummers in Contacten, worden niet verwijderd.