Gebruikershandleiding Nokia 5800 XpressMusic Uitgave 6
CONFORMITEITSVERKLARING Hierbij verklaart NOKIA CORPORATION dat het product RM-356 in overeenstemming is met de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Europese richtlijn 1999/5/EG. Een exemplaar van de conformiteitsverklaring kunt u vinden op de volgende website: http://www.nokia.com/phones/declaration_of_conformity/. © 2009 Nokia. Alle rechten voorbehouden. Nokia, Nokia Connecting People, Nokia Care en XpressMusic zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Nokia Corporation.
DE INHOUD VAN DIT DOCUMENT WORDT ZONDER ENIGE VORM VAN GARANTIE VERSTREKT. TENZIJ VEREIST KRACHTENS HET TOEPASSELIJKE RECHT, WORDT GEEN ENKELE GARANTIE GEGEVEN BETREFFENDE DE NAUWKEURIGHEID, BETROUWBAARHEID OF INHOUD VAN DIT DOCUMENT, HETZIJ UITDRUKKELIJK HETZIJ IMPLICIET, DAARONDER MEDE BEGREPEN MAAR NIET BEPERKT TOT IMPLICIETE GARANTIES BETREFFENDE DE VERKOOPBAARHEID EN DE GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL.
Inhoudsopgave Veiligheid.........................................................8 Over dit apparaat.................................................................8 Netwerkdiensten..................................................................9 1. Aan de slag.................................................11 Toetsen en onderdelen.....................................................11 De SIM-kaart plaatsen........................................................12 Batterij plaatsen .................
Inhoudsopgave 5. Tekst invoeren...........................................39 9. Muziekmap.................................................55 6. Contacten (telefoongids)...........................43 10. Galerij.......................................................61 Schermtoetsenbord...........................................................39 Handschrift.........................................................................40 Alfanumeriek toetsenbord................................................
Inhoudsopgave Schermsymbolen................................................................75 Locatie zoeken...................................................................75 Een route plannen..............................................................75 Locaties opslaan en verzenden........................................76 Opgeslagen items weergeven..........................................76 Navigeren naar de bestemming.......................................76 Kaarten bijwerken....................
Toepassingsbeheer..........................................................104 Software bijwerken via de lucht....................................107 RealPlayer ........................................................................107 Dictafoon..........................................................................108 Notities maken.................................................................109 Berekeningen maken......................................................109 Omrekenen....................
Veiligheid Lees deze eenvoudige richtlijnen. Het niet opvolgen van de richtlijnen kan gevaarlijk of onwettig zijn. Lees de volledige gebruikershandleiding voor meer informatie. SCHAKEL HET APPARAAT ALLEEN IN ALS HET VEILIG IS Schakel het apparaat niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren. VERKEERSVEILIGHEID HEEFT VOORRANG Houdt u aan de lokale wetgeving. Houd tijdens het rijden uw handen vrij om uw voertuig te besturen.
apparaat worden blootgesteld aan virussen en andere schadelijke inhoud. Wees voorzichtig met berichten, verbindingsverzoeken, browsen en downloaden. Installeer en gebruik alleen diensten en andere software van betrouwbare bronnen die adequate beveiliging en bescherming tegen schadelijke software bieden, zoals toepassingen die Symbian Signed zijn of de Java Verified™-test hebben doorstaan.
Veiligheid ook beschikken over een speciale configuratie, zoals veranderingen in menunamen, menuvolgorde en pictogrammen. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider. Dit apparaat ondersteunt WAP 2.0-protocollen (HTTP en SSL) die werken met TCP/IP-protocollen. Voor sommige 10 functies van dit apparaat, zoals MMS, browsen en e-mail, is netwerkondersteuning voor de betreffende technologieën vereist. © 2009 Nokia. Alle rechten voorbehouden.
1. Aan de slag Toetsen en onderdelen 1 — Micro-USB-aansluiting voor de aansluiting op een compatibele pc 2 — Nokia AV-aansluiting (3,5 mm) voor compatibele headsets, hoofdtelefoons en TV-out-aansluitingen 3 — Aansluiting voor oplader 4 — Aan/uit-toets 5 — Luidspreker 6 — Lichtsensor © 2009 Nokia. Alle rechten voorbehouden.
Aan de slag 21 — Klepje van SIM-kaartsleuf 22 — Klepje van geheugenkaartsleuf 23 — Polsbandopening 24 — Microfoon Bij langdurig gebruik zoals een actieve video-oproep en een snelle gegevensverbinding kan het apparaat warm aanvoelen. In de meeste gevallen is dit normaal. Als u vermoedt dat het apparaat niet naar behoren werkt, brengt u het dan naar het dichtstbijzijnde bevoegde servicepunt. Dek het gedeelte boven het aanraakscherm niet af met bijvoorbeeld een beschermende laag of plakband.
1. Verwijder de achtercover door deze vanaf de onderkant van het apparaat op te lichten. 2. Plaats de batterij. 3. U plaatst het klepje terug door de vergrendelingspalletjes aan de bovenkant eerst in richting van de sleuven te duwen en het vervolgens in te drukken tot het klepje vastklikt. De batterij opladen Aan de slag De batterij is deels opgeladen in de fabriek. Als het apparaat aangeeft dat de batterij leeg raakt, doet u het volgende: 1. Sluit de lader aan op een stopcontact. 2.
Aan de slag duren voordat de batterijindicator op het scherm wordt weergegeven en u weer met het apparaat kunt bellen. Tip: Haal de stekker van de lader uit het stopcontact wanneer de lader niet wordt gebruikt. Een lader die op het stopcontact is aangesloten, verbruikt stroom, zelfs als de lader niet op het apparaat is aangesloten. Het apparaat inschakelen 1. Houd de aan/uit-toets ingedrukt. 2. Als u wordt gevraagd om een PIN-code of blokkeringscode, toetst u deze in en selecteert u OK.
Wanneer het aanraakscherm en de toetsen vergrendeld zijn, is het aanraakscherm uitgeschakeld, en zijn de toetsen niet actief. Het scherm en de toetsen worden mogelijk automatisch vergrendeld als u het apparaat een tijdje niet gebruikt. Als u de instellingen voor automatische scherm- en toetsenvergrendeling wilt weergeven, selecteert u Menu > Instellingen en Telefoon > Telefoonbeheer > Aut. toetsblokk. > Per. autom. vergr. ttsnblk.
Aan de slag Werken met de contactenbalk Als u wilt werken met de contactenbalk en uw contacten > wilt toevoegen aan het startscherm, selecteert u Contact toevoegen aan startscherm en volgt u de instructies. Startschermthema wijzigen Als u het startscherm of de snelkoppelingen wilt wijzigen, selecteert u Menu > Instellingen en Persoonlijk > Startscherm. Het menu openen Druk op de menutoets als u het menu wilt openen. Als u een toepassing of een map wilt openen in het menu, selecteert u het item.
Vegen Als u wilt vegen, schuift u uw vinger snel naar links of rechts over het scherm. Voorbeeld: Wanneer u een afbeelding weergeeft, kunt u deze naar links of rechts vegen als u de volgende of vorige afbeelding wilt weergeven. Bladeren Als u omhoog of omlaag wilt bladeren in lijsten met een schuifbalk, sleept u de schuif van de schuifbalk. In enkele lijstweergaven kunt u bladeren door uw vinger of een stylus te plaatsen op een lijstitem en omhoog of omlaag te slepen.
Help zoeken gebeurtenissen, omgevingen en groepen bellers in te stellen en aan te passen. Als u een profiel wilt aanpassen, gaat u naar het profiel en selecteert u Opties > Aanpassen. Ondersteuning Als u meer wilt weten over hoe u uw product kunt gebruiken of u weet niet zeker hoe het apparaat behoort te werken, gaat u naar de ondersteuningspagina's op www.nokia.com/support of de lokale Nokia-website www.nokia.
Aan het einde van de helptekst vindt u koppelingen naar verwante onderwerpen. Als u een onderstreept woord selecteert, wordt een korte uitleg weergegeven. In de help worden de volgende symbolen gebruikt: toont een koppeling naar een verwant helponderwerp. toont een koppeling naar de toepassing die wordt besproken.
