Operation Manual
©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.
Basisfuncties
41
Basisfuncties
Zoals u in het bovenstaande voorbeeld kunt zien, verandert het woord na elke toets die u indrukt.
Let tijdens het intoetsen dus niet te veel op het woord in het scherm. Hoe het woord uiteindelijk in
het scherm wordt weergegeven, ziet u pas als u het hele woord hebt ingetoetst.
• Als u een teken links van de cursor wilt verwijderen, drukt u op . Als u het scherm wilt wissen,
houdt u deze toets ingedrukt.
• Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u op totdat de juiste
indicator boven in het scherm wordt weergegeven. Zo wordt abc bijvoorbeeld weergegeven als
de modus voor kleine letters is geactiveerd.
• Als u een leesteken wilt intoetsen, drukt u op en vervolgens op totdat het gewenste
teken wordt weergegeven.
• Als u een speciaal teken wilt intoetsen, houdt u even ingedrukt, gaat u naar het gewenste
teken en drukt u op (Gebruiken).
• Als u een cijfer wilt toevoegen, houdt u de gewenste cijfertoets ingedrukt.
Als u meerdere cijfers wilt toevoegen, houdt u ingedrukt en toetst u de cijfers in. Zie stap 3
voor een alternatieve methode.
2. Nadat u het hele woord hebt ingetoetst, controleert u of het woord juist is.
Als het woord juist is: druk op of en toets het volgende woord in.










