Operation Manual
Basisfuncties
33
Copyright
© 2004 Nokia. All rights reserved.
Gewone tekstinvoer
Controleer of het pictogram linksboven in het scherm wordt weergegeven.
Druk een of meerdere keren op een toets totdat het gewenste teken wordt
weergegeven. Niet alle beschikbare tekens worden op de toetsen weergegeven.
Welke tekens beschikbaar zijn, is afhankelijk van de instelling voor Taal display in
het menu Telefooninstellingen (zie pagina 77).
• Als de volgende letter die u wilt invoeren zich onder dezelfde toets bevindt als
de huidige letter, wacht u tot de cursor verschijnt en toetst u de letter in.
• Als u een leesteken of speciaal teken wilt intoetsen, drukt u op totdat het
teken verschijnt. OF: Druk op , ga naar het gewenste teken en druk op
Kiezen.
Algemene instructies voor het intoetsen van tekst
• Druk op om een spatie in te voegen.
• Druk op een bladertoets om de cursor te verplaatsen.
• Druk op Wis om een teken links van de cursor te verwijderen. Houd Wis
ingedrukt om meerdere tekens te verwijderen.
• Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u op totdat
de juiste indicator, bijvoorbeeld Abc, bovenaan in het display wordt
weergegeven.
• Als u een cijfer wilt toevoegen, houdt u de gewenste cijfertoets ingedrukt. Als u
meerdere cijfers wilt toevoegen, houdt u ingedrukt en toetst u de cijfers in.
Als u door wilt gaan met het invoeren van tekst, houdt u ingedrukt.