Help zoeken Levensduur van de batterij verlengen Veel functies van het apparaat vergen extra batterijcapaciteit en verkorten de levensduur van de batterij. Houd rekening met het volgende als u de batterij wilt sparen: ● Als functies Bluetooth-technologie gebruiken of als dergelijke functies op de achtergrond worden uitgevoerd terwijl u andere functies gebruikt, vergt dit extra batterijcapaciteit. Schakel Bluetooth-technologie uit wanneer u deze niet nodig hebt.
de menutoets. Houd de menutoets ingedrukt en selecteer Afsluiten. Geheugen vrijmaken Als u wilt zien hoeveel ruimte beschikbaar is voor verschillende gegevenstypen, selecteert u Menu > Toepassngn > Best.beheer. Gebruik Bestandsbeheer of ga naar de desbetreffende toepassing voor het verwijderen van gegevens die u niet langer meer nodig hebt. U kunt de volgende elementen verwijderen: ● E-mails in de mappen in Berichten en e-mails die uit de mailbox zijn opgehaald 3.
Het apparaat Als het andere apparaat alleen met een SIM-kaart kan worden ingeschakeld, kunt u uw SIM-kaart plaatsen. Wanneer uw apparaat wordt ingeschakeld zonder SIMkaart, wordt automatisch het profiel Offline geactiveerd en is gegevensoverdracht mogelijk. De eerste keer inhoud overbrengen 1. Wanneer u voor het eerst gegevens van het andere apparaat wilt ophalen naar uw apparaat, selecteert u Telef.overdracht in de toepassing Welkom, of selecteert u Menu > Toepassngn > Overdracht. 2.
Het apparaat De tweede telefoonlijn wordt gebruikt (netwerkdienst). Alle oproepen naar het apparaat worden omgeleid naar een ander nummer (netwerkdienst). Als u twee telefoonlijnen hebt, geeft een nummer de actieve lijn aan. Er is een compatibele hoofdtelefoon aangesloten op het apparaat. Er is een compatibele TV Out-kabel aangesloten op het apparaat. Er is een compatibele teksttelefoon aangesloten op het apparaat. Er is een gegevensoproep actief (netwerkdienst).
Het apparaat De geheugenkaart plaatsen Het is mogelijk dat er al een geheugenkaart in het apparaat is geplaatst. Als dat niet het geval is, gaat u als volgt te werk: 1. Open het klepje van de geheugenkaartsleuf. 2. Plaats een compatibele geheugenkaart in de sleuf. Zorg dat het contactgebied van de kaart naar boven is gericht. Schuif de kaart naar binnen. U hoort een klik wanneer de kaart vastklikt. 24 3. Sluit het klepje van de geheugenkaartsleuf. Controleer of het klepje goed is gesloten.
Volume- en luidsprekerregeling Het volume van een telefoongesprek of geluidsclip aanpassen — Gebruik de volumetoetsen. Dankzij de interne luidspreker kunt u vanaf korte afstand spreken en luisteren zonder dat u het apparaat aan uw oor hoeft te houden. De luidspreker tijdens een gesprek gebruiken — Selecteer Luidspreker. De luidspreker uitschakelen — Selecteer Telef. inschakelen. Waarschuwing: Voortdurende blootstelling aan een hoog geluidsvolume kan uw gehoor beschadigen.
Het apparaat Als u communicatiegebeurtenissen uit het verleden wilt weergeven, selecteert u een contact. Selecteer een communicatiegebeurtenis om de details van deze gebeurtenis weer te geven. Als u de weergave wilt sluiten, selecteert u .
ander profiel te kiezen. Als het apparaat is vergrendeld, moet u de beveiligingscode invoeren. Wanneer u het profiel Offline hebt geactiveerd, kunt u nog steeds het WLAN gebruiken, bijvoorbeeld om uw e-mail te lezen of over internet te surfen. Zorg dat u voldoet aan de veiligheidseisen wanneer u een WLAN-verbinding tot stand brengt en gebruikt. U kunt ook Bluetoothconnectiviteit gebruiken zolang het profiel Offline actief is.
Het apparaat SIM-kaart verwijderen 1. Verwijder de achtercover door deze vanaf de onderkant van het apparaat op te lichten. 2. Plaats de batterij. 3. Open het klepje van de SIM-kaartsleuf. Plaats de punt van de stylus in de opening onder de batterij en duw de SIM-kaart opzij, zodat deze uit de sleuf komt. Trek de SIMkaart eruit. 4. Plaats de batterij en achtercover terug. 28 Een polsband bevestigen Tip: Bevestig de stylus aan het apparaat als een polsband.
4. Bellen Nabijheidssensor Uw apparaat heeft een nabijheidssensor. Om onbedoelde selecties te voorkomen, wordt het aanraakscherm tijdens gesprekken automatisch uitgeschakeld wanneer u het apparaat tegen uw oor houdt. Dek de nabijheidssensor niet af met bijvoorbeeld een beschermende laag of plakband. Spraakoproepen 1. In het startscherm selecteert u om de kiesfunctie te openen. Vervolgens voert u het telefoonnummer in, inclusief netnummer. Als u een nummer wilt verwijderen, selecteert u C.
Bellen Als u DTMF-toonreeksen wilt verzenden (bijvoorbeeld een wachtwoord), selecteert u Opties > DTMF verzenden. Voer de DTMF-reeks in of zoek ernaar in de lijst met contacten. Als u een wachtteken (w) of een pauzeteken (p) wilt invoeren, drukt u herhaaldelijk op * . Selecteer OK om de toon te versturen. U kunt DTMF-tonen aan het telefoonnummer of aan het DTMF-veld in contactgegevens toevoegen.
Een conferentiegesprek voeren Conferentiegesprekken tussen maximaal zes deelnemers (inclusief uzelf) worden ondersteund. 1. Bel de eerste deelnemer. 2. Als u een oproep wil doen aan een andere deelnemer, selecteert u Opties > Nieuwe oproep. De eerste oproep wordt in de wachtstand geplaatst. 3. Als de nieuwe oproep wordt beantwoord, kunt u de eerste deelnemer in het conferentiegesprek . opnemen.
Bellen 2. Als u tussen twee gesprekken wilt schakelen, selecteert u Opties > Wisselen. 3. Als u een inkomende oproep of een oproep in de wachtrij wilt doorverbinden met een actieve oproep en uw eigen verbinding met de oproepen wilt verbreken, selecteert u Opties > Doorverbinden. 4. Druk op de end-toets als u de actieve oproep wilt beëindigen. 5. Selecteer Opties > Alle oproep. beëindigen als u beide oproepen wilt beëindigen. Spraakoproepen Het apparaat ondersteunt uitgebreide spraakopdrachten.
Een video-oproep plaatsen Wanneer u een video-oproep doet (netwerkdienst), ziet u een video in real-time van uzelf en de ontvanger van de oproep. De ontvanger van de video-oproep krijgt het livevideobeeld of het videobeeld dat door de camera in uw apparaat wordt vastgelegd, te zien. U kunt alleen een video-oproep doen als u een USIM-kaart heeft en zich in het dekkingsgebied van een UMTSnetwerk bevindt.
Bellen luid kan zijn. Selecteer om de luidspreker te activeren. Als u een compatibele headset met Bluetooth-verbinding hebt aangesloten, selecteert u Opties > BT handsfree inschakln om het geluid naar de headset te voeren. Selecteer telefoon. als u weer wilt overschakelen naar de Als u de camera aan de achterzijde van het apparaat wilt gebruiken voor het versturen van video, selecteert u Opties > Tweede camera gebrkn.
Vereisten voor het delen van video Voor het delen van video is een UMTS-verbinding vereist. Of u gebruik kunt maken van het delen van video is afhankelijk van de beschikbaarheid van het UMTSnetwerk. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie over de dienst, de beschikbaarheid van het UMTS-netwerk en de kosten die aan het gebruik van deze dienst zijn verbonden. Als u video wilt delen, controleert u het volgende: ● Uw apparaat is ingesteld op verbindingen van persoon naar persoon.
Bellen UMTS-verbindingsinstellingen De UMTS-verbinding instellen: ● Neem contact op met uw serviceprovider om een overeenkomst op te stellen voor het gebruik van het UMTS-netwerk. ● Controleer of de verbindingsinstellingen voor het UMTS-toegangspunt van het apparaat correct zijn geconfigureerd. Neem voor meer informatie over de instellingen contact op met uw serviceprovider. Live videobeelden en videoclips delen Selecteer Opties > Video delen tijdens een actieve spraakoproep. 1.
