Operation Manual

Berichten
30
Normale tekstinvoer
Druk herhaaldelijk op een cijfertoets (1 t/m 9) totdat het gewenste
teken verschijnt. Op de toetsen staan niet alle tekens afgebeeld die
onder een toets beschikbaar zijn. De beschikbare tekens zijn afhankelijk
van de taal die is geselecteerd voor het invoeren van tekst. Zie
Instellingen op pagina 29.
Als de volgende letter die u wilt invoeren zich onder dezelfde toets
bevindt als de huidige letter, wacht u totdat de cursor verschijnt of
bladert u in de gewenste richting en voert u de letter in.
De meest gebruikte leestekens en andere speciale tekens zijn
beschikbaar onder de toets 1. U kunt een spatie invoeren met 0.
Als u meer tekens wilt, drukt u op *.
Invoeren en verzenden
1. Selecteer Menu > Berichten > Bericht maken > SMS-bericht en voer
in het veld Aan: het telefoonnummer van de ontvanger in.
2. Als u een telefoonnummer wilt ophalen uit Contacten, selecteert u
Toevoeg. > Contact. Als u het bericht naar meerdere ontvangers
tegelijk wilt versturen, voegt u de betreffende contacten één voor
één toe.
3. Als u een bericht naar een groep mensen wilt versturen, selecteert u
Contactgroep en kiest u de gewenste groep. U kunt de contacten
ophalen aan wie u recent een bericht hebt gestuurd door Toevoeg. >
Onlangs gebruikt te selecteren.
4. Blader omlaag en voer een bericht in. Zie Tekstinvoer op pagina 28.
5. Als u een sjabloon in het tekstbericht wilt invoegen, selecteert u
Opties > Sjabloon invgn en selecteert u de gewenste sjabloon.
6. Selecteer Opties > Bekijken om te zien hoe het bericht wordt
weergegeven aan de ontvanger.
7. Selecteer Verzend. om het bericht te verzenden.
Lezen en beantwoorden
Wanneer u berichten ontvangt, wordt 1 bericht ontvangen of
N berichten ontvangen weergegeven, waarbij N staat voor het aantal
nieuwe berichten.