Operation Manual
79Copyright © 2006 Nokia. All rights reserved.
Bluetooth > Aan of Uit om de Bluetooth-functie in of uit te schakelen. geeft
een actieve Bluetooth-verbinding aan.
Zoeken naar audiotoebehoren om te zoeken naar compatibele
Bluetooth-audioapparaten. Selecteer het apparaat dat u met de telefoon wilt
verbinden.
Gekoppelde apparaten om te zoeken naar Bluetooth-apparaten die binnen bereik
zijn. Selecteer Nieuw om alle binnen bereik zijnde Bluetooth-apparaten weer te
geven. Ga naar een apparaat en selecteer Koppelen. Voer het
Bluetooth-wachtwoord van het apparaat in om het apparaat af te stemmen op de
telefoon. U hoeft dit wachtwoord alleen op te geven wanneer u het apparaat voor
het eerst afstemt. De telefoon maakt verbinding met het apparaat en u kunt met
de overdracht van gegevens beginnen.
Draadloze Bluetooth-verbinding
Selecteer Menu > Instellingen > Connectiviteit > Bluetooth. Selecteer Actief
apparaat om te controleren welke Bluetooth-verbindingen actief zijn. Selecteer
Gekoppelde apparaten om een lijst weer te geven met Bluetooth-apparaten die op
de telefoon zijn afgestemd.
Als u Opties selecteert, hebt u de volgende mogelijkheden, afhankelijk van de
status van het apparaat en de Bluetooth-verbinding. Selecteer Korte naam
toewijzen, Autom. verb. zonder bevestiging, Kopp. verwijderen of Nieuw apparaat
koppelen.
Instellingen voor Bluetooth
Als u wilt definiëren hoe uw telefoon voor andere Bluetooth-apparaten wordt
weergegeven, selecteert u Menu > Instellingen > Connectiviteit > Bluetooth >