Een uitnodiging accepteren Wanneer iemand een uitnodiging voor het delen van video naar u verzendt, wordt een uitnodigingsbericht weergegeven waarin de naam of het SIP-adres van de afzender staat vermeld. Als het apparaat niet is ingesteld op Stil, hoort u de beltoon wanneer u een uitnodiging ontvangt. Als iemand u een uitnodiging stuurt om te delen en u bevindt zich niet in het dekkingsgebied van een UMTSnetwerk, merkt u niet dat u een uitnodiging hebt ontvangen.
Bellen ● Opslaan in Contacten — Sla het gemarkeerde telefoonnummer uit een lijst met recent uitgevoerde oproepen op bij uw contacten. ● Lijst wissen — Wis de lijst met geselecteerde recente oproepen. ● Verwijderen — Wis een gemarkeerde gebeurtenis in de geselecteerde lijst. ● Duur logboek — Geef op hoe lang de communicatiegegevens in het logboek moeten worden bewaard. Als u Geen logboek selecteert, worden er geen gegevens in het logboek bewaard.
Selecteer Opties > Instellingen > Duur logboek als u wilt instellen hoe lang vermeldingen in het logboek Tekst invoeren worden bewaard. Als u Geen logboek selecteert, worden geen communicatiegegevens in het logboek opgeslagen. 5. Tekst invoeren U kunt letters, cijfer en speciale tekens op verschillende manieren invoeren. Met het schermtoetsenbord kunt u tekens invoeren door erop te drukken met uw vingers of met de stylus.
Tekst invoeren 9 — Pijlen: de cursor naar voren of naar achteren verplaatsen. 10 — Backspace - Hiermee kunt u het zojuist ingevoerde teken verwijderen. 11 — Enter - Hiermee kunt u de cursor naar de volgende rij of het volgende tekstinvoerveld verplaatsen. Extra functies zijn gebaseerd op de huidige context (bijvoorbeeld in het webadresveld van de webbrowser fungeert dit als de Naar-knop). 12 — Invoermodus - Hiermee kunt u de invoermethode selecteren.
Tekst invoeren een item drukt, wordt de huidige invoermethodeweergave gesloten en wordt de geselecteerde geopend. De beschikbaarheid van invoermodi kan variëren afhankelijk van of de automatische invoermodus (sensorinstellingen) wel of niet is geactiveerd. 5 — Pijltjestoetsen - Hiermee bladert u naar links of naar rechts. 6 — Backspace 7 — Cijfers 8 — Sterretje - Hiermee opent u een tabel speciale tekens.
Tekst invoeren Tekstvoorspelling Met tekstvoorspelling kunt u iedere letter invoeren door slechts eenmaal op de betreffende toets drukken. Tekstvoorspelling is gebaseerd op een ingebouwde woordenlijst die u zelf kunt uitbreiden. 1. Als u tekstvoorspelling wilt activeren voor alle editors in het apparaat, tikt u op en selecteert u Voorspelling inschakelen, of tikt u snel tweemaal op #. U kunt ook drukken op en Tekstvoorspell. activeren selecteren. 2.
● Lijndikte — Wijzig de dikte van de tekst. 6. Contacten (telefoongids) U kunt contactgegevens, zoals telefoonnummers, adressen en e-mailadressen van uw contacten, opslaan en bijwerken. U kunt ook een persoonlijke beltoon of een miniatuurweergave aan een contact toevoegen. Daarnaast kunt u ook contactgroepen maken via welke u tekstberichten of e-mail naar meerdere ontvangers tegelijk kunt versturen. Als u de lijst met contacten wilt openen, selecteert u in het startscherm .
Contacten (telefoongids) ● Spraaklabels zijn gevoelig voor achtergrondgeluiden. Neem de spraaklabels op en gebruik ze in een rustige omgeving. ● Zeer korte namen worden niet geaccepteerd. Gebruik lange namen en vermijd het gebruik van soortgelijke namen voor verschillende nummers. Opmerking: Het gebruik van spraaklabels kan moeilijkheden opleveren in een drukke omgeving of tijdens een noodgeval. Voorkom dus onder alle omstandigheden dat u uitsluitend van spraaklabels afhankelijk bent.
Als u de afbeelding van een contact wilt bekijken, wijzigen of verwijderen, selecteert u het betreffende contact en Opties > Afbeelding > Weergeven, Wijzigen of Verwijderen. Contacten kopiëren Wanneer u de lijst met contacten voor het eerst opent, wordt u gevraagd of u namen en nummers van de SIMkaart naar het apparaat wilt kopiëren. Selecteer OK om het kopiëren te starten. Selecteer Annuleren als u de contacten van de SIM-kaart niet naar het apparaat wilt kopiëren.
Berichten De nummers die u in de lijst met contacten opslaat, worden mogelijk niet automatisch op uw SIM-kaart opgeslagen. Als u nummers op de SIM-kaart wilt opslaan, selecteert u een contact en Opties > Kopiëren > SIMgeheugen. Als u wilt aangeven of de nieuwe contacten die u invoert op uw apparaat of op uw SIM-kaart moeten worden opgeslagen, selecteert u Opties > Instellingen > Std.geheugen vr opslaan > Telefoongeheugen of SIM-geheugen.
Tip: Als u veelvuldig gebruikte berichten niet steeds opnieuw wilt schrijven, gebruikt u teksten in de map Sjablonen in Mijn mappen. Ook kunt u uw eigen sjablonen creëren en opslaan. Berichten bevat de volgende mappen: Inbox — Deze map bevat ontvangen berichten, behalve e-mails en infodienstberichten. ● Mijn mappen — Hierin kunt u berichten onderbrengen. ● ● ● ● ● ● Mailbox — Maak verbinding met de externe mailbox om nieuwe e-mails op te halen of eerder opgehaalde e-mails offline te bekijken.
Berichten Een tekst of multimediabericht verzenden — Selecteer Nieuw bericht. Een audio- of e-mailbericht verzenden — Selecteer Opties > Bericht maken en de betreffende optie. Ontvangers of groepen selecteren in de contactenlijst — Selecteer op de werkbalk. Voer het nummer of e-mailadres handmatig in — Tik op het veld Aan. Het onderwerp van e-mail- of multimediaberichten invoeren — Voer dit in, in het veld Onderw.. Als het veld Onderw.
Berichten geeft aan dat het bericht video bevat. Selecteer het symbool als u het geluid of de video wilt afspelen. Als u e-mailinstellingen wilt definiëren vanuit het startscherm, selecteert u de relevante plug-in. Als u een e-mailaccount wilt instellen, kunt u ook Menu > Toepassngn > Inst.wizard selecteren. Als het bericht een multimediapresentatie bevat, wordt weergegeven. Selecteer het symbool als u de presentatie wilt afspelen.
Berichten online bekijkt, bent u continu verbonden met een externe mailbox via een dataverbinding. Als u eerder opgehaalde e-mailberichten offline wilt bekijken, selecteert u Nee. Selecteer Opties > Bericht maken > E-mail om een nieuw e-mailbericht te maken. Als u online bent, selecteert u Opties > Verbinding verbreken om de gegevensverbinding met de externe mailbox te verbreken. E-mails ophalen Selecteer Menu > Berichten en een mailbox.
ook de header wilt verwijderen, moet u verbonden zijn met de server wanneer u het bericht van uw apparaat en de externe mailbox verwijdert. Als er geen verbinding met de server is, wordt de header verwijderd wanneer u van uw apparaat opnieuw verbinding maakt met de externe mailbox om de status bij te werken. Als u een e-mail van het apparaat en de externe mailbox wilt verwijderen, selecteert u Opties > Verwijderen > Telefoon en server.
Berichten U kunt het profiel en de instellingen van Mail for Exchange in de instellingen van Berichten openen en wijzigen. Berichten op een SIM-kaart bekijken Selecteer Menu > Berichten en Opties > SIMberichten. Voordat u SIM-berichten kunt bekijken, moet u ze naar een map op uw apparaat kopiëren. 1. Selecteer Opties > Mark./mark. opheffen > Markeren of Alle markeren om berichten te markeren. 2. Selecteer Opties > Kopiëren. Er verschijnt een lijst met mappen. 3.
Maak een keuze uit de volgende opties: ● Berichtencentrales — Hiermee geeft u een lijst met alle gedefinieerde SMS-berichtencentrales weer. ● Berichtcentr. in gebruik — Selecteer de berichtencentrale voor het bezorgen van SMSberichten. ● Tekencodering — Selecteer Bep. ondersteuning als tekens moeten worden geconverteerd naar een ander coderingssysteem wanneer dit beschikbaar is. ● Rapport ontvangen — Selecteer of u bij het netwerk een leveringsrapport voor uw berichten wilt aanvragen (netwerkdienst).
