Operation Manual

150Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.
Oproepinstellingen
Selecteer Bellen.
Identificatie verz. (netwerkdienst)
Hiermee bepaalt u of uw eigen telefoonnummer wordt weergegeven (Ja) of
niet wordt weergegeven (Nee) op het telefoontoestel van degene die u belt.
Deze optie kan ook zijn ingesteld door uw netwerkoperator of serviceprovider.
Oproep in wachtrij (netwerkdienst)
U wordt gewaarschuwd als er een oproep wordt ontvangen terwijl u aan het
bellen bent. Selecteer Activeren als u de functie Oproep in wachtrij wilt
activeren, Annuleer als u deze functie wilt uitschakelen, of Controleer status
als u wilt nagaan of de functie actief is.
Autom. opn. bellen
Als deze instelling actief is, wordt maximaal tien keer geprobeerd de
verbinding tot stand te brengen. Druk op de eindtoets om deze instelling uit te
schakelen.
Samenvatting na opr.
Activeer deze instelling als u wilt dat na het gesprek even kort de duur van het
gesprek wordt weergegeven.
Snelkeuze
•Als u Aan selecteert, kunt u nummers kiezen door een van de snelkeuzetoetsen
(2 - 9) in te drukken en ingedrukt te houden. Zie Snelkeuzetoetsen toewijzen
op pagina 63.