Operation Manual
Table Of Contents
- Gebruikershandleiding 3210
- Naslaggids
- Voor uw veiligheid
- 1. De telefoon
- 2. Aan de slag
- 3. Algemene functies
- 4. De menu’s gebruiken
- 5. De telefoonlijst gebruiken
- Een naam en telefoonnummer opvragen (menu 1-1)
- Een servicenummer bellen (menu 1-2)
- Een naam en telefoonnummer opslaan (menu 1-3)
- Een naam en telefoonnummer wissen (menu 1-4)
- Een naam en telefoonnummer wijzigen (menu 1-5)
- Een beltoon voor een telefoon- nummer instellen (menu 1-6)
- Een naam en telefoonnummer zenden (menu 1-7)
- Een telefoonnummer toewijzen aan een snelkeuzetoets (menu 1-9)
- Overige telefoonlijstfuncties (Opties - menu 1-8)
- 6. Tekstberichten en spraakberichten
- 7. Oproep-info gebruiken
- 8. De telefooninstellingen aanpassen
- 9. Gesprekken doorschakelen
- 10. Spelletjes
- 11. Calculator en klok
- 12. De beltonen instellen
- 13. SIM-diensten
- 14. Naslaginformatie
- Onderhoud
- Belangrijke veiligheidsinformatie
- Index

42 ã1999 Nokia Mobile Phones. All Rights Reserved.
Woorden intoetsen via tekstinvoer met woordenlijst
Controleer voordat u een bericht intoetst of het symbool
bovenaan het scherm wordt weergegeven. Dit symbool geeft aan
dat u tekstinvoer met woordenlijst gebruikt.
1. Gebruik de toetsen tot en met om een woord in te
toetsen. Druk eenmaal op een toets voor één letter.
Als u bijvoorbeeld het woord 'nokia' wilt intoetsen, drukt u op
. De tekens die u intoetst, worden
onderstreept weergegeven.
Het woord verandert met elke toets die u indrukt. Let dus niet te
veel op de manier waarop het woord tijdens het intoetsen wordt
weergegeven; dit is anders dan het eindresultaat wanneer u alle
gewenste toetsen hebt ingedrukt.
• Als u een teken links van de cursor wilt wissen, drukt u op .
• Als u de lettergrootte wilt wijzigen, drukt u op .
• Als u één cijfer wilt invoegen, houdt u de gewenste cijfertoets
ingedrukt.
Als u verschillende cijfers wilt invoegen, houdt u
ingedrukt en toetst u de cijfers in. U kunt ook op (Opties)
drukken, Nr. invoegen selecteren, het nummer intoetsen en op
(OK) drukken.
• Als u een symbool wilt invoegen, houdt u ingedrukt,
selecteert u het gewenste symbool met of en drukt u
op (Gebruiken).
Alternatief: druk op (Opties) en selecteer Sym.
invoegen. Selecteer het gewenste teken en druk op
(Gebruiken).