Het apparaat aanpassen ● Advertenties ontvangen — Hiermee geeft u aan of u multimediaberichtadvertenties wilt ontvangen. ● Rapporten ontvangen — Hiermee kunt u opgeven of de status van het verzonden bericht in het logboek moet worden weergegeven (netwerkdienst). ● Rapportverz. weigeren — Hiermee kunt u desgewenst voorkomen dat uw apparaat leveringsrapporten van ontvangen berichten verzendt.
Selecteer Menu als u de indeling van het hoofdmenu wilt wijzigen. Selecteer Startsch.thema als u het uiterlijk van het startscherm wilt wijzigen. Als u een foto of een diavoorstelling met veranderende afbeeldingen als achtergrond in het startscherm wilt gebruiken, selecteert u Achtergrond > Afbeelding of Diavoorstelling. Als u de afbeelding in het startscherm wilt wijzigen bij ontvangst van een oproep, selecteert u Oproepafbldng. Profielen Selecteer Menu > Instellingen en Persoonlijk > Profielen.
Muziekmap Een liedje of podcast afspelen Als u Muziekspeler wilt openen, selecteert u Menu > Muziek > Muziekspeler. U moet mogelijk de bibliotheken met muziek en podcasts vernieuwen nadat u de selectie van liedjes of podcasts in uw apparaat hebt bijgewerkt. Als u alle beschikbare items wilt toevoegen aan de bibliotheek, selecteert u Opties > Biblioth. vernieuwen. Een liedje of podcast afspelen: 1. Selecteer categorieën als u naar het nummer of de podcastepisode wilt gaan die u wilt beluisteren. 2.
Als u wilt terugkeren naar het startscherm en de speler op de achtergrond wilt laten spelen, drukt u op de beëindigingstoets. Als u de muziekspeler wilt sluiten, selecteert u Opties > Afsluiten. Afspeellijsten Selecteer Menu > Muziek > Muziekspeler en Afspeellijsten. Als u details van de afspeellijst wilt bekijken, selecteert u Opties > Details afspeellijst. Een afspeellijst maken 1. Selecteer Opties > Nieuwe afspeellijst. 2. Voer een naam voor de afspeellijst in en selecteer OK. 3.
Muziekmap episode nooit is afgespeeld of volledig is afgespeeld, wordt vanaf het beginpunt afgespeeld. Muziek overbrengen van een computer U kunt muziek overbrengen op de volgende manieren: ● Als u Nokia Music wilt installeren voor het beheer van uw muziekbestanden, moet u de software voor de pc downloaden van www.music.nokia.com/download en de instructies volgen.
Instellingen voor Nokia Muziekwinkel De beschikbaarheid en het uiterlijk van de Nokia Muziekwinkel kunnen variëren. Ook kunnen de instellingen vooraf zijn vastgelegd zodat deze niet kunnen worden gewijzigd. Mogelijk wordt u gevraagd op te geven welk toegangspunt moet worden gebruikt, wanneer u verbinding maakt met de Nokia Muziekwinkel. Selecteer Standaardtoegangspunt. In de Nokia Muziekwinkel kunt u mogelijk de instellingen bewerken door Opties > Instellingen te selecteren.
Muziekmap ● Downloadlimiet (%) — Hiermee geeft u aan welk percentage van het geheugen voor gedownloade podcasts wordt gereserveerd. ● Als limiet is bereikt — Geef aan wat u wilt doen als de downloads de downloadlimiet overschrijden. Het instellen van de toepassing om automatische podcasts binnen te halen, kan de overdracht van grote hoeveelheden gegevens via het netwerk van uw serviceprovider met zich meebrengen.
● Zenders afstemmen — Radiozenders zoeken. ● Opslaan — De radiozender opslaan. ● Luidspreker inschakelen of Luidspreker uitschakelen — Hiermee zet u de luidspreker aan of uit. ● Alternatieve frequenties — Geef aan of u de radio automatisch naar een betere RDS-frequentie voor de radiozender wilt laten zoeken als het frequentieniveau minder wordt. ● Afsp. in achtergrond — Hiermee kunt u teruggaan naar het startscherm met radio op de achtergrond.
Galerij Als u een bestand wilt openen, selecteert u een bestand in de lijst. Videoclips en RAM-bestanden worden geopend en afgespeeld in Videocentrum; muziek- en geluidsclips in Muziekspeler. Als u bestanden wilt kopiëren of verplaatsen naar de geheugenkaart (indien geplaatst) of het apparaatgeheugen, selecteert u een bestand Opties > Indelen > Kopiëren of Verplaatsen en maakt u een keus uit de beschikbare opties. Afbeeldingen en video's weergeven Selecteer Menu > Galerij en Afbld. en video's.
TV out-modus Selecteer Menu > Instellingen. Gebruik een Nokia Video Out-kabel als u de vastgelegde foto's en videoclips op een compatibele tv wilt bekijken. Voordat u afbeeldingen en videoclips op het televisietoestel kunt bekijken, moet u mogelijk de TV Outinstellingen voor het televisiesysteem en de juiste verhouding opgeven. Selecteer Telefoon > Accessoires > Tv-uitvoer. In de TV Out-modus kunt u het televisietoestel niet als camerazoeker gebruiken.
Camera 11. Camera Het apparaat Nokia 5800 XpressMusic beschikt over twee camera's, een camera met een hoge resolutie op de achterzijde van het apparaat en een camera met een lagere resolutie op de voorzijde. U kunt met beide camera's foto's maken en video's opnemen. Uw apparaat ondersteunt het maken van foto's met een resolutie van 2048 x 1536 pixels . De beeldresolutie kan in deze documentatie anders zijn weergegeven. De camera activeren Als u de camera wilt activeren, drukt u op de opnametoets.
De weergave met opname-instellingen bevat snelkoppelingen naar verschillende items en instellingen, voordat u een foto maakt of een videoclip opneemt. Wanneer u de camera sluit, worden de standaard opname-instellingen weer actief. Maak een keuze uit de volgende opties: — Hiermee selecteert u de scène. of — Hiermee schakelt u tussen video- en fotomodus. of — Hiermee toont of verbergt u het zoekerraster (alleen foto's). — Hiermee activeert u de zelftimer (alleen foto's). — Hiermee opent u de Galerij.
Camera ● Als u ongeveer een minuut niets doet, wordt de batterijspaarstand geactiveerd. Als u wilt doorgaan met foto's maken, verschuift u de blokkeringstoets op de zijkant van het apparaat. Als u een foto wilt maken: 1. Als u wilt overschakelen van videomodus naar fotomodus, selecteert u > . 2. Druk de opnametoets half in om de focus op een voorwerp vast te zetten (niet beschikbaar in de liggende en de sportscènemodus). U ziet een groen symbool dat aangeeft dat de foto scherpgesteld is.
De camera van uw apparaat heeft een dubbele LED-flitser voor omstandigheden met weinig licht. Als u de gewenste flitsermodus wilt selecteren, drukt u op het symbool van de huidige flitsermodus (een van de volgende): Automatisch, Rde-ogenrd., Aan en Uit. Raak de flitser-LED's niet aan wanneer de achtercover verwijderd is. De LED's worden mogelijk heet na lang gebruik.
Camera gevonden en het symbool verandert binnen deze periode in , worden de geolabels van alle foto's en video's die binnen die periode zijn gemaakt op de ontvangen GPS-positiegegevens gebaseerd. — Locatiegegevens beschikbaar. De locatiegegevens ● worden aan de bestandsgegevens toegevoegd. Uzelf in beeld — zelfontspanner Met de zelfontspanner stelt u de opname uit, zodat u zelf ook op de foto kunt komen.
2. Als u de opname wilt starten, drukt u op de opnametoets of tikt u op . Een rood opnamepictogram verschijnt en er klinkt een geluidssignaal. 3. Als u op enig moment de opname wilt onderbreken, selecteert u Onderbrkn. Als u de opname wilt hervatten, selecteert u Doorgaan. Als u de opname onderbreekt en gedurende één minuut niet op een toets drukt, wordt de opname gestopt. Gebruik de zoomtoets van het apparaat als u op het onderwerp wilt in- of uitzoomen. 4. Druk op de opnametoets om de opname te stoppen.
