Operation Manual

Copyright © 2003 Nokia. All rights reserved.
41
Welke tekens beschikbaar zijn, is afhankelijk van de taal die voor de
schermtekst is geselecteerd (zie "Taal" op pagina 82).
Niet alle beschikbare tekens worden op de toetsen weergegeven.
2. U kunt de volgende functies gebruiken om de tekst te wijzigen:
Als u een spatie wilt toevoegen, drukt u op .
Als u een leesteken of speciaal teken wilt intoetsen, drukt u herhaaldelijk op
totdat het teken verschijnt. Alternatieve methode: druk op , ga
naar het gewenste teken en druk op (Kiezen).
Als u de cursor naar links of rechts wilt verplaatsen, drukt u respectievelijk
op of op .
Als u het teken links van de cursor wilt verwijderen, drukt u op .
Als u het scherm wilt leegmaken, houdt u ingedrukt.
Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u kort op
.
Als u een cijfer wilt invoegen, houdt u de toets met het gewenste cijfer
ingedrukt. Als u wilt schakelen tussen letters en cijfers, houdt u
ingedrukt. De aanduiding 123 wordt weergegeven als u cijfers kunt
intoetsen.
Als u een teken wilt intoetsen dat zich onder dezelf de toets bevindt als het
vorige teken, drukt u op of (of wacht u een seconde) en toetst u het
nieuwe teken in.