Positionering (GPS) mogelijk niet als multimediabericht worden verzonden. Als u de videoclip wilt verzenden aan degene met wie u praat, selecteert u tijdens een gesprek (Verzenden naar beller). 12. Positionering (GPS) Met toepassingen zoals GPS-gegevens kunt u uw positie bepalen of afstanden berekenen. Voor deze toepassingen is een GPS-verbinding nodig. Informatie over GPS De coördinaten van het GPS worden uitgedrukt in het internationale WGS-84-systeem voor coördinaten.
Assisted-GPS (A-GPS) wordt gebruikt voor het verkrijgen van aanvullende gegevens via een pakketgegevensverbinding, zodat u gemakkelijker de coördinaten van uw huidige locatie kunt berekenen wanneer het apparaat signalen ontvangt van satellieten. Wanneer u A-GPS activeert, ontvangt uw apparaat via het mobiele netwerk nuttige satellietgegevens van een hulpgegevensserver. Met behulp van deze hulpgegevens kan de GPS-positie sneller worden gedetecteerd in het apparaat.
Positionering (GPS) Als u de positie van gevonden satellieten wilt zien, selecteert u Wrg. wzgn. In eerste instantie moet het apparaat signalen van minstens vier satellieten ontvangen om uw locatie te kunnen berekenen. Nadat de eerste berekening is gemaakt, kan uw locatie in sommige gevallen verder met drie satellieten worden berekend. Meestal komt het echter de nauwkeurigheid ten goede als meer satellieten worden gevonden.
● Toevoegen aan categorie — Hiermee kunt u een plaats toevoegen aan een categorie in Plaatsen. Selecteer elke categorie waaraan u de plaats wilt toevoegen. ● Verzenden — Hiermee kunt u een of meerdere plaatsen naar een compatibel apparaat versturen. Plaatsen die u hebt ontvangen worden opgeslagen in de map Inbox in Berichten. U kunt uw plaatsen onderverdelen in vooraf ingestelde categorieën en nieuwe categorieën maken.
Kaarten 13. Kaarten Raadpleeg de Help van Maps voor gebruikerstips. Over Kaarten Selecteer Menu > Kaarten. Met Kaarten kunt u uw huidige locatie op de kaart weergeven, over kaarten schuiven naar verschillende steden en landen, zoeken naar plaatsen, routes tussen locaties plannen, locaties opslaan en naar compatibele apparaten verzenden. U kunt ook verkeersinformatie en navigatiediensten aanschaffen, indien die beschikbaar zijn voor uw land of regio.
Over de kaart schuiven Wanneer de GPS-verbinding actief is, wordt uw huidige locatie met aangegeven op de kaart. Selecteer Opties > Mijn positie om uw huidige of laatste bekende positie weer te geven. Als u over de kaart wilt schuiven, sleept u de kaart. De kaart is standaard naar het noorden gericht.
Kaarten positie als beginpunt wilt gebruiken, voegt u de bestemming aan de route toe. Als u de volgorde van de locaties op de route wilt wijzigen, drukt u op een locatie en selecteert u Verplaatsen. Tik op de plaats waarnaar u de locatie wilt verplaatsen en selecteer Selecteren. Als u de route wilt weergeven op de kaart, selecteert u Route weerg.. Als u met de auto of te voet naar de bestemming wilt navigeren, en u een licentie hebt aangeschaft voor deze diensten, selecteert u Route weerg.
Wanneer u de autonavigatie de eerste keer gebruikt, wordt u verzocht de taal van de gesproken begeleiding te selecteren en de betreffende bestanden voor gesproken begeleiding te downloaden. Als u de taal later wilt wijzigen, selecteert u in de hoofdweergave Opties > Instrumenten > Instellingen > Navigatie > Gesproken begeleiding. Voor voetgangernavigatie is geen gesproken begeleiding beschikbaar.
Connectiviteit apparaat gebruikt in GSM- en 3G-netwerken, kunnen er meerdere gegevensverbindingen tegelijkertijd actief zijn, en toegangspunten kunnen een gegevensverbinding delen. In het 3G-netwerk blijven gegevensverbindingen tijdens spraakoproepen actief. U kunt ook een WLAN-verbinding gebruiken. In één WLAN kan slechts één verbinding tegelijk actief zijn, maar verschillende toepassingen kunnen hetzelfde internettoegangspunt gebruiken. Voor een gegevensverbinding hebt u een toegangspunt nodig.
Draadloos LAN Uw apparaat kan draadloze LAN's (WLAN) opsporen en er verbinding mee maken. Met een WLAN kunt u verbinding maken met internet en compatibele apparaten die WLAN ondersteunen. Over WLAN Als u een draadloze LAN-verbinding (WLAN) wilt gebruiken, moet dit mogelijk zijn op de locatie waar u zich bevindt en moet uw apparaat op het WLAN zijn aangesloten. Bij sommige beveiligde WLAN's hebt u een toegangssleutel van de serviceprovider nodig om verbinding te maken.
Connectiviteit WLAN-wizard Selecteer Menu > Instellingen en Connectiviteit > WLAN. De WLAN-wizard helpt u verbinding maken met een draadloos LAN (WLAN) en uw WLAN-verbindingen beheren. Als WLAN's worden gedetecteerd, en u wilt een internettoegangspunt (IAP) creëren voor een verbinding en de webbrowser starten met dit IAP, selecteert u de verbinding en Browsen starten. Als u een beveiligd WLAN selecteert, wordt u verzocht het betreffende wachtwoord in te voeren.
apparaat naar beschikbare WLAN's moet zoeken en de indicator moet bijwerken. ● Internetverbindingstest — Hiermee geeft u aan of u de internetmogelijkheden van het geselecteerde WLAN automatisch wilt laten testen, elke keer om toestemming wilt vragen of de verbindingstest nooit wilt uitvoeren. Als u Automat. uitvoeren selecteert of de test wilt laten uitvoeren wanneer het apparaat erom vraagt en de verbindingstest is met succes uitgevoerd, wordt het toegangspunt opgeslagen op de internetbestemmingen.
Connectiviteit Als u een gegevensverbinding wilt gebruiken, moet de serviceprovider deze functie ondersteunen en zo nodig activeren op de SIM-kaart. Groepen met toegangspunten maken Selecteer Menu > Instellingen en Connectiviteit > Bestemmingen. In sommige toepassingen kunt u groepen met toegangspunten gebruiken om een netwerkverbinding tot stand te brengen.
● Wachtwoord — Een wachtwoord kan nodig zijn bij het maken van een gegevensverbinding en wordt doorgaans verstrekt door uw serviceprovider. ● Authenticatie — Selecteer Beveiligd als uw wachtwoord altijd gecodeerd moet worden verzonden of selecteer Normaal als uw wachtwoord indien mogelijk gecodeerd moet worden verzonden. ● Homepage — Voer het internetadres of het adres van de multimediaberichtencentrale in, afhankelijk van het toegangspunt dat u instelt.
Connectiviteit De functies WEP, 802.1x en WPA kunnen alleen worden gebruikt als het netwerk deze ondersteunt. ● Homepage — Voer het webadres van de startpagina in. ● Toegangspunt gebruiken — Stel het apparaat zo in dat er automatisch of na bevestiging een verbinding wordt gemaakt met dit toegangspunt. De beschikbare opties kunnen verschillen. Actieve gegevensverbindingen Selecteer Menu > Instellingen en Connectiviteit > Verbind.beheer.
Bluetooth-connectiviteit Bluetooth-connectiviteit Via Bluetooth kunt u een draadloze verbinding tot stand brengen met andere compatibele apparaten, zoals mobiele telefoons, computers, headsets en carkits. Via de verbinding kunt u afbeeldingen, video- en geluidsclips en notities verzenden, bestanden vanaf een compatibele pc kopiëren en afbeeldingen op een compatibele printer afdrukken.
Connectiviteit Beveiligingstips Selecteer Menu > Instellingen en Connectiviteit > Bluetooth. Wanneer u geen Bluetooth-verbinding gebruikt en u wilt bepalen wie uw apparaat kan vinden en ermee kan verbinden, selecteert u Bluetooth > Uit of Waarneemb. telefoon > Verborgen. Als u de Bluetooth-verbinding uitschakelt, heeft dat geen gevolgen voor de andere functies van het apparaat. Maak geen koppelingen met een onbekend apparaat en accepteer hiervan ook geen verbindingsverzoeken.
Stel voordat u de koppeling uitvoert uw wachtwoord in (1 tot 16 cijfers) en spreek met de eigenaar van het andere apparaat af hetzelfde wachtwoord te gebruiken. Bij apparaten zonder gebruikersinterface wordt het wachtwoord gebruikt dat in de fabriek is ingesteld. Het wachtwoord is voor eenmalig gebruik. 1. Als u een apparaat wilt koppelen, selecteert u Opties > Nw gekoppeld apparaat. Apparaten die binnen het bereik vallen worden weergegeven. 2. Selecteer het apparaat en voer het wachtwoord in.
Connectiviteit apparaat (als het nog niet gemarkeerd is) en selecteert u Opties > Verwijderen. Als u de blokkering van alle geblokkeerde apparaten wilt opheffen, selecteert u Opties > Alle verwijderen. Als u een koppelingsverzoek van een ander apparaat wilt weigeren, wordt u gevraagd of u alle toekomstige verbindingsverzoeken van dit apparaat wilt blokkeren. Als u bevestigt dat u deze verzoeken wilt blokkeren, wordt het externe apparaat toegevoegd aan de lijst met geblokkeerde apparaten.
Connectiviteit Selecteer Vragen bij verbinding > Ja als u wilt instellen dat het doel van de verbinding telkens moet worden opgegeven wanneer een compatibele gegevenskabel wordt aangesloten. Als de optie Vragen bij verbinding is uitgeschakeld en u de modus tijdens een actieve verbinding wilt wijzigen, selecteert u USBverbindingsmodus en maakt u een keuze uit de volgende opties: ● PC Suite — Gebruik pc-toepassingen van Nokia, zoals Nokia Ovi Suite en Nokia Software Updater.
Online delen Met de naamcontroledienst voor toegangspunten kunt u packet-gegevensverbindingen beperken en het apparaat zo instellen dat alleen bepaalde toegangspunten voor packet-gegevens worden gebruikt. Deze instelling is alleen beschikbaar als de SIM-kaart de controledienst van het toegangspunt ondersteunt. Als u de controledienst wilt in- of uitschakelen, of als u de toegestane toegangspunten wilt wijzigen, selecteert u Opties en de overeenkomstige optie.
Of de de dienst Online delen beschikbaar is, en zo ja, welke inhoudstypen worden ondersteund, kan verschillen. Abonnementen nemen op diensten Selecteer Menu > Internet > Online delen. Als u zich wilt abonneren op een dienst voor online delen, gaat u naar de website van de serviceprovider om te controleren of uw Nokia-apparaat compatibel is met de dienst. Maak een account aan volgens de instructies op de website. U ontvangt een gebruikersnaam en een wachtwoord.
Nokia Videocentrum Bestanden vanuit de Galerij posten U kunt uw bestanden vanuit Galerij naar een online dienst voor delen posten. 1. Selecteer Menu > Galerij en de bestanden die u wilt posten. 16. Nokia Videocentrum Met Nokia Videocentrum (netwerkdienst) kunt u videoclips via de ether downloaden en streamen vanaf compatibele videodiensten met behulp van packetgegevens of WLAN. U kunt videoclips ook vanaf een compatibele pc naar het apparaat overbrengen en deze in Videocentrum bekijken.
Sommige videoclips kunnen via de ether worden gestreamd, terwijl andere eerst naar uw apparaat moeten worden gedownload. Selecteer Opties > Downloaden om een videoclip te downloaden. Wanneer u de toepassing afsluit, wordt het downloaden op de achtergrond voortgezet. De gedownloade videoclips worden opgeslagen in Mijn video's. Selecteer Opties > Afspelen om een videoclip te streamen of een gedownloade clip te bekijken.
Nokia Videocentrum ● Feeddetails — Hiermee geeft u informatie over een video weer. ● Feed toevoegen — Hiermee abonneert u zich op nieuwe feeds. Selecteer Via videomap als u een feed wilt selecteren uit de diensten in de videomap. ● Feeds vernieuwen — Hiermee vernieuwt u de inhoud van alle feeds. ● Account beheren — Hiermee beheert u uw accountopties voor een bepaalde feed, indien beschikbaar. ● Verplaatsen — Hiermee verplaatst u videoclips naar de gewenste locatie.
2. Selecteer de verbindingsmodus Massaopslag. Er moet een compatibele geheugenkaart in het apparaat zijn geplaatst. 3. Selecteer de videoclips die u vanaf uw pc wilt kopiëren. 4. Breng de videoclips over naar E:\Mijn video's op de geheugenkaart. De overgebrachte videoclips verschijnen in de map Mijn video's in Videocentrum. Videobestanden in andere mappen van uw apparaat worden niet weergegeven.
Webbrowser Als u wilt browsen op het web, moet op uw apparaat een internettoegangspunt zijn geconfigureerd. Tip: Als u de browser wilt openen, drukt u op de mediatoets ( ) om de mediabalk te openen en selecteert u . Op internet surfen Selecteer Menu > Internet > Web. Belangrijk: Maak alleen gebruik van diensten die u vertrouwt en die adequate beveiliging en bescherming bieden tegen schadelijke software.
Browserwerkbalk Met de browserwerkbalk kunt u gemakkelijk vaak gebruikte functies van de browser selecteren. Op de actieve werkbalk kunt u de volgende opties selecteren: Werkbalk uitvouwen — Hiermee breidt u de werkbalk uit om meer werkbalkfuncties te openen. ● Ga naar webadres — Hiermee gaat u naar een nieuw webadres. ● Zoom weergeven — Hiermee zoomt u in of uit op de webpagina.
Webbrowser Widgets Het apparaat ondersteunt widgets. Widgets zijn kleine, te downloaden webtoepassingen die multimedia, nieuwsberichten en andere informatie, zoals weerberichten, op uw apparaat bezorgen. Geïnstalleerde widgets worden als afzonderlijke toepassingen weergegeven in de map Toepassingen. Als u widgets wilt zoeken en downloaden, bezoekt u de Ovi Store op store.ovi.com. U kunt widgets ook op een compatibele geheugenkaart installeren (indien beschikbaar).
Als u het downloaden start, krijgt u een lijst te zien van de lopende en voltooide downloads tijdens de huidige sessie. Selecteer Opties > Downloads als u de lijst wilt wijzigen. Selecteer in de lijst een item en Opties als u een actieve download wilt annuleren of een voltooide download wilt openen, opslaan of wissen. Bookmarks De weergave Bookmarks wordt geopend wanneer u de webtoepassing opent. U kunt webadressen selecteren in een lijst of in een verzameling bookmarks in de map Onlangs bezochte pag..
Zoeken gegevensoverdracht tussen de gateway en de contentaanbieder. Voor sommige diensten, bijvoorbeeld bankieren, is een beveiligingscertificaat vereist. Er verschijnt een melding als de identiteit van de server niet klopt of het juiste beveiligingscertificaat niet op het apparaat aanwezig is. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider.
Als u de standaardzoekprovider wilt wijzigen, selecteert u Opties > Instellingen > Zoekservices. 19. Ovi Store Over Ovi Store In Ovi Store kunt u mobiele spelletjes, toepassingen, video's, afbeeldingen en beltonen downloaden op uw apparaat. Sommige items zijn gratis, andere moet u betalen met uw creditcard of via uw telefoonrekening. Ovi Store biedt u inhoud die compatibel is met het mobiele apparaat en die relevant is voor uw interesses en locatie.
Andere toepassingen Voor sommige items moet u betalen, maar meestal kunt u gratis een voorbeeld bekijken. Neem contact op met uw serviceprovider of de provider van het item voor meer informatie over de kosten. Selecteer Opties > Inhoud vernieuwen om de inhoud van Downloaden! handmatig bij te werken. De dienst Download! wordt geleidelijk vervangen door de dienst Ovi Store. Ovi Store vervangt ook Download! in het hoofdmenu van het apparaat.
Andere toepassingen Selecteer Opties > Instellingen als u de instellingen voor tijd, datum en kloktype wilt wijzigen. Selecteer Automat. tijdaanpassing > Aan om automatisch de datum-, tijd- en tijdzonegegevens op het apparaat te laten bijwerken (netwerkdienst). Als u naar een bepaalde datum wilt gaan, selecteert u Opties > Ga naar datum. Wereldklok ● ● ● ● Als u uw huidige locatie wilt instellen, bladert u naar de desbetreffende locatie en selecteert u Opties > Instlln als huidige locatie.
Andere toepassingen Selecteer Opties > Indelen en de gewenste optie om bestanden en mappen te verplaatsen en te kopiëren of nieuwe mappen in het geheugen te maken. Als u bestanden wilt sorteren, selecteert u Opties > Sorteren op en de gewenste categorie. Geheugenkaart bewerken Selecteer Menu > Toepassngn > Best.beheer. Deze opties zijn alleen beschikbaar als er een compatibele geheugenkaart in het apparaat is geplaatst.
De pictogrammen in Toepassingsbeheer geven het volgende aan: SIS- of SISX-toepassing Java-toepassing widgets Toepassing is op de geheugenkaart geïnstalleerd Belangrijk: Installeer en gebruik alleen toepassingen en andere software van betrouwbare bronnen, zoals toepassingen die Symbian Signed zijn of die de Java Verified-test hebben doorstaan.
Andere toepassingen gedefinieerd is, is het geïnstalleerd in het map Geïnst. toepass. in het hoofdmenu. Selecteer Opties > Logboek bekijken als u wilt weten welke softwarepakketten zijn geïnstalleerd of verwijderd en wanneer dit is gebeurd. Belangrijk: Het apparaat ondersteunt slechts één antivirustoepassing. Het gebruik van meer dan één toepassing met antivirusfunctionaliteit kan een negatieve invloed hebben op de prestaties en werking of ervoor zorgen dat het apparaat het niet meer doet.
Software bijwerken via de lucht Selecteer Menu > Toepassngn > Toep.update. Met Toep.update (netwerkdienst) kunt u controleren of er updates beschikbaar zijn voor de firmware of toepassingen op het apparaat en kunt u ze naar het apparaat downloaden. Bij het downloaden van software-updates worden mogelijk grote hoeveelheden gegevens overgedragen (netwerkdienst). Zorg ervoor dat de batterij van het apparaat voldoende capaciteit heeft of dat de lader is aangesloten voordat u begint met bijwerken.
Andere toepassingen Afspelen — Hiermee speelt u de videoclip of videostream af. ● Verwijderen — Hiermee verwijdert u de videoclip of streamingkoppeling. ● Verwijderen — Hiermee verwijdert u een bestand van de lijst met onlangs afgespeelde bestanden. ● Videoclips afspelen Selecteer Menu > Toepassngn > RealPlayer. Als u een videoclip wilt afspelen, selecteert u Videoclips en een clip.
Met de toepassing Dictafoon kunt u spraakmemo's en telefoongesprekken opnemen. De opnamefunctie kan niet worden gebruikt wanneer er een dataoproep of een GPRS-verbinding actief is. Selecteer om een geluidsclip op te nemen. Selecteer om het opnemen van een geluidsclip te beëindigen. Als u de geluidsclip wilt afluisteren, selecteert u . U kunt de opnamekwaliteit en de opslaglocatie voor uw geluidsclips selecteren door Opties > Instellingen te kiezen.
Instellingen ● Talen — Hiermee kunt u de bron- of doeltaal wijzigen, talen van internet downloaden of een taal uit het woordenboek verwijderen. Het Engels kan niet uit het woordenboek worden verwijderd. Naast het Engels kunnen twee extra talen worden geïnstalleerd. 22. Instellingen Sommige instellingen zijn mogelijk vooraf door de serviceprovider geconfigureerd voor het apparaat. U kunt deze instellingen dan niet wijzigen.
Scherminstellingen Selecteer Menu > Instellingen en Telefoon > Weergave. Maak een keuze uit de volgende opties: ● Lichtsensor — Hiermee past u de gevoeligheid van de lichtsensor van uw apparaat aan. De lichtsensor zet het licht aan wanneer de verlichting van uw locatie zwak is en uit wanneer deze goed is. ● Tekengrootte — Hiermee selecteert u de grootte van de tekst en symbolen in het scherm.
Instellingen Accessoire-instellingen Selecteer Menu > Instellingen en Telefoon > Accessoires. Op sommige connectoren van accessoires wordt aangegeven welke accessoires op het apparaat kunnen worden aangesloten. Selecteer een accessoire en maak een keuze uit de volgende opties: ● Standaardprofiel — Stel in welk profiel u wilt activeren telkens wanneer u een bepaald compatibel accessoire op uw apparaat aansluit.
Als uw netwerk het draadloos bijwerken van software ondersteunt, kunt u mogelijk ook updates via het apparaat aanvragen. Waarschijnlijk ontvangt u serverprofielen en andere configuratieinstellingen van uw serviceproviders en de informatiebeheerafdeling van uw bedrijf. Deze configuratieinstellingen kunnen instellingen voor verbindingen en andere instellingen bevatten die door verschillende toepassingen op uw apparaat worden gebruikt.
Instellingen ● ● ● ● ● ingesteld. De nieuwe code kan uit 4 tot 255 tekens bestaan. U kunt alfanumerieke tekens, hoofdletters en kleine letters gebruiken. Het apparaat geeft een melding als de blokkeringscode niet de juiste opmaak heeft. Houd de nieuwe code geheim en bewaar het op een andere plek dan het apparaat. Per. autom. blokk. telefn — Als u ongeoorloofd gebruik wilt voorkomen, kunt u een time-out instellen waarna het apparaat automatisch wordt vergrendeld.
een verbeterde beveiliging. De aanwezigheid van een certificaat biedt op zichzelf geen enkele bescherming. De beveiliging wordt pas verbeterd als de certificaten correct, authentiek of vertrouwd zijn. Certificaten hebben een beperkte geldigheid. Als wordt aangegeven dat het certificaat is verlopen of dat het nog niet geldig is, terwijl het certificaat geldig zou moeten zijn, controleert u dan of de huidige datum en tijd van het apparaat goed zijn ingesteld.
Instellingen Oorspronkelijke instellingen herstellen Selecteer Menu > Instellingen en Telefoon > Telefoonbeheer > Fabrieksinstell.. U kunt de oorspronkelijke waarden van enkele instellingen herstellen. Hiervoor hebt u de blokkeringscode nodig. Na het opnieuw instellen kan het langer duren voordat het apparaat aan gaat. Documenten en bestanden blijven onveranderd. Beveiligde inhoud Selecteer Menu > Instellingen en Telefoon > Telefoonbeheer > Beveiligingsinst.
Selecteer Stand-by comm. om de stand-by ademverlichting aan of uit te zetten. Wanneer de standby ademverlichting aan staat, licht de menutoets zo nu en dan op. Selecteer Meldingsindicator om het waarschuwingslampje aan of uit te zetten. Wanneer het waarschuwingslampje brandt, licht de menutoets op gedurende de door u gedefinieerde tijd om u op de hoogte te brengen van gemiste gebeurtenissen, zoals gemiste oproepen of ongelezen berichten. Oproepinstellingen Oproepinstellingen Selecteer Menu > Instellingen.
Problemen oplossen geselecteerd, wordt weergegeven in het startscherm. ● Lijn wijzigen — Selecteer deze optie als u lijnselectie (netwerkdienst) wilt voorkomen, als dit door uw SIMkaart wordt ondersteund. U hebt de PIN2-code nodig om deze instelling te wijzigen. Oproepen doorschakelen Selecteer Menu > Instellingen en Bellen > Doorschakelen. Met Doorschakelen kunt u inkomende gesprekken naar uw voicemailbox of een ander telefoonnummer omleiden. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider.
niet (meer) weet, neemt u contact op met de netwerkprovider. Neem contact op met de leverancier van het toegangspunt (bijvoorbeeld de internetserviceprovider of de netwerkprovider) voor informatie over wachtwoorden. V: Hoe sluit ik een toepassing die niet reageert? A: Houd de menutoets ingedrukt. Selecteer het toepassingspictogram en selecteer Afsluiten. V: Waarom zien de afbeeldingen er zo vlekkerig uit? A: Controleer of het afdekvenster van de cameralens schoon is.
Problemen oplossen V: Hoe schakel ik WLAN uit op het Nokiaapparaat? A: WLAN op het Nokia-apparaat wordt uitgeschakeld wanneer u geen verbinding hebt of niet probeert om verbinding te maken met een ander toegangspunt of niet aan het zoeken bent naar beschikbare netwerken. Als u de batterij wilt sparen, kunt u aangeven dat er niet of minder vaak moet worden gezocht naar beschikbare netwerken op de achtergrond. Het WLAN wordt uitgeschakeld tussen scans op de achtergrond.
zo wilt instellen dat alleen een packetgegevensverbinding wordt opgezet als u een toepassing of bewerking start waarvoor een packetgegevensverbinding nodig is, selecteert u Menu > Instellingen en Connectiviteit > Beheerinstell. > Packet-ggvns > Packet-ggvnsverbinding > Wanneer nodig. Schakel als dit niet helpt, het apparaat uit en weer in. V: Kan ik mijn Nokia-apparaat als faxmodem gebruiken met een compatibele pc? A: U kunt het apparaat niet als faxmodem gebruiken.
Groene tips ● Sluit toepassingen, diensten en verbindingen af en schakel ze uit als u ze niet gebruikt.. ● Verminder de helderheid van het scherm. ● Stel het apparaat zo in dat het in de spaarstand overgaat nadat het toestel gedurende een minimumperiode niet is gebruikt, mits dit op uw apparaat mogelijk is. ● Schakel onnodige geluiden uit, waaronder toetsenbord- en beltonen. Meer informatie Meer informatie over de duurzaamheid van uw apparaat vindt u op www.nokia.com/ecodeclaration.
Accessoires Waarschuwing: Gebruik alleen batterijen, opladers en toebehoren die door Nokia zijn goedgekeurd voor gebruik met dit specifieke model. Het gebruik van alle andere typen kan de goedkeuring of garantie doen vervallen en kan gevaarlijk zijn. Met name het gebruik van niet-goedgekeurde laders of batterijen kan het risico met Batterij Informatie over de batterij en de lader Het apparaat werkt op een oplaadbare batterij. De batterij die bedoeld is om in dit apparaat te worden gebruikt, is BL-5J.
Batterij Vermijd extreme temperaturen. Probeer de batterij altijd te bewaren op een temperatuur tussen 15°C en 25°C. Bij extreme temperaturen nemen de capaciteit en levensduur van de batterij af. Een apparaat met een warme of koude batterij kan gedurende bepaalde tijd onbruikbaar zijn. De batterijprestaties zijn met name beperkt in temperaturen beduidend onder het vriespunt. Let op dat u geen kortsluiting veroorzaakt.
De echtheid van het hologram controleren 1. Wanneer u het hologram op het label bekijkt, hoort u vanuit de ene hoek het Nokia-symbool met de handen te zien en vanuit de andere hoek het Nokia Original Enhancements-logo. 2. Wanneer u het hologram onder een hoek naar links, rechts, omlaag en omhoog houdt, hoort u op iedere zijde respectievelijk 1, 2, 3 en 4 stippen te zien. Uw apparaat onderhouden Uw apparaat is een product van toonaangevend ontwerp en vakmanschap en moet met zorg worden behandeld.
Uw apparaat onderhouden ● ● ● ● ● ● ● kan binnen in het apparaat vocht ontstaan, waardoor elektronische schakelingen beschadigd kunnen raken. Probeer het apparaat niet open te maken op een andere manier dan in deze handleiding wordt voorgeschreven. Laat het apparaat niet vallen en stoot of schud niet met het apparaat. Een ruwe behandeling kan de interne elektronische schakelingen en fijne mechaniek beschadigen.
Aanvullende veiligheidsinformatie Kleine kinderen Het apparaat en toebehoren zijn geen speelgoed. Ze kunnen kleine onderdelen bevatten. Houd deze buiten het bereik van kleine kinderen. Gebruiksomgeving Dit apparaat voldoet aan de richtlijnen voor blootstelling aan radiosignalen in de normale positie aan het oor of wanneer het apparaat minstens 1,5 centimeter (5/8 inch) van het lichaam wordt gehouden.
Aanvullende veiligheidsinformatie ● Schakel het draadloze apparaat uit als er enige reden is om te vermoeden dat er een storing plaatsvindt. ● Volg de instructies van de fabrikant van het geïmplanteerde medische apparaat. Als u vragen hebt over het gebruik van het draadloze apparaat wanneer u een geïmplanteerd medisch apparaat hebt, neemt u contact op met uw zorginstelling. Gehoorapparaten Sommige digitale draadloze apparaten kunnen storingen in bepaalde gehoorapparaten veroorzaken.
apparaat in de omgeving daarvan veilig kan worden gebruikt. Alarmnummer kiezen Belangrijk: Dit apparaat maakt gebruik van radiosignalen, draadloze netwerken, kabelnetwerken en door de gebruiker geprogrammeerde functies. Als uw apparaat gesprekken via het internet ondersteunt (netgesprekken), moet u zowel de netgesprekken als de mobiele telefoon activeren. Het apparaat zal proberen alarmnummers te kiezen via zowel het mobiele netwerk als uw internetprovider wanneer beide zijn geactiveerd.
Aanvullende veiligheidsinformatie waarborgen, ongeacht hun leeftijd en gezondheidstoestand. De blootstellingsrichtlijnen voor mobiele apparatuur worden uitgedrukt in de maateenheid SAR (Specific Absorption Rate). De SAR-limiet in de richtlijnen van het ICNIRP is 2,0 W/kg (watt/kilogram) gemiddeld over tien gram lichaamsweefsel. Bij tests voor SAR worden de standaardposities gebruikt, waarbij het apparaat in alle gemeten frequentiebanden het hoogst toegestane energieniveau gebruikt.
Index A aanpassen 54 aanraakscherm 40 accessoires 112 achtergrond 54 afbeeldingen 62 agenda 103 werkbalk 103 A-GPS (assisted GPS) 70 alarm agenda-notitie 103 algemene informatie 18 antennes 25 apparaatupdates 112 apparaat vergrendelen met SMS 28 assisted GPS (A-GPS) 70 audioberichten 47 automatisch bijwerken, datum/ tijd 102 B back-up maken van apparaatgeheugen 103 batterij energie besparen 20 beantwoorden, oproepen 30 beëindigen van alle oproepen, optie 31 berichten e-mail 49 instellingen 52 mappen vo
Index certificaten 114 computerverbindingen 89 Zie ook gegevensverbindingen conferentiegesprekken 31 contacten 43 afbeeldingen in 43 beltonen 44 bewerken 43 kopiëren 45 opslaan 43 spraaklabels 43 standaardgegevens 44 synchroniseren 84 verwijderen 43 verzenden 43 copyrightbescherming 116 E datum en tijd 102, 110 dempen, geluid 30 dienstberichten 49 dienstopdrachten 52 Downloaden! 101 items kopen en downloaden 102 downloads 98 draadloos LAN (WLAN) 79 DRM (Digital Rights Management) 116 duur van oproepen 38
oproepen 117 oproepen blokkeren 118 packet-gegevens 90 podcast 59 positionering 73 scherm 111 SIP 89 taal 110 toegangspunt, naamcontrole 89 toegangspunten 81, 82 toegangspunten voor packetgegevensverbindingen 82 toepassingen 112 tv-out 112 videocentrum 95 video delen 35 WLAN 80, 83 internetverbinding 95 Zie ook browser J Java-toepassingen 104 JME Javatoepassingsondersteuning 104 K kaarten 74 bijwerken 77 bladeren 75 collecties 76 favorieten 76 locaties opslaan 76 locaties verzenden 76 locaties zoeken 7
Index accounts 91 diensten activeren 91 een post creëren 91 posten 92 opname-instellingen in camera 64 opname-modi camera 67 oproepen 29 beantwoorden 30 beperken Zie vaste nummers conferentie 31 duur van 38 gekozen 37 gemist 37 instellingen 117 ontvangen 37 opnieuw bellen 117 opties tijdens 29 video-oproepen 33 weigeren 30 oproeplogboek 38 outbox, bericht 47 Ovi-contacten 45 Ovi Store 101 P packet-gegevensverbindingen instellingen 90 tellers 38 134 toegangspunt, instellingen 82 paginaoverzicht 97 persoo
tekstinvoer 42 thema's 54 tijd en datum 102 toegangscodes 19 toegangspunten 80, 81 groepen 82 toepassingen 104 toepassingen, verwijderen 106 toepassingsbeheer 104 instellingen 106 toepassingsinstellingen 112 toetsen en onderdelen 11 toetsen vergrendelen 14 Tv-configuratie 112 TV Out-modus 63 tweemaal snel achtereen indrukken 16 U UPIN-code 19 UPUK-code 19 USB-kabelverbinding 88 V vaste nummers 46 vegen 16 vergrendelingsschakelaar video weergeven 62 videocentrum downloaden 92 14 mijn video's 94 video's